Conflict over verdeling tv-inkomsten 'grote drie'

ZEIST, 20 NOV. Binnen het betaalde voetbal bestaat fel verzet tegen het voornemen van het sectiebestuur om 75 procent van de inkomsten die voortvloeien uit de rechtstreekse tv-uitzendingen van de onderlinge confrontaties tussen Ajax, PSV en Feyenoord, de zogenoemde 'traditionals', ten goede te laten komen aan de directe betrokkenen.

De NOS betaalt voor dit seizoen per live-wedstrijd 250.000 gulden extra aan de KNVB. In het concept-beleidsplan voor de periode 1996-1999, dat het bestuur op 18 oktober presenteerde, wordt voorgesteld 25 procent van de opbrengst beschikbaar te stellen aan de algemene middelen en gelijkelijk te verdelen over alle Betaald Voetbal Organisaties. Het merendeel van de clubs wil dat het volle bedrag beschikbaar komt. Dit bleek afgelopen zaterdag tijdens het informele voorzittersoverleg ter voorbereiding op de najaarsvergadering van komende donderdag.

Het overgrote deel van de clubs heeft als argument dat de 'grote drie' toch al voordelen hebben van de rechtstreekse uitzendingen, zoals extra inkomsten uit bordreclame. Ajax, Feyenoord en PSV vinden dat zij al genoeg financiële middelen ter beschikking moeten stellen voor het algemeen belang en willen zich hard opstellen.

De ongeruste voorzitter betaald voetbal Jos Staatsen meent dat de clubs vooruitlopen op een inkomstenbron waarvan de omvang pas begin volgend jaar duidelijk zal worden. Dan heeft de bond pas inzicht in de opbrengst van de nieuwe mediacontracten; de oude lopen per 1 juli af. Staatsen: “De huid wordt al verkocht voordat de beer is geschoten. Ik hoop dat de clubs donderdag een goede beslissing nemen.”

Michael van Praag, voorzitter van Ajax, denkt dat het op de algemene vergadering niet zo'n vaart zal lopen. Hij kan zich niet voorstellen dat er een schisma zal ontstaan tussen de grote drie en de rest van het betaalde voetbal. “Ik heb zaterdag niet zoveel verzet ontdekt tegen deze regeling. Maar als de clubs dit voorstel tegenhouden, zullen wij onze maatregelen nemen. Dan gaan we de 'traditionals' weer om half drie spelen in plaats van om zes uur. Dat scheelt ons een hoop kosten op gebied van verlichting en veiligheidsmaatregelen.”

De topclubs Ajax, Feyenoord en PSV, die op 30 oktober al een vooroverleg hadden, vinden dat hun belangen onvoldoende worden behartigd in het beleidsplan, terwijl zij voor een groot deel de kurk vormen waarop de bond drijft. Zij hebben het idee geopperd een onderzoeksbureau als McKinsey te laten aangeven hoe de inkomstenbronnen binnen de profsectie het best kunnen worden verdeeld. Zij zijn er ontevreden over dat het bestuur-Staatsen enerzijds toestaat dat de eerste divisie wordt uitgebreid zonder dat er sprake is van enige sanering en anderzijds streeft naar een zo sterk mogelijke competitie, die de aansluiting met de Europese top moet bewerkstelligen.

Feyenoord-voorzitter Jorien van den Herik veegt de vloer aan met het beleidsplan. “Dit stuk is vlees noch vis. Het sectiebestuur wil iedereen tevreden houden. Nieuwe ideeën ontbreken, terwijl ik baanbrekende voorstellen had verwacht. Het lijkt erop dat dit bestuur graag nog bij het EK 2000 in Nederland namens de KNVB op de tribune wil zitten. De bond moet meer dienend en ondersteunend functioneren en op het financiële terrein niet monopolistisch bezig zijn.”

Onbegrip is er bij het merendeel van de clubs voor het voorstel 1/37ste deel van de tv-gelden straks uit te trekken voor de spelers (Stichting Fondsen Betaald Voetballers). De profs menen hierop recht te hebben in het kader van het zogenoemde portretrecht. Het sectiebestuur probeert de Centrale Spelers Raad met dit voorstel mild stemmen omdat het een eind wil maken aan het wrakingsrecht van deze belangengroepering. De CSR kan bepaalde ingrijpende wijzigingsvoorstellen tegenhouden door middel van instemmingsrecht. Het bestuur betaald voetbal wil een nieuwe procedure ontwikkelen en heeft daarmee wèl de steun van de topclubs. Van den Herik: “De CSR kan als 37ste lid van de vergadering een veto uitspreken. Aan deze situatie moet een keer een einde komen. Al moet het sectiebestuur daarvoor naar de burgerrechter.”