Nachtvorst

Maatstaf 1995/7. De Arbeiderspers, 80 blz. ƒ 22,50.

In de nieuwe Maatstaf tronen Rudy Kousbroek en Multatuli beiden op een bedje van gramschap en jaloezie. Jeroen Brouwers, die deze week de Franse Prix Fémina Etranger kreeg voor de vertaling van zijn roman Bezonken Rood, kreeg van de redactie de gelegenheid om, naar aanleiding van Kousbroeks 'In Memoriam W.F. Hermans' nog eens flink uit te halen naar de essayist die hem, Brouwers, ervan beschuldigd heeft ontoelaatbare leugens te hebben verteld over de Jappenkampen. Het niveau wordt er met de jaren niet hoger op. Brouwers: 'Betekent Kousbroek 'werkelijk iets' 'als filosoof'? Geen moer. Lucht komma lucht. (-) Dergelijke 'esseejs' publiceerde Kousbroek nu en dan ook over filosofie: een eigen gedachte zat er nooit in, het was allemaal kundig naverteld en bevatte soms wat snoeverige commentaartjes die een beetje nachtvorst niet overleefden. Hij maakte er populariserende papjes van, kennis, inzicht en eruditie pretenderend die hij niet bezat, arrogant van toon, gelijkhebberig van teneur. Precies goed voor het Cultureel Supplement van NRC Handelsblad dus, uit de kolommen waarvan Hermans werd verdreven door de respectloze domheid van lullepijp Reinjan Mulder.' Brouwers beschuldigt, als de overbekende pot de ketel, Kousbroek tenslotte (was dat maar waar) van 'amper nog te behappen rancune en verterende jaloezie'.

Multatulibiograaf Hans van Straten reageert zwaar gepikeerd op de negatieve recensies die zijn boek Multatuli, van blanke radja tot bedelman ten deel vielen. Een samenzwering, geleid door 'mummelend baasje' Hugo Brandt Corstius en diens 'boezemvriend' Hans van den Bergh oordeelt Van Straten, die tussen de woedende regels door toch nog een paar punten van kritiek weet te weerleggen. Zijn zo ongunstig besproken Multatulibiografie is wél, naast Hazeu's Slauerhoffbiografie en Van der Plas' boek over Alberdingk Thijm, genomineerd voor de Dordtse biografieprijs, die in de Week van de Biografie op 15 december zal worden toegekend.