Jeugdstrafrecht

Het artikel 'Puber verkracht kleuter in Almere' (NRC Handelsblad, 3 november), bevat onjuistheden over het nieuwe jeugdstrafrecht dat per 1 september is ingevoerd. De tuchtschoolstraf van maximaal zes maanden is vervangen door jeugddetentie van maximaal een jaar voor jeugdigen onder de zestien en maximaal twee jaar voor jeugdigen boven de zestien jaar. Jeugd-tbr, Buitengewone Behandeling (BB) en strafrechtelijke ondertoezichtstelling (OTS) bestaan niet meer. Er is nu één maatregel, plaatsing In een Jeugdinrichting (PIJ). De rechtbank heeft voor het opleggen van deze maatregel advies van twee gedragskundigen van verschillende disciplines nodig. Er is een maximumduur van zes jaar behandeling, indien er gebrekkige ontwikkeling of ziekelijke stoornis van de geestvermogens is. Om dat vast te stellen moet een van de gedragskundigen psychiater zijn. Bij een 'normale' jeugdige duurt de maatregel tot heropvoeding maximaal vier jaar als het een geweldsdelict betreft. Zo'n maatregel kan dus niet acht jaar duren. Een geheel ontoerekenbare jeugdige verdachte is niet strafbaar. De rechtbank kan dan een PIJ-maatregel opleggen, maar deze niet met straf combineren. De PIJ-maatregel sluit niet aan op de tbs. Na maximaal zes jaar komt elke jeugdige vrij, hoe gevaarlijk of onuitbehandeld men ook is. Het volwassen strafrecht kan wel toegepast worden bij jeugdigen ouder dan zestien jaar. Dan zijn wel langere straffen èn het opleggen van tbs mogelijk.