Sorgdrager wijt frustratie van ambtenaren aan reorganisatie

DEN HAAG, 17 NOV. In de ambtenarenloge van de Tweede Kamer werd gisteren wat onrustig heen en weer geschoven. In het parlement ligt meestal de politieke leiding van een departement onder vuur; de ambtenaren beperken zich gewoonlijk tot het adviseren van de minister.

Bij de begrotingsbehandeling van Justitie richtten de pijlen zich deze week op de ambtelijke top. Zij lekken, maken grove fouten en geven de bewindslieden te weinig of verkeerde informatie. Zo luidde althans de kritiek van een deel van de Kamer.

Met secretaris-generaal J. Suyver was een reeks topambtenaren van Justitie nadrukkelijk in de loge aanwezig tijdens de debatten met de bewindslieden Schmitz en Sorgdrager. Die laatsten hielden zich moeiteloos staande. Dat kon ook gemakkelijk: grote politieke zaken als drugsbeleid, opsporingsmethoden en de reorganisatie van het openbaar ministerie worden pas later behandeld. Voor minister Sorgdrager was deze begrotingsbehandeling een ideale gelegenheid om stoom af te blazen na alle beroering van de afgelopen weken rondom haar persoon.

Een nieuwe start, aan de vooravond van een “cruciaal jaar” voor haar departement. “Het ambt dat de staatssecretaris en ik bekleden is geen rustig bezit”, begon de minister. “Justitie staat voor zware beslissingen en roerige tijden.” Het vertrouwen van de burger in de justitie-keten is “op dit moment niet heel erg groot”, erkende Sorgdrager. Bewindslieden, politiemensen, officieren van justitie, burgemeesters: iedereen zal de handen ineen moeten slaan. Daarbij is “topkwaliteit” op het ministerie “absoluut vereist”. De Kamerleden Sipkes (GroenLinks), Dittrich (D66) en Vos (VVD) vroegen Sorgdrager of dat ook personele gevolgen heeft voor de ambtelijke top. Zij zijn bezorgd. Sorgdrager ook. De kwaliteit van het ondersteunend apparaat “heeft onze zorg en onze aandacht”, sprak de minister.

Eén van de onderwerpen die Sorgdrager al sinds haar aantreden als minister dwarszit is dat vertrouwelijke informatie uit het departement en het openbaar ministerie in de publiciteit komt. Zo lekte recentelijk nog het bericht uit over de gouden handdruk die de minister overeengekomen was met de Amsterdamse procureur-generaal Van Randwijck, op het moment dat deze informatie slechts in zeer selecte kring bekend was.

Enkele maanden daarvoor had Sorgdrager in een brief aan de beheerders van de politiekorpsen geschreven dat het naar buiten brengen van vertrouwelijke informatie moest stoppen. Maar ook die vertrouwelijke brief dook kort daarna in de pers op. “Het is een feit dat een reorganisatie op sommige punten pijn doet en dat mensen hierdoor in frustratie raken”, zei Sorgdrager gisteravond. Wie wordt betrapt zal disciplinair worden gestraft, voegde ze eraan toe.

De parlementaire enquêtecommissie zal vermoedelijk in zijn eindrapport een oordeel vellen over het functioneren van het departement. Of er voor die tijd personele maatregelen worden genomen, wil Sorgdrager niet zeggen. “Voorlopig niet”, zei ze gisteravond na het debat voor de NOS-radio. “Wij zijn ermee bezig te kijken of wij wel topkwaliteit kunnen leveren.”

Overigens vertrekt er binnenkort een topambtenaar. Dezer dagen is de benoeming te verwachten van H. Wooldrik, nu nog directeur politie, als hoofdofficier van justitie in Zutphen. Hij was als beleidsambtenaar nauw betrokken bij de onderwerpen die worden onderzocht door de enquêtecommissie. Wooldrik werd twee keer verhoord.