Rapper Guru hinkt op twee benen

Optreden: Jazzmatazz. Gezien: Paradiso, Amsterdam, 16/11.

Een fusie van jazz en hip-hop, dat is het concept achter Jazzmatazz, dat twee jaar geleden is bedacht door rapper Guru van het hiphopduo Gangstarr. Hij nodigde jazz-muzikanten uit als Donald Byrd, Courtney Pine en Roy Ayers, naast de Engelse zangeressen Carleen Anderson en N'Dea Davenport en de Franse rapper MC Solaar. De cd klonk gelukkig minder steriel dan de ondertitel 'an experimental fusion of hip-hop and jazz' deed vrezen. Het optreden in Amsterdam dat enige tijd later volgde, viel tegen. Terwijl Guru voor de cd bij elk nummer de meest geschikte muzikanten en vocalisten kon zoeken, moest hij het op het podium doen met een kleine groep minder gerenommeerde spelers, wat een saai optreden tot gevolg had.

Hetzelfde probleem speelde gisteravond in Paradiso, toen Guru Jazzmatazz deel twee presenteerde. De cd klinkt subtiel en ontspannen, en is door de onverwachte combinaties verrassend: zo doen deze keer onder meer zangeres Chaka Khan, reggaesterren Ini Kamoze en Patra en saxofonist Branford Marsalis mee. Dezen ontbraken gisteravond, toen Guru werd bijgestaan door een gitarist, een drummer, een dj, een saxofonist, een trompettist (Donald Byrd), een zanger en twee zangeressen.

Ook deze groep wist niet helemaal te overtuigen, al lag dat niet aan de capaciteiten van de muzikanten. Guru hinkte te veel op twee benen. Hij is als rapper gewend het publiek op te hitsen door telkens een reactie te vragen: 'Make some noise', 'Say yo', enzovoorts. Maar als dan flink wat adrenaline opgewekt was en de mensen klaar stonden voor heftige hiphopbeats, zette hij een sfeervol jazzy nummer in, wat als een koude douche werkte. En omgekeerd wekte het bevreemding als een onderkoeld nummer als Loungin verstoord werd door zijn geschreeuw.

Een tweede probleem was dat Guru (een afkorting van Gifted Unlimited Rhymes Universal) te veel als onderwijzer optrad. Hij wilde het publiek respect en een klare kijk op goed en kwaad bijbrengen, wilde dat iedereen besefte dat er veel mis is met de wereld. Het was duidelijk dat hij niet loog toen hij, wijzend op zijn borst, zei dat de teksten hem recht uit het hart kwamen, maar zijn belerende toon begon op een gegeven moment te irriteren. Het omstandig uitleggen waar elk nummer over ging, haalde de vaart eruit en was onnodig, omdat bijvoorbeeld een bezield gebracht liedje als Living In This World, waarin een echo weerklonk van Marvin Gaye's What's Going On, voor zich sprak.

Ook op muzikaal gebied leerde Guru de aanwezigen een lesje. Wie vooral voor de hiphop gekomen was, moest er na een half uur toch aan geloven: het was tijd voor jazz. Dat wilde zeggen dat elke muzikant een langdurige solo mocht doen. Na de gitarist en de saxofonist sloeg de verveling al toe, en toen moesten de anderen nog. Het verplichte karakter deed denken aan lezen voor de boekenlijst. Niet de beste manier om hiphoppers over te halen 'jazzcats' te worden.