'De Algerijnen zijn nu uit op revanche'

ALGIERS, 18 NOV. Onmiddellijk nadat de officiële uitslag van de verkiezingen was bekendgemaakt heeft de in zijn ambt bevestigde Algerijnse president Liamine Zéroual gisteren over de staatstelevisie het volk vrede, beëindiging van het terrorisme en economische opbloei beloofd. “We hopen dat hij woord houdt, inshallah”, zegt Abdelkadim die ons voor een ritje door Algiers meeneemt. Hij is afkomstig uit het centrum van de stad. Zijn vrouw is gisteren net bevallen, en hij is uitermate tevreden.

Zérouals toespraak vormde het startschot voor een groot volksfeest. Duizenden auto's trokken luid toeterend door Algiers, en al snel zat het verkeer hopeloos vast. Vijftien jongeren zitten in en op een Volkswagen Golf, en uit alle ramen komen armen met revolvers te voorschijn die schoten in de lucht afvuren. Vooral de jeugd viert feest, maar ook hele gezinnen springen in hun auto en rijden met de Algerijnse vlag omhoog door de stad.

De hele dag blijft Algiers een heksenketel, het feestgeraas neemt in de avond alleen maar toe. De hele bevolking lijkt te worden meegezogen in een draaikolk van vreugde. Politie en de soldaten van de speciale legereenheden die voor de verkiezigen waren ingezet, nemen duidelijk het voortouw. Overal waar patrouillewagens met huilende sirenes passeren, juichen de burgers ze toe. “Het is één groot feest”, zegt Abdelkadim.

Maar het oogt allemaal erg agressief. Een soldaat van de presidentiële garde vuurt op een kruispunt bij het Bois de Boulogne vanuit een patrouillewagen met een zwaar machinepistool in de lucht. Jongeren in de buurt juichen hem toe, en dan hangt ook zijn collega met zijn bovenlijf naar buiten om zijn kalasjnikov over de hoofden van de menigte leeg te schieten. “De mensen zijn nu uit op revanche. Samen met politie en leger heroveren wij de stad”, zegt Abdelkadim.

“Iedereen heeft wel een dode in de familie”, voegt hij eraan toe. “De GIA (de zeer gewelddadige Gewapende Islamitische Groep) heeft in juli ook mijn broer vermoord. Ze kwamen om zijn zoon, een politieman, te doden, maar hij was niet thuis en toen hebben ze maar zijn vader vermoord. Hij heeft zich nooit met de politiek ingelaten.” De tranen staan in zijn ogen. “De veiligheidstroepen hebben goed werk geleverd.” De discotheek Le Triangle bevindt zich onder het enorme monument voor de onbekende soldaat en langzaam lopen twee van de drie zalen vol met jongeren. Het is vrijdagnacht, en dus blijft de Club Oriental, waar uitsluitend Arabische muziek wordt gespeeld, dicht.

Maar voor de tsji tsji, jongeren die geld hebben en zich sterk Westers profileren, is de vrijdag een dag als de andere, en de raj-muziek klinkt hier als een zuil van verzet tegen de moslim-extremisten. Zerid Billal en Khaled, twee spelers van het Algerijnse nationale voetbalelftal, komen hier regelmatig, en ook Kamel, 29 jaar oud, met een modieus ringbaardje, is een stamgast.

“Algerije is een opbloeiende roos”, zegt Krismou, de oudste van het groepje. Voor hem is deze dag als de 1ste november 1962, “de nieuwe onafhankelijkheidsdag”. Yasmin ziet er sexy uit, met opvallende make-up en veel juwelen, maar zij is sinds kort werkloos. “Dat zal mij niet verhinderen om uit te gaan. Ik kom hier twee keer per week, voor de muziek en voor mijn vrienden. En vandaag gaan we door het dak, het is feest!”

Net als haar vriendin Iman is ze erg opgelucht dat president Zérouals gematigd fundamentalistische tegenkandidaat sjeik Nahnah het niet heeft gehaald. “Met hem als president kunnen wij onze manier van leven en onze vrijheid wel vergeten. Hij is net zo erg als die twee van het (verboden) FIS”, roept Iman.

Raj-zanger Cheb Hida komt naar ons toe. “Raj en FIS, dat zijn twee onverzoenbare zaken. In 1991 hebben wij hier angst gehad, maar nu kunnen wij weer vrijer ademen.” Normaal kunnen bezoekers die tegen half twaalf binnenkomen er niet voor vier uur 's ochtends uit wegens het uitgaansverbod. Maar vannacht blijven de deuren open. “We drinken straks met zijn allen champagne”, roept Cheb Hida. “Ons krijgen ze er niet onder!”