Lubbers kort na 'sollicitatie' in VS al pessimistisch

DEN HAAG, 13 NOV. Kort na zijn sollicatiegesprek in Washington elf dagen geleden heeft oud-premier Lubbers zowel in CDA-kring als op de Katholieke Universiteit Brabant in Tilburg laten weten dat het onderhoud met vertegenwoordigers van de Amerikaanse regering niet goed was verlopen. Hij was met een onbevredigend gevoel van de gesprekken teruggekomen, zo zei hij.

Onduidelijk is of Lubbers dat gevoel uitte nadat de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Christopher twee dagen na de gesprekken, op zaterdagavond, minister Van Mierlo liet weten dat er serieuze problemen waren met de kandidatuur van Lubbers of al eerder. Donderdagavond waren Lubbers en de twee Nederlandse ambassadeurs die bij de gesprekken aanwezig waren volgens Van Mierlo tevreden over het bezoek. De minister concludeerde daaruit dat niets de kandidaatsstelling meer in de weg stond.

Op het ministerie van buitenlandse zaken wilde men vanochtend niet reageren op de vraag of en wanneer Lubbers een pessimisisch verslag over zijn gesprekken in Washington heeft uitgebracht. Minister Van Mierlo is in Rome en na de persconferentie van vrijdag heeft hij “weinig behoefte” om op de zaak terug te komen, aldus een woordvoerder.

Als Lubbers zelf niet tevreden was over het resultaat van zijn gesprekken in Washington blijft de vraag waarom de regering hem één dag later op vrijdag kandidaat heeft gesteld? Ook het offensief dat premier Kok en minister Van Mierlo nog in Jeruzalem na de begrafenis van premier Rabin zijn begonnen en later via de telefoon vanuit Den Haag ondermeer in een gesprek met bondskanselier Kohl hebben voortgezet om de kandidatuur van Lubbers overeind te houden komt daarmee in een ander daglicht te staan.

De twee Nederlandse ambassadeurs, Jacobovits de Szeged uit Washington en Veenendaal van de NAVO in Brussel, die bij de sollicitatie mede aan tafel zaten, hebben uit het feit dat de Amerikanen na afloop van de gesprekken met Lubbers zwegen over de gang van zaken geconcludeerd dat zij met de kandidaat instemden. Nu blijkt dat de leden van de Amerikaanse regering in stilte de gesprekken afwikkelden niet omdat ze de Deense kandidaat Ellemann-Jensen nog moesten ontvangen, maar omdat sommige antwoorden van Lubbers hen niet bevielen en zij hem niet de geschikte kandidaat vonden om de NAVO op dit moment te leiden. Het was deze keer 'wie zwijgt stemt niet in'.

Met name Lubbers' opvattingen over een grotere Europese rol binnen de NAVO viel slecht bij de Amerikanen hoewel dezelfde regering Clinton die mening van NAVO-lidstaten eerder heeft ondersteund als logisch gevolg van de verminderde Amerikaanse militaire aanwezigheid in Europa, zo kan men op Buitenlandse zaken horen. Sommige Amerikaanse gesprekspartners vonden ook Lubbers kennis over de ontwikkelingen in Bosnië niet overtuigend.

Was het niet beter geweest, zo vragen medewerkers van Van Mierlo zich na het echec af, om Lubbers niet naar Washington te laten gaan en de officiële kandidaatsstelling nog wat uit te stellen totdat duidelijker was geworden wat de opvattingen waren op het ministerie van Defensie, de Nationale Veiligheidsraad en bij belangrijke leden van het Congres en wat de aarzelende minister Christopher ècht dacht?