'Op elektronische snelweg is breed aanbod cruciaal'

DEN HAAG, 9 NOV. Een aantrekkelijk en breed aanbod van diensten is cruciaal voor het welslagen van de elektronische snelweg.

Deze diensten moeten via eenvoudige zoeksystemen, vergelijkbaar met de Gouden Gids, toegankelijk zijn. Anders zullen onvoldoende consumenten de nieuwe elektronische diensten gaan gebruiken om de benodigde miljardeninvesteringen terug te verdienen.

Die conclusie trekt een werkgroep van achttien ondernemers onder voorzitterschap van minister Wijers (economische zaken) in het rapport 'Visie op versnellen', dat het departement gisteren uitbracht. De werkgroep, met deelnemers uit de bedrijfstakken media, telecommunicatie en informatietechnologie, is eerder dit jaar op initiatief van Wijers ingesteld. Doel ervan is de ontwikkeling van “een grootschalige omgeving voor elektronische dienstverlening” te versnellen.

Het verschijnsel van elektronische snelwegen heeft modieuze trekjes, erkende Wijers gisteren tijdens een toelichting op het Kabelcongres in Den Haag, maar hij ziet tegelijk concrete initiatieven die het uit economisch oogpunt tot een belangrijke ontwikkeling maken. In zijn ogen, en in die van het kabinet, moet Nederland de ambitie hebben in Europa een koppositie in te nemen bij de vorming en exploitatie van elektronische snelwegen.

De knelpunten hierbij zijn echter nog velerlei, schetste de minister. Potentiële aanbieders aarzelen met de ontwikkeling van diensten zolang er onzekerheid bestaat over de media met behulp waarvan die diensten worden aangeboden. Technische standaarden zijn nog volop in ontwikkeling en het marktgedrag is onvoorspelbaar.

Uitgangspunt is dat de ontwikkeling van netten, of dat nu telefoonlijnen, tv-kabels of satellietverbindingen zijn, en diensten hand in hand gaan, aldus de werkgroep. “Door de ontwikkeling van infrastructuur en diensten parallel te schakelen valt het kip-ei-probleem te omzeilen”, aldus Wijers.

Het 'plan van aanpak' dat de werkgroep voorstelt richt zich op drie terreinen. Wijers noemde de uitbouw van kabel-tv-netwerken tot een nationale infrastructuur voor interactieve diensten, acties om innovatie in diensten te versnellen en het zoeken naar oplossingen voor problemen die het niveau van individuele bedrijven overstijgen. Als voorbeelden van dit laatste noemde de minister een open, betrouwbaar systeem voor elektronisch betalingsverkeer, consumentenbescherming, intellectuele eigendom en beveiliging van gegevens.

De elektronische snelweg, aldus de werkgroep, richt zich in Nederland met name op de consument. Binnen enkele jaren kan 70 procent van de huishoudens er toegang toe krijgen. Een kwart ervan zal beschikken over apparatuur waarmee daadwerkelijk gebruik kan worden gemaakt van de diensten als amusement-op-bestelling (films, spelletjes), thuiswinkelen en tele-leren.

Voor de ontwikkeling van een geschikte elektronische infrastructuur bepleitte Wijers de vorming van een consortium van kabel- en telecombedrijven. Die zouden een gemeenschappelijke standaard moeten hanteren voor randapparatuur, om te voorkomen dat consument allerlei soorten decoders of set-top-boxen moeten aanschaffen om via pc of televisie specifieke diensten van een netwerk te betrekken. Voor aanbieders van diensten heeft die gewenste uniformering het voordeel dat ze één open toegang krijgen tot de Nederlandse kabelnetten, waardoor het gemakkelijker wordt de massamarkt aan te boren.

Niet alleen aan de kant van de aanbieders van infrastructuur zei Wijers op samenwerking te rekenen. Ook de aanbieders van diensten zouden om de tafel moeten gaan zitten om gezamenlijk een breed en veelzijdig pakket diensten samen te stellen. Economische Zaken entameert hiervoor een 'platform' waar leveranciers van diensten ervaringen kunnen uitwisselen en onderling initiatieven kunnen afstemmen. Wijers heeft voormalig ING-voorzitter W. Scherpenhuijsen Rom bereid gevonden om bedrijven te benaderen voor deelname aan het consortium en aan het platform van dienstenaanbieders. Eind 1995 zijn de deelnemers bekend.

De samenstellers van 'Visie op versnellen' onderkennen dat een trigger-applicatie voor de elektronische snelweg ontbreekt; alleen door de optelsom van verschillende diensten zullen consumenten deelnemen. Wel is de aanwezigheid van voldoende amusement van groot belang, aldus de werkgroep. “Een onvoldoende aanbod van vermaak is het belangrijkste knelpunt.”

Dat amusement via interactieve netwerken goed kan worden verkocht, vertelde op het Kabelcongres Dennis O'Neill, bij de Amerikaanse telecom-reus AT&T verantwoordelijk voor ontwikkeling van nieuwe diensten. Een recente proef in Orlando, Florida, waarbij particulieren via het kabelnet films konden bestellen uit een bestand van 1400 titels, bleek aan te slaan. Voor de filmmaatschappijen leverde dat overigens niets extra's op. De huurders bekeken er geen film meer door. Wel waardeerden ze het dat ze niet meer naar de videotheek hoefden en dat de film die ze wilden zien altijd voorradig was.