Museum in Kuip Disneyland voor voetballiefhebbers

ROTTERDAM, 9 NOV. Waarom komen meeuwen tegen het einde van een wedstrijd in de herfst altijd in zwermen op de voetbalvelden af? De Winkler Prins geeft er geen antwoord op en de Encyclopaedia Britannica evenmin. In het voetbalmuseum van Feyenoord, dat morgenmiddag door Ronald Koeman wordt geopend, doet Fred Blankemeijer, oud-eerste elftalspeler uit de jaren vijftig en tegenwoordig senior manager van het voetbalbedrijf, het aan de hand van veeljarige ondervinding deskundig uit te doeken. “Als de velden in het zestienmeter gebied na een zware wedstrijd zijn stukgespeeld, komen in het najaar de meeuwen op de omgewoelde grond af. Ze worden niet aangetrokken door de bal maar door de wormen die dan de grond uitkruipen. Meestal blijven de meeuwen wel uit de buurt van het veld zolang de wedstrijd nog aan de gang is, maar dan zwermen ze al lang voor het einde erboven. De meeuw die zich te dicht bij de grond waagt, loopt het risico dat ie door de bal wordt geraakt.”

bpZo verging het de meeuw die 27 november 1970 tijdens een wedstrijd tussen Sparta en Feyenoord op het Kasteel door de bal werd getroffen en dood ter aarde stortte. De vogel, die door een uittrap van Feyenoord-doelman Eddie Treytel neergehaald werd, heet in opgezette vorm al meer dan dertig jaar 'de meeuw van Treytel' maar sinds deze week heeft ze museumstatus.

xpDe meeuw van Treytel deelt die eer met 'het brilletje van Joop van Daele', de suppoostenpet van Ton van Duinhoven, een blauw fluwelen vaantje van het vorige week verslagen Everton, de voetbalschoenen van Wim Jansen (uit het WK-elftal van 1974) en een prehistorische veterbal die nog in de eerste jaren van het betaalde voetbal dienst heeft gedaan. Met een lijdend gezicht maakt Blankemeijer aanschouwelijk dat op natte velden niet de bal maar de veter de vijand van de spelers was. “Wie een veterbal kopte die zwaar was geworden van het water, liep de hele week met de striemen van de veter op zijn voorhoofd.”

Het mocht geen museum heten omdat dat woord te stoffig werd bevonden en daarom werd het Home of History - naar analogie van de Amerikaanse Halls of Fame -, maar voor de liefhebber zal het weinig uitmaken. De Home of History die het nieuwe Maasgebouw van het Stadion Feyenoord sinds deze week rijk is, is niet meer dan een opgewaardeerde, sexyer benaming voor een voetbalmuseum, maar een museum is het. Het is met raffinement en met de nieuwste audiovisuele snufjes ingericht. Een van de ruimtes heeft de vorm van 'De Kuip' (met zitplaatsen uit het oorspronkelijke stadion en nagebouwde fragmenten van de karaktistieke stalen draagspanten).

De bezoeker komt het museum binnen door een 'spelerstunnel' waarin lichtbeelden aanspringen zodra men er in stapt. In de hoofdruimte is de geschiedenis van de stadionclub met oude en moderne visuele middelen uitgebeeld: met illustere trofeeën als Europa Cup, Wereldbeker en Zilveren Bal (een ietwat gebutst Art Deco-juweel dat ook eens in Boymans-Van Beuningen zou moeten staan) en met technisch geavanceerde videopanelen die de bezoekers met een lichte aanraking van het scherm zelf kunnen bedienen.

Het museum is een Disneyland voor de voetballiefhebber, maar ook een troostrijk bezinningsoord waarin de Feyenoordaanhanger even zijn tegenwoordige miserabele lot kan vergeten. Hij kan er zijn hart ophalen aan een hartversterkend verleden dat, met aftrek van de uitzonderingen, een aaneenschakeling van successen is. En zelfs die uitzonderingen zijn geenszins weggemoffeld: men krijgt ook de dure miskopen te zien die in de succesvolle jaren van de club en onder beter bestuur bij bosjes werden binnengehaald. Evenals de fouten van een beklagenswaardige voorganger van Ed de Goey uit de jaren vijftig die tegen het nietige NOAD vier keer misgreep en Feyenoord (met Schouten, Bouwmeester en Moulijn) een nederlaag bezorgde die even beschamend was als de afgang van Koeman c.s. afgelopen zondag tegen Sparta.

Jan Linssen zou het voetbalmuseum openen, maar de 82-jarige oud-linksbuiten, die meer dan twintig jaar in het eerste van Feyenoord speelde, is vorige week overleden. Ter ere van hem had het stadionmuseum dinsdagmiddag al een ruimte ingericht met foto's van Linssen. Enkele uren daarvoor was de witte lijkwagen waarin Linssen naar het crematorium werd gebracht, vertrokken van de middenstip van het stadionveld. Het laatste eerbewijs van Feyenoord aan de op een na laatste veteraan uit het elftal dat in 1937 de openingswedstrijd in het nieuwe stadion speelde.