Lafontaine werd ondanks schandalen de ster van congres

MANNHEIM, 16 NOV. Oskar Lafontaine, de 52-jarige premier van Saarland, was gisteren de ster van de tweede dag van het SPD-congres geweest. Na zijn soms geëmotioneerde, bijna een uur durende rede over het sociaal-economisch beleid en de Europese politiek waren de 480 gedelegeerden voor het eerst massaal opgestaan, soms zelfs op de stoelen geklommen, voor een lange ovatie. Hun enorme bijval verschilde merkbaar van de in het algemeen koele reacties die Rudolf Scharping, toen nog partijvoorzitter van de Duitse socialisten, op zijn congresrede had gekregen.

Wat ook opviel was dat de 45 stemhebbende bestuursleden op het podium in de Rosengarten geschrokken leken door het retorische geweld van de man die als lijsttrekker in 1990 de Bondsdagverkiezingen tegen kanselier Helmut Kohl verloor. Terwijl de zaal applaudiseerde kwam Scharping pas na een minuut bijna beduusd omhoog om Lafontaine geluk te wensen. Nedersaksens premier Gerhard Schröder, die vorig najaar met zijn concurrenten Scharping en Lafontaine een inmiddels ontbonden trojka vormde, beoordeelde de rede van de Saarlandse premier tamelijk zuinig als “opmerkelijk”, hij prees zijn “economische expertise”.

Het enthousiasme onder Westduitse SPD-gedelegeerden over de rede van Lafontaine, die in Oost-Duitsland minder wordt gewaardeerd, was zó groot dat er gisteravond op een feestavond in de Pfaltzbau, in het nabije Ludwigshafen, van allerlei kanten op werd aangedrongen hem, en niet Scharping, te laten kandideren voor het partijvoorzitterschap. Op zulke wensen wilde Lafontaine toen nog niet ingaan, al kwamen ze wel overeen met uitgelekte pleidooien die hij enkele weken geleden in het partijbestuur hield. Pleidooien namelijk voor een scheiding van de functies van partijvoorzitter, fractieleider en kanselierskandiaat (in 1998), die Scharping nu juist in zijn persoon wilde verenigen.

Franz Muntefering, de beoogde nieuwe politieke manager van de SPD, noemde Lafontaine vanmorgen vroeg nog “een van de grote talenten van de SPD, die in de spits van de partij geïntegreerd moeten worden”. Maar de uit het machtige partijgewest Noordrijn-Westfalen afkomstige Muntefering, die vandaag ook moest worden gekozen, verzekerde dat Scharping op de steun van alle gedelegeerden uit die deelstaat (waaruit een kwart van de stemmen komt) mocht blijven rekenen. Zodat het vanmorgen vroeg nog op leek dat Noordrijn-Westfalens premier Joannes Rau, die in de SPD als grote bemiddelaar en 'kingmaker' geldt, Scharping niet wilde laten vallen.

Lafontaine had gistermiddag een hartstochtelijk pleidooi gehouden voor een moderne Duitse technologische samenleving, waarin industrie en milieubeheer met elkaar worden verbonden en die zich meer op alternatieve energievormen richt. Hij pleitte ook voor meer flexibilisering van arbeidstijden en afspraken over arbeidsvoorwaarden 'op maat' in de bedrijven. Voorts vroeg hij om beperking van begrotingstekorten en de staatsschuld, en meer steun voor het midden- en kleinbedrijf, dat zich in het algemeen door de SPD als verwaarloosd beschouwt.

Over de recente, ook intern gekritiseerde, waarschuwingen uit de SPD-top dat met de Europese Economische en Monetaire Unie (EMU) niet te vroeg moet worden begonnen, namelijk niet vóór de stabiliteit van de Europese munt verzekerd is, zei La Fontaine dat Duitse sociaal-democraten traditioneel internationalistisch en Europees zijn. “Wij zingen niet allereerst het volkslied, maar de Internationale, wij zijn vóór Europa, maar er moet een betere verbinding tussen de politieke en de monetaire unie komen”, zei hij.

Lafontaine is de afgelopen jaren herhaaldelijk in opspraak gekomen. Vroegere contacten met semi-onderwereldfiguren en het 'rosse leven' in Saarbrücken als ook het feit dat hij een tijd lang naast zijn salaris als premier een wachtgeld als vroegere burgemeester van die stad ontving, hebben zijn reputatie geen goed gedaan. Bovendien kende hij de afgelopen jaren een gespannen verhouding met de SPD-fractie in de Bondsdag, die hij verwijt hem in 1990 te hebben gedwarsboomd toen hij kanselierskandidaat was. Maar zijn populariteit in de SPD heeft daaronder kennelijk niet geleden.

Dat kan nog wat gaan betekenen voor de SPD-positie aangaande de inzet van Duitse militairen buiten het NAVO-gebied, bij voorbeeld in Bosnië. Lafontaine is zeer tégen zo'n militaire rol van de Bundeswehr buiten het NAVO-gebied, en hij weet zich daarin gesteund door de linkervleugel van de SPD en min of meer pacifistische groepen in en buiten de partij. Scharping, een groot deel van het partijbestuur en de Bondsdagfractie hebben op dit punt echter al enige tijd voorzichtig naar een ander dan het tot nu toe geldende, afwijzende partijstandpunt gekoerst.