Heel Nederland wil het weiland in

DEN HAAG, 16 NOV. Ondanks alle geklaag over files heeft 43 procent van de directeuren van middelgrote en grote bedrijven in de Randstad voorkeur voor een bedrijvenpark langs de snelweg als vestigingslocatie. Vestiging in de buurt van een treinstation heeft de voorkeur van slechts acht procent van de directeuren.

Dit bleek uit een enquête die in opdracht van de Orde van Nederlandse Raadgevende Ingenieurs (ONRI) is gehouden onder 238 bedrijfsdirecteuren. De resultaten werden gisteren gepresenteerd op het jaarlijkse ONRI-congres.

Gevraagd naar de aspecten van een locatie die doorslaggevend zijn voor de keuze, antwoordde 92 procent bereikbaarheid per auto. Parkeervoorzieningen werden door 88 procent genoemd. Grondprijs, representativiteit van pand en locatie, en bereikbaarheid per openbaar vervoer scoorden lager. Het minst belangrijk vonden de directeuren woonmogelijkheden voor werknemers in de directe omgeving.

“Verontrustend”, noemde J.H.J. Zegering Hadders, directeur algemene zaken van de ING Groep, deze voorkeur in een forumdiscussie op het congres. “Ondernemers willen in een bedrijvenpark langs de snelweg, maar waar hun medewerkers wonen interesseert ze niet.” De voorkeur van de directeuren druist ook in tegen het kabinetsbeleid, dat is gericht op het terugdringen van het autoverkeer. In de Vierde nota ruimtelijke ordening extra, de Vinex, staat dat personeelsintensieve bedrijven zoals kantoren zich bij voorkeur in de buurt van een station moeten vestigen.

In het forum stond de wenselijkheid van een nieuwe, echt grote stad in Nederland ter discussie. Het Tweede-Kamerlid A.Th. Duivesteijn (PvdA) toonde zich hiervan de meest uitgesproken voorstander. Het liefst zou hij het hele gebied tussen Rotterdam, Den Haag en Zoetermeer zodanig volbouwen dat er één grote stad ontstaat. Zegering Hadders zag daar weinig in, gezien de slechte ervaringen met het bouwen van nieuwe steden. Hij noemde met name Almere als afschrikwekkend voorbeeld. “De kunst van de stad is de gezelligheid erin te krijgen.” Liever zou hij een bestaande stad aanwijzen om uit te groeien tot miljoenenmetropool.

In elk geval werd duidelijk dat als het aan de markt ligt zo'n stad er nooit komt. Niet alleen bedrijven zoeken het liefst de ruimte langs de snelweg, ook projectontwikkelaars zetten hun winkelcentra, kantoren en woningen het liefst in het weiland, aldus H. Priemus, hoogleraar volkshuisvesting en directeur van het Onderzoeksintituut voor Technische Bestuurskunde in Delft. “Als je het op zijn beloop laat zullen de afstotende krachten, het weiland in, de overhand krijgen.”

Niemand heeft er moeite mee vast te stellen wat een stad een stad maakt: een bruisend centrum en - in de woorden van architect en stedebouwkundige Ashok Bhalotra - “een plaats waar veel verschillende soorten mensen bij elkaar komen”. Maar zodra er moet worden gebouwd, vergeet iedereen dat. Priemus: “Centrumvoorzieningen zijn van het grootste belang. Maar kijk nu eens naar Leidse Rijn, de grootste Vinexlocatie, waar 30.000 woningen worden gebouwd. Tot nog toe zie je vooral plaatjes van woonwijken, maar geen centrum.”

Duivesteijn liet zich niet uit het veld slaan. “Die winkelcentra buiten de stad vormen over vijftig jaar de nieuwe centra. Kijk maar naar Los Angeles, hoe dat allerlei nieuwe subcentra heeft gekregen vanuit winkelcentra.” Dat het zwaartepunt van steden naar de randen verschuift acht hij niet per se bezwaarlijk. Maar Priemus waarschuwt dat een dergelijke ontwikkeling gemakkelijk gepaard gaat met uitholling van de binnensteden, waardoor er verpauperde en gevaarlijke downtowns overblijven. Door goed bedoelde regelgeving maken we de karakteristieke menging van wonen, werken en uitgaan die binnensteden kenmerkt onmogelijk. Bedrijven zijn vies en cafés maken lawaai, en moeten dus uit woonbuurten weg.

Als je goed openbaar vervoer wilt, refereerde Duivesteijn aan het kabinetsbeleid, moet je bouwen in hoge concentraties en grote aantallen. Daarom is een grote stad nodig. Voor tienduizend woningen in het weiland laten de Nederlandse Spoorwegen geen trein stoppen.