Hoe een asielzoeker uit Nederland verwijderd werd; Platgespoten en ingerekend

De Egyptenaar Rauf Mohamed Kilani Mosilhy leek een kansloze asielzoeker als duizend anderen. Hij had zijn land verlaten op zoek naar een beter leven en is nooit bedreigd door de autoriteiten. Dus werd hij op 27 juli door de marechaussee in Cairo afgeleverd bij de autoriteiten, die hem meteen opsloten. Kon Justitie daarvan weten? Mocht Nederland wel uitwijzen? Sinds wanneer worden tegenstribbelende asielzoekers op Schiphol met injecties gekalmeerd? Aan de grenzen van de rechtsstaat.

Had de Nederlandse overheid moeten weten dat Mosilhys leven gevaar liep? Het ministerie van justitie meent van niet. Justitie houdt nog steeds vast aan de door Egypte gegeven reden voor Mosilhys arrestatie: desertie uit het leger. In antwoord op de vragen van Tweede-Kamerlid Van Oven schrijft staatssecretaris Schmitz: “De heer Mosilhy heeft zich tijdens de behandeling van zijn asielaanvraag in Nederland nimmer beroepen op te verwachten problemen in zijn land van herkomst wegens desertie.”

Desondanks meent hoogleraar Fernhout dat de Nederlandse overheid wel degelijk laakbaar heeft gehandeld. “Nederland wéét hoe men in Egypte met fundamentalisten omgaat. De overheid had dus op zijn minst een onderzoek moeten instellen.” Het ministerie van justitie heeft geweten van Mosilhys angsten: hij heeft diverse keren verklaard te vrezen voor vijftien jaar gevangenisstraf wegens zijn deelname aan de Jihad in Afghanistan. En Rauf Mohamed Kilani Mosilhy zelf? Die is inmiddels 115 dagen spoorloos.