De Ronde Venen gaat 'op de schop'

ROTTERDAM, 9 NOV. Een groot meer en 1.800 hectare nieuwe natuur in het Groene Hart. Dit zijn onderdelen van een omvangrijk ontwikkelingsplan dat de gemeente De Ronde Venen vandaag presenteerde.

Dat er een plan in de maak was werd reeds enkele weken geleden op het eerste zogeheten Groene-Hartgesprek aangekondigd door de burgemeester van De Ronde Venen, D.M. Boogaard (CDA). De gemeente heeft Riek Bakker, bekend van de stedelijke plannen de Kop van Zuid in Rotterdam en de Leidsche Rijn in Utrecht, in de arm genomen om de blauwdruk te ontwikkelen.

In het plan, dat in conceptvorm gereed is, poogt de gemeente de wensen van het Rijk, zoals vastgelegd in de Vierde Nota Ruimtelijke Ordening Extra (Vinex), de provincie, vastgelegd in het streekplan, en de gemeente zelf te integreren. “We hebben er veel aan gedaan om draagvlak te creëren”, aldus gemeentesecretaris E.G. Gaarlandt.

Het plan betekent dan ook nogal wat. “Tien jaar lang gaat de gemeente totaal op de schop”, schat Gaarlandt. Er is in totaal meer dan vierhonderd miljoen gulden mee gemoeid. De kosten zouden voor een deel moeten worden opgebracht door fondsen van de ministeries van VROM en landbouw, natuurbeheer en visserij.

De steun van de bevolking is nodig, omdat er ook controversiële aspecten in het plan zitten. Zo denkt men voor de natuurontwikkeling vooral aan moeras-achtig landschap, waartoe het laaggelegen veengebied zich bij uitstek leent. Voor de poldervorming in de Middeleeuwen was het eveneens drassig gebied. Gaarlandt: “Boeren zijn daar natuurlijk helemaal niet zo blij mee. Je krijgt muggen, dat is lastig. Daarom willen we eerst eens een paar kleine proefprojecten uitvoeren met riet en Franse koeien.”

Ook controversieel, maar dan niet zozeer binnen de gemeente als wel op het ministerie van VROM, is woningbouw. Minister De Boer wil woningbouw in het Groene Hart zo veel mogelijk beperken, maar De Ronde Venen willen graag 1.500 woningen bouwen. Gaarlandt: “Dat kan ook op uiterst verantwoorde wijze, denken wij. Maar we willen niet gaan discussiëren over aantallen, maar over mooi en lelijk.”

Hoewel natuurontwikkeling en woningbouw het meest in het oog springen, omvat het plan een samenhangende visie op de ontwikkeling van de gemeente: ook werkgelegenheid, landbouw, recreatie en verkeer komen aan bod.