Bijnaam

Bij Lelystad is het al te zien en op de weg Utrecht-Amsterdam zie je het vanaf Vinkeveen. Het zwaailicht bovenop de Rembrandttoren aan de Omval in Amsterdam vormt tot in de wijde omtrek van de hoofdstad een baken in de nacht. Een paar maanden zwiept dat licht nu over de stad en telkens bekruipt je een gevoel van opgewonden verrassing als het vanuit weer een ander ver gezichtspunt te zien blijkt te zijn.

Maar ook dichterbij verrast de toren, die met zijn 135 meter de hoogste van het land is. Overdag frappeert de schoonheid van dat toch zo kolossale gebouw. Het zijn het ritme van de repeterende ramen en het evenwicht in de verhoudingen die het gevaarte zo sierlijk maken. Architect Peter de Clercq Zublie heeft zich met het juiste gevoel voor de Nederlandse proporties laten inspireren door de Amerikaanse hoogbouw, waardoor je er nooit op uitgekeken raakt.

's Avonds worden omwonenden verrast door de experimenten met de verlichting van het gebouw. Zolang de toren nog niet wordt bewoond - bouw- en exploitatiemaatschappij Sedijko heeft goede hoop dat tegen het eind van dit jaar de eerste contracten kunnen worden getekend - wordt er gespeeld met de verlichting. Onlangs waren op alle verdiepingen alle lichten aan, een ongeëvenaard schouwspel. Ook met de buitenverlichting, ontworpen door Philips, is geëxperimenteerd. Maar daar is men nu uit: lampen op de begane grond, op de vijfde en de 28ste verdieping zetten het gebouw in een gouden gloed.

En dan is er dat zwaailicht in de top. Het is een subliem idee van De Clercq Zublie om van de door de Rijksluchtvaartdienst voorgeschreven verlichting een vuurtoren te maken. Die zwiepende lichtbundels, vooral bij mist goed zichtbaar, vormen als het ware de rechtvaardiging voor de enorme hoogte van het gebouw. De vuurtoren is een herkenningspunt in de verte, maar ook een geruststelling voor de omwonenden. Die voelen zich beschermd, zonder overigens ooit bewust een dreiging te hebben gevoeld. Geen wonder dat die buurtbewoners, blijkens een Watergraafmeers buurtkrantje, die Rembrandttoren met zijn zwaailicht inmiddels liefkozend de 'Nachtwacht' noemen.