Eerste Kamer schrikt van effect IRT-enquête

DEN HAAG, 14 NOV. De parlementaire enquête naar het gebruik van omstreden politie-methoden in de IRT-affaire heeft veel trekken gekregen van een “openbaar tribunaal”. Getuigen worden steeds meer beschouwd als verdachten in plaats van kennis-overdragers voor de enquête-commissie.

Dat zei vandaag fractievoorzitter L. van Leeuwen (CDA) tijdens de Algemene Beschouwingen over de Miljoenennota in de Eerste Kamer. Van Leeuwen riep kabinet en parlement op “nog eens in grote zorgvuldigheid de betekenis van openbaar parlementair onderzoek” te meten. “Veel mensen volgen de IRT-enquête met kromme tenen. Men vraagt zich af waar het gezag van justitie en politie blijft”, aldus Van Leeuwen.

Ook andere fracties in de Eerste Kamer hebben vandaag zorgen geuit over het verloop van de parlementaire enquête. Fractieleider E. Schuyer (D66) pleitte voor de instelling van een projectmanagement-team onder leiding van de minister van justitie. Dat zou normen voor criminaliteitsbestrijding moeten definiëren en bijdragen aan de adequate controle op politie en justitie.

Volgens fractievoorzitter J. van den Berg (PvdA) maakt de IRT-enquête duidelijk aan welke eisen de 'sociale rechtsstaat' moet voldoen, een term die zijn voorkeur heeft boven 'verzorgingstaat' dat een “iets te hoog pleegzustersgehalte heeft”. De heerschappij van het recht stelt nauwe grenzen aan optreden van de overheid, aldus Van den Berg.

De PvdA-senator uitte tevens zijn zorgen over de terugkeer van 'notoire armoede' in de sociale rechtsstaat. Hij kritiseerde de trend naar een “staatsarmenzorg” waarbij de publieke zorg zich beperkt tot degenen die zichzelf niet kunnen redden. Andere publieke voorzieningen zoals onderwijs en volksgezondheid komen door zo'n beperking van de taken van de overheid op de tocht te staan, aldus Van den Berg. De minister van sociale zaken zou een conferentie van deskundigen en belanghebbenden moeten beleggen om de relatie tussen arbeid en sociale zekerheid opnieuw te definiëren.

D66-senator Schuyer bekritiseerde het hoge aantal handtekeningen (600.000) dat het kabinet voorstelt bij de invoering van het correctief referendum. Schuyer wees erop dat bij lokale referenda veel minder handtekeningen nodig zijn en noemde de keuze van het kabinet derhalve “niet consistent”. PvdA-senator Van den Berg wil eerst een experimentenwet voor raadplegende referenda om gebruik en effect van de volksraadpleging beter op waarde te kunnen schatten.