Scheidsrechters gekant tegen amateurstatus

ZEIST, 11 NOV. Scheidsrechters moeten in de toekomst professioneler werken. De vele plannen daarvoor van het internationale arbiterkorps dienen nu eindelijk eens ten uitvoer te worden gebracht. De KNVB organiseerde daartoe gisteren een bijeenkomst met internationale scheidsrechters in Zeist.

Na een paar uur discussiëren kwam de Nederlandse arbiter Mario van der Ende met een simpele conclusie. “In Nederland zijn we op de goede weg.” De Hagenaar doelde hiermee op de werkwijze van de Nederlandse voetbalbond, die in vergelijking met veel andere landen haar scheidsrechters gedegen opleidt. “Maar een goede begeleiding is niet voldoende. Ik zou het liefst full-prof worden”, aldus Van der Ende die in het dagelijks leven leraar is. Op dit moment krijgen de scheidsrechters in de eredivisie per wedstrijd ongeveer duizend gulden.

Ook arbiter Jan Wegereef vindt dat elke dag op het veld in feite een dag misgelopen inkomsten betekent. “Ik heb dan nog het voordeel dat ik free-lance werk. Mario moet als leraar ook rekening houden met de belangen van zijn school. Als je een internationale wedstrijd fluit, ben je minstens drie dagen kwijt.”

KNVB-bestuurder Gerard Bouwer, verantwoordelijk voor de scheidsrechters, onderkent dit probleem. “Daarom willen we semi-professionele arbiters die altijd beschikbaar zijn als we dat vragen. Het komt erop neer dat ze hun maatschappelijke carrière ondergeschikt maken aan hun loopbaan als scheidsrechter.”

Bij de discussies kwam aan het licht dat in landen als België, Schotland, Denemarken en Frankrijk arbiters nauwelijks worden begeleid. Bijna nergens vindt regelmatig contact plaats met de clubcoaches. Ook worden scheidsrechters niet betrokken bij werving en opleiding van nieuwe arbiters. Er zijn zelfs landen waar scheidsrechters niet verplicht zijn te trainen. De KNVB verplicht haar scheidsrechters tot een regelmatige training.

De Franse delegatieleden, pleitbezorgers voor vernieuwing, kwamen met een voorstel voor semi-professionele fluitisten. De scheidsrechters moeten een vast salaris krijgen. Verder moet een arbiter kunnen beschikken over een eigen fysiotherapeut. Tenslotte moet iedere arbiter een officieel contract met de bond krijgen. Naast deze rechten heeft een semi-prof in het Franse voorstel de volgende plichten: vijf halve dagen per week is hij beschikbaar. In die tijd dient een scheidsrechter te trainen, zich tactisch en technisch voor te bereiden, tijd vrij te maken voor de media en medische controles te ondergaan.

De Nederlander Van der Ende houdt vast aan de vergelijkbare plannen van de wereldvoetbalbond. Volgens de FIFA moet elk land een select groepje arbiters full-time in dienst hebben. Zij worden bijgestaan door een aantal semi-professionals. Van der Ende: “Het kan toch niet zo zijn dat je met het huidige professionele voetbal met amateur-arbiters blijft werken? Ik kan met mijn achtergrond als leraar bijvoorbeeld scheidsrechters opleiden. Onder de huidige omstandigheden kun je niet veel van hen vragen. Maar als ik elke dag voor de bond werk, kunnen en moeten ze alles van me eisen.” (ANP)