Vermorzeld door de benen van de vroedvrouw

WILLIAM R. LA FLEUR: Liquid Life. Abortion and Buddhism in Japan

257 blz., Princeton University Press 1995, ƒ 37,30

Het is een beeld dat schrik en angst oproept: de benen van een vrouw die zich spreiden om toekomstig leven binnen te laten, sluiten zich bij de komst van nieuw leven om de pas geborene terstond te vermorzelen. Weliswaar zijn het de benen van de vroedvrouw - en dus niet die van de kraamvrouw - die de moorddadige handeling verrichten, maar dat is slechts een ondergeschikt punt in deze zonderlinge partituur van verwekt worden en sterven. De praktijk was een vorm van geboortenregeling die in Japan werd toegepast in de periode van 1600 tot 1945, zo blijkt uit Liquid life. Abortion and Buddhism in Japan van de Amerikaanse hoogleraar William La Fleur.

Het zou een misverstand zijn te denken dat de schrijver een fervent tegenstander van geboortenregeling is en met deze afschrikwekkende passage daarvan blijk heeft willen geven. Niets is minder waar. Hij wil ermee beklemtonen hoe in Japan de huisgezinnen zelfstandig een vorm van geboortenregeling hebben toegepast, waarbij arbortus en infanticide veel voorkomende methoden waren. Ook in perioden waarin van staatswege het voortbrengen van veel kinderen werd gepropageerd en geboortenbeperking was verboden, werden ze toegepast. Volgens La Fleur bepaalde in Japan het gezin zelf hoeveel kinderen gewenst waren.

In Japan is het gezin altijd een stabiele factor geweest. Het ideaal van ouders is steeds geweest de kinderen zo welvarend mogelijk groot te laten worden en zij pasten hun kindertal aan dit streven aan. Voor de arme groepen op het platteland telde dat eens te meer, want er moest rekening worden gehouden met de hoeveelheid voedsel die zij na afdracht aan hun leenheren voor zichzelf konden overhouden.

Dit boek gaat over de wijze waarop het boeddhisme een bij de nood van de mensen passend antwoord heeft weten te vinden. Het boeddhisme is zoals bekend tegen elke vorm van doden en die opvatting strekt zich ook uit tot het ongeboren kind. Belangrijk is dus hoe de boeddhistische geestelijkheid zich opstelde tegenover hen die deze regels overtraden. We zouden kunnen volstaan met te zeggen dat zij het allemaal oogluikend heeft toegelaten. Maar dat is verre van een afdoende antwoord. Zij heeft er in zekere zin zelfs aan actieve geboortenbeperking meegewerkt door te leren dat, wat anders als schending van het leven moest worden aangemerkt, beschouwd kon worden als een terugkeer naar de Boeddha. Het geloof in reïncarnatie en transmigratie bracht met zich mee dat de foetus en het bij de geboorte dode kind niet als levenloze objecten werden beschouwd waarvan achteloos afstand mocht worden gedaan. Zij behoorden, evenals dat bij de levenden na de dood het geval was, ritueel te worden herdacht.

Schuld en schaamte

La Fleur wijst in zijn boek op de begraafplaats nabij de bekende bronzen Boeddha in Kamakura, een van de bekende bezienswaardigheden niet ver van Tokio.Daar staan vijftigduizend beelden van de heilige Jizo, die als beschermer van de kinderen in hoog aanzien staat. De beelden van oudere en van jongere datum hebben allemaal een rood slabbetje, sommige dragen een muts en een gebreide cape of sweater, een enkele heeft een opgestoken paraplu in de hand en verder hebben ze allerlei kinderspeelgoed zoals poppen bij zich.

Het is diezelfde Jizo die men overal in Japan langs de wegen kan aantreffen. Lafcadio Hearn, de journalist die zich aan het eind van de vorige eeuw blijvend in Japan vestigde en met een bewonderend oog (hij had maar één oog) schreef over alles wat hij in Japan zag, had het daar al over. De boeddhistische priesters toonden, ook al druiste dat in tegen de opvattingen van de staat, begrip voor de dilemma's en de gewetensnood van de mensen die geboortenbeperking toepasten, en verzorgden een bijpassend verzoenend ritueel voor de terugkeer naar de Boeddha. Het viel de schrijver op dat veel echtparen zich naar de begraafplaats begaven om daar te bidden en bloemen neer te leggen.Hij ziet daarin de behoefte van deze mensen om zich te verontschuldigen voor wat is gebeurd.

Verontschuldigen veronderstelt schuld. Het is, sedert het boek van Ruth Benedict The Chrysanthemum and Sword, dat in 1946 uitkwam, gebruikelijk de Japanse cultuur als een schaamtecultuur te beschouwen, tegengesteld aan de met het begrip zonde beladen schuldcultuur van het Westen. Een schaamtecultuur brengt met zich mee dat een dubieuze handeling pas als slecht wordt ervaren als het door anderen opgemerkt wordt. Maar juist omdat abortus en infanticide buiten het zicht van de gemeenschap plaatsvinden, is er van schaamte geen sprake. Wel is er kennelijk een grote behoefte bij de ouders om zich te ontdoen van de schuld die op hen drukt, en daartoe bieden de Jizo-riten een helpende hand. Het gaat niet om een kater die binnen een dag of wat is opgelost, maar om een blijvend gevoel van betrokkenheid met de gedode foetus of de gedode baby. All losses haunt us is een dichtregel van William Empson en die gaat evenzeer op voor de Japanners.

De titel Liquid Life verwijst naar het feit dat de foetussen worden gezien als waterkinderen. Als water de bron van het leven is, is het tevens de substantie waarheen de kinderen kunnen terugkeren en vanwaar ze wederom tot leven kunnen komen. De foetussen zouden zich bevinden in een soort limbo, aan de oevers van de Sai, een denkbeeldige rivier die niet op de kaart terug te vinden is. Het is een verblijf tussen de fysieke wereld van de levenden en de metafysische wereld van de doden. Het Jizo-ritueel ontslaat niet alleen de ouders van schuldgevoelens, maar bewerkt tevens een veilige terugkeer naar deze wereld en als het even kan bij hetzelfde ouderpaar, indien daar plaats voor een kind zou zijn.

Het pleit voor de boeddhistische monniken dat ze een oplossing hebben weten te vinden om tegen de voorschriften van de overheid in hun geloofsgenoten bij te staan. Want voor een staat die meer soldaten en arbeiders wilde, was geboortenbeperking niet toelaatbaar. Nu is het zo dat in het boeddhisme het adagium 'Gaat heen en vermenigvuldigt u' niet geldt. Omdat het boeddhisme zich niet bezighield met vruchtbaarheid en voortplanting moesten de monniken op hun qui vive zijn om de overheid niet de indruk te geven dat zij het verzaken van de wereld propageerden. La Fleur geeft ze voor hun inventiviteit en optreden een pluimpje en dat is mijns inziens terecht.

Commercie

Inmiddels zijn er in Japan moderne tempels verrezen die van deze Jizo-rituelen een winstgevende dienstverlening hebben gemaakt. Daarbij wordt niet geschroomd in te spelen op ouderlijke angsten dat de geest van de foetus of de baby zich op hen zou willen wreken. Dat het boeddhisme geen geesten of zielen kent, is voor de op geld beluste monniken geen bezwaar, ze adverteren zelfs openlijk met hun commercie.

Na de capitulatie van Japan in 1945 is abortus wettelijk toegestaan en wordt het land zelfs een abortus-hemel genoemd. Heftige beroeringen ten aanzien van abortus, zoals die in Amerika van de Pro Life-beweging, hebben zich in Japan nooit voorgedaan, al bestaat er wel enige neo-shinto oppositie tegen. Anti-conceptiemiddelen zijn tegenwoordig overal verkrijgbaar; de pil daarentegen, hoe vreemd dat ook mag klinken, nog altijd niet.