Acteur Paul Hoes wil uit de geestelijke draaikolk ontsnappen

Acteur Paul Hoes (Tilburg, 1953) speelt als Jimmy Porter in Wrok van John Osborne bij Art & Pro voor het eerst een dragende rol. “Alleen maar woede en rebellie spelen is niet meer van deze tijd,” vindt hij. Osborne schreef Omzien in wrok in 1956 en werd daarmee de exponent van de groep Angry Young Men, die het Britse establishment aanviel.

Wrok van John Osborne door Art & Pro. Tournee t/m 2/12; inl. 020-627 6162.

Acteur Paul Hoes stamt uit een toneelspelersfamilie. Zijn broers en zus zijn aan het toneel. Guus speelde bij de Haagse Comedie en het Eindhovense Globe en Hans, met wie hij nogal eens wordt verward, stond zelf ook in Omzien in wrok bij Fact en speelde in 1983 bij de Haagse Comedie de titelrol in Hamlet. Het was tegen de zin van hun vader dat de kinderen Hoes aan het toneel gingen. Toch vonden ze bij zijn dood in een ladenkast alle recensies die er in het Nieuwsblad van het Zuiden waren verschenen over de acterende kinderen. Dat was voor Paul Hoes een wezenlijk moment: vader was dus niet tegen het toneel.

Nu vervult hij de hoofdrol in Look Back in Anger van John Osborne. Het is een link stuk, dat bij Art & Pro in de regie van Frans Strijards is herdoopt tot Wrok. Paul Hoes wijst op de talloze gevaren die de opvoering van het stuk bedreigen. “Het is opmerkelijk dat ervaren theaterbezoekers en belezen mensen uit de theaterwereld met hooggespannen en heel duidelijk afgebakende verwachtingen naar de voorstelling komen kijken. Ze verlangen terug naar wat ze ooit, eind jaren vijftig en begin jaren zestig, beleefden. Of ze laten zich leiden door de film die ervan gemaakt is. Onze voorstelling heet niet Omzien in wrok maar kortweg Wrok. Wij willen niet terugkijken en geen herhaling brengen van wat het stuk eens betekende, dat kan in 1995 niet meer. We spelen geen jeugdsentiment. De gezapige jaren vijftig waarin het stuk als daad van rebellie ontstond, liggen te ver achter ons. En tegelijkertijd is die tijd zó dichtbij, dat bezoekers er concrete herinneringen aan hebben. En die vinden ze in de voorstelling niet terug; ze moeten meegaan in een gevoelige uitvoering ervan. Dat maakt de voorstelling transparanter.”

Paul Hoes acteert met een mooi evenwicht tussen gevoeligheid en het aloude Osborniaanse verzet, voortkomend uit verbittering. Hij schakelt voortdurend heen en weer tussen de extremen. Naast cynisme en agressie toont hij een opmerkelijke tederheid. Wat Jimmy Porter tegen zijn vrouw Alison zegt, vormt voor hem de sleutel tot zijn rol: het verlangen naar ontspanning. Porter: “Toen we elkaar voor het eerst ontmoetten, zag jij er zo ontspannen uit. Alsof je je geest buiten werking had gesteld. Dat is precies wat ik ook wilde. Maar pas toen we getrouwd waren, ontdekte ik dat er geen sprake was van ontspanning. Als je je wilt ontspannen moet je eerst bloed gezweet hebben.”

Jimmy Porter kan zich niet ontspannen, hij vindt stilstand onverdraaglijk. Telkens wil hij weg, ervandoor, maar waarheen weet hij niet. Zelfs als hij aangeraakt wordt, en dus tot rust wordt gedwongen, reageert hij fel. Die rusteloosheid is de bron van zijn getreiter van de andere personages. En het effect daarvan is wrok.

Paul Hoes: “Ik herken veel van hem in mijn privéleven. De informatie die hij uit kranten tot zich neemt is zo groot, dat hij erin dreigt te verdrinken. Ik kan me dat voorstellen. Hoe moeilijk is het niet om niets te voelen als ik denk aan wat er om mij heen gebeurt. Dat gaat van het kleine in mijn onmiddellijke nabijheid tot zaken uit de grote wereld. Voor mij is acteren onder andere een vorm om uit die geestelijke draaikolk te ontsnappen. Ik kan me van anderen indenken dat ze zich verzetten, dat ze in opstand komen. Het tegendeel, de apathie, kan ik ook begrijpen. Mensen die om zich heen schoppen bezitten een klein hartje. Mijn invalshoek bij het spelen komt voort uit de onmacht iets aan de wereld ten goede te veranderen, en de frustratie daarover. Porter doet niets. Zijn vrouw Alison evenmin. Dat er tussen hen strijd ontstaat, heeft te maken met hun verschillende hartslag.

“Pas wanneer Alison 'bloed heeft gezweet' verandert de houding van Porter ten opzichte van haar. Op een gegeven moment is zij zwanger, maar ze krijgt een miskraam. Als ze weer thuiskomt, heeft ze een kussen onder haar jurk verstopt. Dat is je reinste cynisme, die vrouw heeft dus veel meegemaakt. Pas dan gaan Porters ogen open en vindt hij in haar een bondgenoot, iemand met wie hij zich in al het leed verwant voelt. Ze is dus niet onaangedaan. Op die manier tart Porter haar, want eerder zei hij tegen zijn vrouw: 'Kreeg je maar een kind en het ging dood.' ”

Precies zo gedraagt Porter zich tegen zijn beste vriend Cliff. Hij wil hem aan zich binden en tegelijk verstoot hij hem. Hij zegt: “Ik denk dat ik het aankan dat jij je eigen weg zult gaan.” Meteen daarna: “Je bent voor mij meer waard dan een half dozijn Helena's.” Helena is een toneelspeelster die verliefd is op Jimmy. Paul Hoes: “Wrok gaat eigenlijk over hoe vier mensen zich tot elkaar verhouden, en vervolgens zó verschillend blijken te zijn dat de zaak explodeert. Dat exploderen, het uit elkaar groeien, was tijdens de repetities een moeilijk proces. Ik huil gemakkelijk, ik ben een sentimenteel iemand. Maar op particuliere emoties zit niemand te wachten. Mijn techniek moet ervoor zorgen dat de toeschouwers iets ondergaan, iets beleven. Dat wordt veroorzaakt door beweging, tekstbehandeling, lichaamshouding, mise-en-scène en uiteraard de taal. Voor mij is de emotie in Wrok belangrijker dan het botvieren van een maatschappelijke rebellie. De karakters leven in een klein, hels universum. Ze zijn tot elkaar veroordeeld, verwikkeld in een menselijk drama, en van dat drama is Jimmy Porter de spil.”