Bevolking reageert kalm op executie Saro-Wiwa

LAGOS, 13 NOV. In Nigeria is kalm gereageerd op de executie, vrijdag, van de radicale Ogoni-activist Ken Saro-Wiwa en acht van zijn medestanders. Alleen in Lagos was er zaterdagmiddag een demonstratie waaraan naar schatting 3.000 mensen deelnamen. De mars werd geleid door Gani Fawehinmi, de advocaat van Saro-Wiwa tijdens diens proces en een vooraanstaande Nigeriaanse activist voor democratisering. Fawehinmi riep de demonstranten op om “met alle middelen verzet te bieden aan de militaire junta” in Nigeria.

Pas vanmorgen heeft het militaire regime de executie van de negen activisten officieel bevestigd. Volgens de juridische adviseur van de 'sterke man' van Nigeria, Sani Abacha, waren de terechtstellingen rechtmatig “omdat ze zijn gebaseerd op vonnissen van een door het wettige gezag ingestelde rechtbank die hen schuldig heeft bevonden aan moord”.

Volgens bronnen in Nigeria hadden de militaire autoriteiten de executies onmiddellijk na de bekrachtiging daarvan door de Voorlopige Regeringsraad (PRC), het hoogste gezagsorgaan in Nigeria, willen uitvoeren maar was er in Port Harcourt, waar de negen activisten in een legerkamp gevangen zaten, daartoe niet voldoende materieel aanwezig. De executies moesten daarom, aldus de bronnen, worden uitgesteld.

Op donderdag werd vervolgens een groep beulen uit Sokoto, in Noord-Nigeria, naar Port Harcourt overgevlogen. Volgens kranten in Lagos werden de negen activisten achtereenvolgens geëxecuteerd. Ken Saro-Wiwa zou als eerste de strop zijn omgelegd. Ettelijke pogingen om de activist te executeren mislukten echter. Pas de vijfde poging was succesvol, aldus de kranten. Tijdens één van de pogingen zou Saro-Wiwa tegen zijn beulen hebben gezegd: “Waarom doen jullie mij dit aan? Wat voor soort land is dit?”

Na de executie werden de stoffelijke resten van de negen, aldus bronnen in Nigeria, overgebracht naar het openbare kerkhof in Port Harcourt. Het kerkhof wordt inmiddels bewaakt door tanks en soldaten. De familie van Saro-Wiwa en zijn medestanders is tot nog toe niet in de gelegenheid gesteld om de stoffelijke resten te bezoeken. (AP, AFP, Reuter)