'Zuid-Afrika is na de apartheid een veel beter land geworden'; 'De verzoening is een plantje dat verzorging nodig heeft'; 'Ik heb de degradatie tot vice-president verwerkt'

De Zuidafrikaanse vice-president F.W. DE KLERK komt zondag in Nederland aan voor een bezoek van vier dagen. Daarna reist hij naar Londen en Dublin. Vraaggesprek met de man die het aandurfde de deur open te zetten voor de zwarte meerderheid.

PRETORIA, 8 NOV. Het lot van de hervormer is een verhuizing van een paar honderd meter. Frederik Willem de Klerk is een tree gedaald in de rangorde van de statige Uniegebouwen, de regeringszetel in Pretoria. Het kantoor van de staatspresident moest hij vorig jaar ontruimen voor Nelson Mandela. Als vice-president zetelt 'F.W.', zoals hij in de wandeling wordt genoemd, nu in de oostelijke vleugel waar vroeger een gewone minister zat. “Ik heb het verwerkt”, zegt De Klerk.

De degradatie is het gevolg van de hervormingen die De Klerk zelf in gang zette. In zijn beroemde toespraak op 2 februari 1990 deed de leider van de Nationale Partij wat geen van zijn voorgangers had aangedurfd: hij stond de zwarte bevrijdingsbewegingen toe te opereren op Zuidafrikaans grondgebied, liet Nelson Mandela vrij en opende de onderhandelingen over de overgang van apartheid naar democratie. Het gevolg is de politieke overheersing van het ANC op alle fronten, vorige week nog eens bevestigd in de gemeenteraadsverkiezingen.

De Klerk probeert voorafgaand aan zijn reis naar Europa de jongste crisis in Zuid-Afrika te bezweren, de crisis die 'de generaalskwestie' is gaan heten. Oud-minister van defensie Magnus Malan, de havik van de Nationale Partij in de jaren tachtig, en tien hoge officieren werden vorige week gearresteerd op verdenking van betrokkenheid bij een van de vele bloedbaden in de provincie KwaZulu/Natal, in 1987. Er vielen dertien doden, onder wie zeven kinderen.

De Klerk eist vrijwaring van vervolging voor de oud-dienaren van het apartheidsbewind, net zoals hoge ANC'ers hebben gekregen. De rechtszaak loopt vooruit op het werk van de Commissie voor Waarheid en Verzoening (de Waarheidscommissie), die over een paar maanden moet beginnen met een onderzoek naar de politieke misdaden van alle partijen tijdens de apartheidsjaren. De commissie kan amnestie verlenen aan personen die hun daden opbiechten. Het verleden bepaalt, zoals vaker, het heden in de Zuidafrikaanse politiek.

U heeft altijd gewaarschuwd voor een 'heksenjacht' in Zuid-Afrika. Is dit het begin ervan?

“Wat nu gebeurt kan een heksenjacht stimuleren. Ik heb geen gronden te beweren dat er politieke druk op de procureur-generaal was om de aanklachten te formuleren. Maar ik begrijp dat mensen achterdochtig zijn over de tijdsberekening. Het is de opdracht van de Waarheidscommissie om het conflict van het verleden zo te hanteren dat het verzoening zal bevorderen. De Grondwet bepaalt dat alle Zuidafrikanen, ongeacht aan welke kant ze hebben gevochten, recht hebben op amnestie. Als de Waarheidscommissie die opdracht uitvoert, zal het voorkomen dat talloze vervolgingen worden ingesteld van leden van het ANC, de vorige veiligheidsmachten, Inkatha en het PAC.”

U heeft vrijwaring van vervolging gevraagd voor oud-minister Malan en de tien legerofficieren. President Mandela heeft dat geweigerd. Wat betekent dat voor de regering van nationale eenheid?

“Het gesprek is nog niet afgerond. Ik heb gesprekken gevoerd met president Mandela, met vice-president Mbeki en ministers van het ANC en de Nationale Partij. We zullen deze week verder praten. Ik heb te allen tijde beklemtoond dat het er mij niet om gaat me te mengen in deze specifieke rechtszaak. Wat mij hindert is dat deze en andere rechtszaken worden gevoerd aan de vooravond van de aanstelling van de Waarheidscommissie. Er is een hele lijst van hoge ANC'ers die tijdelijke vrijwaring hebben gekregen en tegen wie zulke zaken dus niet kunnen worden gevoerd. Ik dring aan op het beginsel van gelijke behandeling van alle politieke ambtsbekleders, bevelvoerders en leden van veiligheidsmachten van alle kanten. Het lijkt nu alsof zich een tendens ontwikkelt om voor de Waarheidscommissie begint met haar werkzaamheden snel een paar mensen te vervolgen. Als dat selectief gebeurt, alleen met zekere deelnemers van het conflict van het verleden, is dat verkeerd en totaal onaanvaardbaar.”

Is de strategie achter deze vervolging niet juist om Malan en de generaals te dwingen om naar de Waarheidscommissie te gaan?

“Ik ben in samenwerking met de generaals al bezig om namens de vorige regering een voordracht aan de Waarheidscommissie op te stellen, waarin we van plan zijn een reeks feiten neer te leggen en een weergave van regeringszijde te geven van het conflict van het verleden. Het is dus niet nodig om iemand te dwingen. We zullen onze samenwerking aan de Waarheidscommissie geven.”

Deze gang van zaken toont wel dat de verzoening geen feit is geworden met de totstandkoming van democratie. Zuid-Afrika is nog lang niet zover.

“Ik heb nooit beweerd dat de verzoening is voltooid. De verzoening is een tenger plantje dat verzorgd moet worden. Als het te veel water krijgt kan het gemakkelijk verdrinken. Als het te veel zon krijgt, kan het verdrogen. Ons optreden moet er steeds op gericht zijn om de tentatieve verzoening waarmee we zo mooi zijn weggekomen permanent te maken en te verankeren.”

De oud-generaal van politie Johan van der Merwe heeft gezegd dat de regering met vuur speelt en de loyaliteit van de veiligheidsmachten kan verliezen. Ziet u dat gevaar ook?

“Ik acht het niet waarschijnlijk. Het leger en de politie hebben altijd het hervormingsproces gesteund. Zonder hen zouden we nu niet al twee vreedzame verkiezingen hebben gehad. Ik denk wel dat deze zaak rechtse elementen buiten de veiligheidsmachten opnieuw kan mobiliseren. Hun invloed en optreden is de afgelopen twee jaar geneutraliseerd, zodat het helemaal geen factor meer is. Ik ben bezorgd dat het weer een factor kan worden door wat nu gebeurt.

Mijn eerste reactie was: de aanklacht tegen generaal Malan en twee oud-generaals van het leger, die groot aanzien genieten bij een breed deel van de bevolking, heeft het potentieel om polarisatie te veroorzaken en verzoening in het gedrang te brengen. Dit soort optreden heeft een geweldig demotiverend effect op leden van die veiligheidsmachten. Zij voelen zich bedreigd, onwelkom. Zij voelen dat hun loyaliteit in twijfel wordt getrokken. Dat kan niet goed zijn voor het land.''

De ANC-minister van politie heeft gezegd: het politie-onderzoek gaat door en wij zullen iedereen arresteren tegen wie bewijzen worden gevonden, zelfs als het vice-president De Klerk is of Inkatha-leider Buthelezi.

“Ek verloor nie een oogwink se slaap daaroor nie. Mijn geweten is schoon, mijn handen zijn schoon en ik schrik werkelijk niet van zulke dreigementen. Ik aanvaard overkoepelende politieke verantwoordelijkheid voor het beleid dat destijds is uitgevoerd en voor besluiten en daden die krachtens dat beleid zijn gedaan, en die een redelijke interpretatie van dat beleid waren. Met andere woorden: wij deinzen niet terug voor onze verantwoordelijkheid.

Een regering is verantwoordelijk voor wat haar veiligheidsmachten doen. Wat ik niet vraag van een generaal of een minister is om verantwoordelijkheid te aanvaarden wanneer een soldaat of een sergeant buiten het beleid om en zonder opdracht gruwelijke misdaden heeft gepleegd. Het beleid was nooit om gruwelijke misdaden te plegen. Dat onderscheid moeten we duidelijk trekken: ik en andere regeringsleden en de generaals aanvaarden gezamenlijk verantwoordelijkheid voor beleidsbesluiten die we hebben genomen om de opstand te bestrijden.

Wij traden op tegen terrorisme, tegen een organisatie waarvan de leden bommen op openbare plaatsen hebben geplant, onschuldige vrouwen en kinderen hebben gedood en mede-zwarte Zuidafrikaners gruwelijk hebben vermoord met de halssnoer-methode (een autoband gevuld met benzine om de nek aansteken, zodat het slachtoffer verbrandt, red.). Wij zijn opgetreden tegen bewegingen die een wettig erkende staat met geweld en ontwrichting omver wilden werpen. Dat soort optreden gaat gepaard met buitengewone acties, in elk land ter wereld. Er zijn ongeschreven internationale regels over wat toelaatbaar is in zulke situaties. Dat houdt niet in sluipmoord en dergelijke daden, die ik en andere besluitnemers niet hebben gemachtigd, niet ondersteund en waarvan we niet hebben geweten. Daar distantiëren we ons van.''

Vindt u het nu werkelijk van dezelfde morele orde als iemand misdaden pleegt namens een systeem, de apartheid, dat door de hele wereld is veroordeeld, of namens een beweging die tot doel heeft dat systeem omver te werpen?

“In onze nieuwe grondwet en de Wet op de Waarheidscommissie staat dat het op dezelfde manier moet worden beoordeeld. Ik geloof niet dat de daad van iemand die vrouwen en kinderen vermoordde om apartheid omver te werpen meer aanvaardbaar was dan van iemand die vrouwen en kinderen vermoordde om de opstand te onderdrukken. Moord is moord en moord is onaanvaardbaar in iedere beschaafde gemeenschap. En overigens zijn de daden van terrorisme voortgegaan, lang nadat de Nationale Partij haar apartheidsbeleid had laten varen. Zelfs nadat het ANC en het PAC waren gelegaliseerd en de onderhandelingen waren begonnen - toen dat excuus er niet meer was.”

U bent de afgelopen weken heftig aangevallen door het ANC, binnen en buiten het parlement. Uw collega-vice-president Thabo Mbeki noemde u op een verkiezingsbijeenkomst een 'kaaskop'. Wat steekt daar achter? Wil het ANC u of uw partij kwijt?

“Ik heb het werkelijk beneden mijn waardigheid geacht om te reageren op Mbeki's spotternij. De Nationale Partij is de sterkste politieke anti-ANC-beweging. Wij zetten het ANC onder druk. De aanvallen op mij bewijzen dat het ANC daar niet goed tegen kan. Ik zou het verkiezen als het op basis van argumenten ging, in plaats van mij persoonlijk aan te vallen. Ik denk dat het niet bedoeld is om ons uit de regering te drijven, maar om ons te intimideren. Dat zal niet lukken. Wij zijn verantwoordelijk met onze kritiek, omdat we deel uitmaken van de regering van nationale eenheid. Wij kritiseren geen beleid waarmee we hebben ingestemd. Wij kritiseren uitvoering of niet-uitvoering door individuele ANC-ministers die niet effectief zijn, en ANC-beleid dat tegengesteld is aan de compromissen die in de regering zijn gesloten.”

Is uw relatie met president Mandela verbeterd of verslechterd sinds u samen in de regering zit?

(Glimlacht) “Veranderd. Onze verhouding is nu wezenlijk anders: voor de verkiezing was ik de president en hij de leider van een politieke beweging. Nu is hij de president en ik een wettig verkozen vice-president - niet door hem aangesteld. We zijn leiders van politieke bewegingen die elkaar zien als hoofdopponenten. Het doel van onze verhouding was destijds om de verkiezingen succesvol te laten plaatshebben en om de grondwet in te voeren. Nu moeten we over elke zaak in het land standpunten innemen. Dat brengt uiteraard met zich mee dat we vaak van mening verschillen. In die zin is onze verhouding meer confronterend.”

Vindt u hem een goede opvolger?

“Ik weersta nog altijd de verzoeking om een openbare evaluatie te doen. Ik speel liever de bal dan de man. Ik heb ernstige kritiek, maar die kan ik binnen de regering uitspreken. Ik heb ook grote waardering, ik vind dat hij het heel goed doet in zijn pogingen om nasiebou te bevorderen.”

In het buitenland ziet men de conflicten tussen u en president Mandela, de opschudding over de vervolging van de generaals, het geweldige misdaadniveau - men ziet polarisatie. Hoe kan u potentiële investeerders in Europa straks toch het vertrouwen geven dat Zuid-Afrika een stabiel land is?

“Ik draag het vertrouwen uit dat we de grote kernproblemen die we nog moeten oplossen, zullen oplossen. Ik heb vertrouwen in het stelsel dat we hebben gevestigd en de mechanismen die we hebben ingebouwd om conflicten te besturen. En ik weet dat de overgrote meerderheid van alle Zuidafrikanen gelooft dat we moeten samenwerken.

Men moet niet van Zuid-Afrika verwachten perfecter te zijn dan andere landen in de wereld. Ook in Nederland en andere gevestigde democratieën is soms bittere confrontatie tussen leidende politici. Waarom zou Zuid-Afrika niet hetzelfde doormaken?''

Is Zuid-Afrika nu een beter land geworden?

“Ja. We zijn vrij, we zijn terug in de internationale gemeenschap, we hebben waarden in de grondwet ingeschreven die gelijk zijn aan de waardensystemen van beschaafde landen die mensenrechten respecteren. Zuid-Afrika is een veel beter land geworden. Als een van de mede-architecten daarvan ben ik heel trots op wat we hebben bereikt.”