Ex-leiders DDR voor rechtbank

BONN, 14 NOV. Bijna op de dag af zes jaar nadat de Muur viel is gisteren onder grote belangstelling voor een rechtbank in Berlijn een proces begonnen tegen zes leden van het vroegere DDR-leiding voor het zogenoemde Schiessbefehl aan de Duits-Duitse grens. Volgens een van de aangeklaagden, de inmiddels 58-jarige Egon Krenz - in 1989 kortstondig leider van de in de toenmalige DDR heersende SED - is er sprake van een “duidelijk politiek showproces” dat “in strijd is met het volkenrecht en de Duitse grondwet”.

Volgens Michail Gorbatsjov, president van de Sovjet-Unie ten tijde van de val van Muur, valt de Duitse justitie met het proces “terug tot de praktijken van de Koude Oorlog”.

Het openbaar ministerie heeft na jaren voorbereiding een aanklacht van 1.600 pagina's gepresenteerd. Het heeft zich beperkt tot een aantal geselecteerde gevallen, die model staan voor de verantwoordelijkheid van het SED-Politbüro. Het gaat daarbij om het doden van 47 vluchtelingen aan de Duits-Duitse grens en 24 gevallen van mensen die werden gewond bij vluchtpogingen.

Behalve Krenz staan onder anderen ook terecht: Kurt Hager (83), destijds chef-ideoloog van de SED, Günter Schabowsky (66), destijds hoofdredacteur van het partijblad Neues Deutschland, en de 85-jarige Erich Mückenberger, die de leiding had van de centrale revisiecommissie van de SED. Mückenberger mag wegens zijn slechte gezondheid maar anderhalf uur per dag aan het proces deelnemen.

De zogeheten Republikflucht was in de DDR strafbaar en werd bemoeilijkt door de Muur in Berlijn, zware grensbewaking en een gordel van prikkeldraad, mijnen en automatische schietinstallaties langs de hele Duits-Duitse grens. In het SED-Politbüro was in de jaren zestig het bevel aan de Oostduitse grenspolitie geformuleerd dat op vluchtelingen desnoods gericht moest worden geschoten.

In het verenigde Duitsland is al een flink aantal soldaten/officieren van de vroegere Oostduitse grenspolitie veroordeeld wegens het doden van mensen die de DDR probeerden te ontvluchten. Dat heeft tot heftige discussies geleid over de vraag of met zulke veroordelingen niet de verkeerde, 'kleine' daders zijn gestraft, terwijl de 'grote', echt verantwoordelijken (tot nu toe) ongemoeid bleven.

Begin volgend jaar wordt een tweede arrest verwacht van de hoogste Duitse rechter, het Constitutionele Hof in Karlsruhe, over de vraag of in het verenigde Duitsland vervolging en veroordeling wel mogelijk is voor daden die destijds volgens DDR-recht niet strafbaar waren. Onlangs heeft het Hof in Karlsruhe in een arrest al uitgesproken dat DDR-burgers die voor hun volkenrechtelijk erkende staat spioneerden, juist ook tegen de Bondsrepubliek, daarvoor niet kunnen worden vervolgd. Tenzij zij zich - bij voorbeeld door aan het martelen van gevangenen mee te doen of zoiets op te dragen - ook naar destijds geldend DDR-recht strafbaar zouden hebben gemaakt.

Inzet voor het Openbaar Ministerie is dan ook niet zozeer de vraag of het schietbevel zelf strafbaar was, maar of de leden van het SED-Politbüro hebben nagelaten voor een 'humane' toepassing ervan aan de Duits-Duitse grens te zorgen.

Het proces, waarvan de duur op anderhalf jaar wordt geschat, begon gisteren direct al spectaculair. De verdedigers van Krenz wraakten namelijk de president van de rechtbank, Hans Georg Braütigam, wegens 'bevangenheid', omdat deze in een publikatie het 'stalinisme' en het 'nationaal-socialisme' min of meer had gelijkgesteld. Het gisteren begonnen proces is nu tot volgende maandag opgeschort.