Conservatorium Tilburg gaat opleiden voor de musical

TILBURG, 11 NOV. De musicalwereld in Nederland kan tegen de eeuwwisseling een jaarlijkse lichting jong talent tegemoet zien. Het Brabants Conservatorium in Tilburg is in september begonnen met een vierjarige opleiding Muziektheater met de bedoeling all-round musicalsterren af te leveren, die uitblinken in zang, dans én acteerwerk. Het is de eerste opleiding in Nederland in deze vorm.

Niet bekend

De Dansacademie Brabant, die net als het conservatorium deel uitmaakt van de Faculteit der Kunsten in Tilburg, was al in 1992 begonnen met de opleiding 'musical' voor dansers. Pinkse: “Maar in de beroepswereld bestaat niet alleen behoefte aan dansers die ook kunnen zingen, maar vooral aan zangers die ook kunnen dansen en acteren.”

De selectie voor de opleiding Muziektheater is zwaar. Dit jaar zijn uit twintig kandidaten vijf leerlingen toegelaten. Een te korte achillespees kan een aspirant-musicalster al fataal worden, want dan kan er niet naar behoren worden gedanst. Pinkse: “Sommigen zijn afgevallen die het 's ochtends bij de auditie uitstekend deden in de danstraining en het acteren, maar die 's middags niet goed genoeg bleken te kunnen zingen. Andersom waren er ook die niet zo goed toneel leken te spelen, maar in combinatie met zang ineens wel tot goede acteerprestaties in staat bleken.” Opvallend vindt Pinkse het verschil tussen de musicalkandidaten en de zangers die tot nu toe de populatie van het conservatorium uitmaakten. “Musicalzangers zijn extraverter en hebben meer een houding van 'hier ben ik'. De meeste klassieke zangers moet je bijna het podium opduwen, musicalzangers staan er al voor je het gevraagd hebt, die moet je eerder afremmen”.

Het accent in de opleiding ligt op zang, toegespitst op het musicalrepertoire. Het tweede hoofdvak is danstraining. Daarnaast staan praktische vakken als stemvorming, chorus repertoire, drama en theatertechniek en algemene vakken waaronder solfège, muziek- en cultuurgeschiedenis op het programma. De opleiding wordt nadrukkelijk Muziektheater genoemd, omdat leerlingen klaargestoomd worden voor alle vormen van muziektheater, waaronder ook tv-shows.

De lessen worden deels gegeven door bestaande docenten van het conservatorium en de dansacademie, maar er worden ook nieuwe leerkrachten aangetrokken. Coördinator en docent choruszang is Bas Groenenberg, die al verbonden was aan de musicalafdeling van de vakgroep dans en zelf verscheidene rollen in Nederlandse musicals heeft gespeeld. “Het moeilijkste in dit vak is de combinatie van zang, dans en acteren, je moet snel van het een naar het ander kunnen schieten. Als je zingt adem je lager dan wanneer je danst. Je merkt dat dansers bij het zingen in ademnood komen. Als er straks mensen komen die alle drie disciplines goed beheersen, geeft dat zeker een meerwaarde aan musicalprodukties. Nu neemt men in de praktijk vaak met minder genoegen. Er worden zangers voor rollen aangenomen omdat ze zo'n mooie stem hebben. Dat ze niet zo goed bewegen neemt men op de koop toe. ”

De lessen worden dit jaar nog gegeven in een noodhuisvesting, het voormalig nonnenklooster Cenakel aan de rand van Tilburg, dat verouderd is en ongeschikt voor het huidige doel. Volgend cursusjaar echter verhuist de faculteit naar een fonkelnieuw onderkomen, een ontwerp van architect Jo Coenen. Het wordt gebouwd in de binnenstad naast de schouwburg, en zal een grote en een kleine theater- en concertzaal krijgen.

Volgens Pinkse is er voldoende emplooi voor degenen die de eindstreep halen, ook gezien de uitbreidingsplannen van Van der Ende en de groeiende belangstelling voor musical. “Men kijkt reikhalzend uit naar mensen die het vak beheersen. Op dit moment draaien er vier of vijf musicals tegelijk en de zalen zitten vol.”