Geuzennaam

Tegen de parlementaire enquêtecommissie liet D66-fractievoorzitter G.J. Wolffensperger onlangs het begrip 'Geuzennaam' vallen (NRC Handelsblad, 8 november).

Wolffensperger verscheen voor de commissie als voormalig justitiewoordvoerder van zijn fractie. Het begrip 'Geuzennaam' dook op in verband met de kritiek die Wolffensperger in de vorige kabinetsperiode uitte op toenmalig minister van justitie Hirsch Ballin. De minister zou volgens Wolffensperger teveel aandacht besteden aan de wetgeving en te weinig aan de 'apparaatszorg', waarmee hij de versterking van de politie, het openbaar ministerie en het gevangeniswezen bedoelde. Om die regelmatige kritiek noemde oud-premier Lubbers de D66-fractie ooit: “een remmer in vaste dienst”. Die typering beschouwde Wolffensperger als een 'Geuzennaam'. Zou Wolffensperger voortaan de 'Geuzennaam' niet meer aan hem zelf of aan zijn fractie willen ophangen. Want bij het 'Geuzen-begrip' hoort vrijheid en openheid in tegenstelling tot het gesloten houden van zaken. Immers het geheime gedeelte van het rapport van de commissie-Wierenga heeft hij nog altijd niet gelezen. Terwijl hij als fractieleider inzage heeft in die geheime stukken. Wolffensperger zei onlangs: “Daar heb ik het te druk voor en ik heb ook nooit zo de behoefte gevoeld die nu te lezen”, (NRC Handelsblad, 8 november). De parlementaire enquêtecommissie is al weken bezig dit geheime gedeelte in handen te krijgen. Wil de politiek geloofwaardig blijven dan moet ook een geheim rapport voor een parlementaire enquêtecommissie toegankelijk zijn. Hier zou een 'Geuzen-taak' voor Wolffensperger zijn weggelegd, maar nee: hij heeft het te druk en voelt niet de behoefte om de geheime stukken te lezen.