Ondernemers willen vrijere handel tussen VS en Europa

ROTTERDAM, 13 NOV. Belemmeringen voor handel en investeringen tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie moeten snel uit de weg worden geruimd. Vooruitlopend op de Europees-Amerikaanse top op drie december in Madrid pleitten ongeveer honderd captains of industry dit weekeinde in Sevilla voor “alle mogelijke maatregelen” om dit doel te bereiken.

De tweedaagse bijeenkomst in Sevilla resulteerde in een uitgebreide lijst aanbevelingen. De topondernemers willen werkgroepen opzetten die tariefsverlagingen in specifieke sectoren gaan bestuderen. Voorts moet een nieuw op te zetten adviescommissie van ondernemers en ambtenaren de harmonisering van wet- en regelgeving scherp gaan volgen.

De top-industriëlen willen dat de onderhandelingen over een gemeenschappelijke standaard in sectoren als elektronica, telecommunicatie en informatica nog dit jaar worden afgerond. Zij benadrukten voorts het belang van wederzijdse acceptatie van wetgeving op het gebied van milieu en veiligheid. Tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie moeten voor het einde van volgend jaar nieuwe akkoorden worden gesloten op het terrein van de informatietechnologie, de toegang tot overheidsgelden voor onderzoek en ontwikkeling en de aanbesteding van publieke projecten. De ondernemers wezen op het belang van een multilateraal akkoord over investeringen en in de slotverklaring van de conferentie wordt krachtig verzet aangetekend tegen eenzijdige handelssancties.

De Europese Commissie en de Amerikaanse regering steunen de transatlatische dialoog. Vertegenwoordigers van beide instanties hebben beloofd op de Europees-Amerikaanse top van drie december aandacht te besteden aan de aanbevelingen van de zakenlieden. Een aantal adviezen wordt opgenomen in een actieplan dat begin december zal worden besproken door president Clinton, de voorzitter van de Europese Commissie Jacques Santer en de Spaanse premier Felippe Gonzales, de huidge voorzitter van de Europese Unie.

Een van de aanwezigen in Sevilla was oud-minister van financiën Onno Ruding, tegenwoordig vice-president van de Amerikaanse bank Citicorp. Volgens Ruding kunnen de VS en de EU niet om de aanbevelingen heen. Gezien de isolationistische houding die Washington tentoonspreidt, was hij echter niet optimistisch gestemd. “Internationale handel heeft in de Verenigde Staten geen hoge prioriteit”, meent Ruding.

Philips-topman Timmer toonde zich daarentegen blij verrast over de flexibele opstelling van de Amerikanen. Volgens Timmer delen ondernemers aan beide zijden van de oceaan gevoelens van frustratie over de enorme hoeveelheid wet- en regelgeving die onnodige belemmeringen opwerpt voor de wederzijdse handelsbetrekkingen.

De Amerikaanse minister van handel, Ron Brown, gaf aan dat de VS Europa ondanks de nauwere banden met Mexico en Azië niet links zullen laten liggen. Hij beloofde in maart volgend jaar een voortgangsraport uit te brengen over de problematiek. De verzamelde ondernemers toonden zich geen voorstander van een transatlantische vrijhandelszone. Peter Sutherland, de vroegere topman van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en voormalig commissaris van de Europese Unie, en thans bestuursvoorzitter van Goldman Sachs International, vindt dat derde landen niet mogen worden achtergesteld. De afspraken die zijn gemaakt in het kader van de WTO moeten volgens Sutherland als leidraad dienen voor de toekomst.