'Lange Jan' wil desnoods de volleybaltassen sjouwen

Veteraan Jan Posthuma maakt voor de derde keer zijn rentree in het Nederlands volleybalteam. De 2.09 meter lange Fries vertrekt vandaag met de nationale ploeg naar Japan waar over een week het olympisch kwalificatietoernooi begint.

AMSTELVEEN, 11 NOV. De Heintje Davids van de volleybalsport. Jan Posthuma glimlacht minzaam om de vergelijking, haalt zijn schouders op en zegt met een twinkeling in zijn ogen:. “Ik weet niet of Heintje kon volleyballen. Maar serieus, ik heb goed nagedacht over deze terugkeer en sta volledig achter mijn beslissing.” Waarna een bescheiden grijns bezit neemt van zijn gezicht en de Fries temidden van zijn teamgenoten een kop koffie bestelt aan de bar van de Amstelveense sportschool All Sports.

Nauwelijks zes maanden geleden nam Posthuma op eigen verzoek afscheid van het nationale team. Aan het lange en slopende traject in de aanloop naar de Olympische Spelen van Atlanta wilde de 32-jarige stopper zich niet meer wagen. Na 301 interlands vond Posthuma het mooi geweest en zonder een spoor van twijfel zette de veteraan uit Sneek een punt achter zijn imposante loopbaan bij het nationale team.

Ruim 4500 supporters zongen in de Heerenveense ijshockeyhal Thialf het 'Jantje bedankt' en na de eerste set van de oefeninterland tegen olympisch kampioen Brazilië kreeg de lange blokkeerder uit handen van staatssecretaris Erica Terpstra (sport) de erepenning opgespeld waarmee hij zich voortaan Ridder in de Orde van Oranje Nassau mocht noemen. Lange Jan was plotseling Ridder Jan.

“Op dat moment was mijn afscheid definitief, ook al dachten sommigen daar anders over. Ik heb er dan ook geen spijt van, want ik had echt niet verwacht dat Joop (bondscoach Alberda) opnieuw een beroep op mij zou doen. Het Europees kampioenschap heb ik niet met gemengde gevoelens gevolgd. Ik heb het niet gemist. Het was over totdat Joop belde”, aldus Posthuma die vandaag met de nationale ploeg naar Japan vertrekt waar over een week het olympisch kwalificatietoernooi begint.

Twee maanden geleden, vlak na de Europese titelstrijd in Griekenland, vroeg Alberda hem zijn besluit in heroverweging te nemen. Volgens de bondscoach zijn de verdedigende kwaliteiten van de routinier als centrale blokkeerder aan het net nog altijd van grote waarde. Posthuma nam een week bedenktijd en stemde uiteindelijk in met een come-back in de ploeg onder leiding van de coach met wie hij altijd een speciale band heeft onderhouden. “Dat heeft inderdaad een rol gespeeld bij mijn besluit. Joop en ik voelen elkaar aan.”

Datzelfde geldt voor Posthuma's relatie met provinciegenoot Olof van der Meulen. Het Friese duo was onafscheidelijk, pendelde voor de centrale trainingen samen op en neer tussen Sneek en Amstelveen en Posthuma ontfermde zich als een vaderfiguur over de jonge aanvaller. Tijdens het EK bekende Van der Meulen zijn metgezel van weleer en mede-sfeermaker te missen. “Voor Olof was het ook even wennen. Plotseling was hij alleen, omdat ook Ronald Zoodsma ontbrak. Maar hij kan gerust zijn nu.”

Het is niet de eerste keer dat Posthuma zijn rentree in de nationale ploeg maakt. In '89 ondertekende hij als eerste van de internationals een profcontract in Italië en verkoos hij het clubvolleybal bij Montichiari boven zijn interlandcarrière bij Oranje. Drie jaar later keerde hij terug in de selectie, maar na het zilver in Barcelona haakte hij opnieuw af om twee jaar later weer zijn opwachting te maken. “Ach, dat is sport. Pas als je het fysiek niet meer aankan is het definitief voorbij.”

Posthuma voelt zich allerminst oud of versleten. Deze zomer keerde hij terug bij zijn oude liefde, het Italiaanse Gabeca Montichiari. Woensdag speelde hij nog een competitiewedstrijd met zijn werkgever in de Serie A1. “Aan wedstrijdritme ontbreekt het me dus niet. Daarom is de overgang naar het drukke programma van het nationale team niet groot. Ik kan het aan, al moet ik de tassen sjouwen.”

Voorlopig kijkt Posthuma niet verder dan het komende olympische plaatsingstoernooi waarin Nederland in een veld van twaalf bij de bovenste drie moet eindigen om zich te verzekeren van deelname aan de Spelen. Zinspelen op Atlanta' als definitief sluitstuk van zijn loopbaan wil hij niet. “Eerst Japan. Daarna zien we wel weer verder.”