Nederlandse kolonie in Londense city versterkt

ROTTERDAM, 8 NOV. Een drieeenheid brengt hen samen: de City, de deal en een uitgesproken hekel aan hun bijnaam: de Dutch mafia. In het financiële centrum Londen zijn meer Nederlandse topbankiers actief in de effectenhandel, financiële adviezen over aandelenemissies en privatiseringen en de lucratieve bemiddeling bij fusies en overnames dan in Nederland zelf, zo lijkt het wel.

Gistermiddag scheen het Oranje zonnetje weer boven Broadgate, het uitgestrekte kantorencomplex waar veel buitenlandse banken hun tenten hebben opgeslagen. Hans de Gier (50), een van de topmannen van de Zwitserse bankengigant Swiss Bank Corp (SBC), neemt de leiding over van de zakenbank SBC Warburg (10.000 werknemers). Vice-chairman is een andere Nederlander: Herman van der Wijck.

De Giers promotie hangt samen met een hele serie benoemingen in de hoogste echelons van Swiss Bank, waarbij Marcel Ospel, nu nummer één in Londen naar Bazel vertrekt om bestuursvoorzitter te worden. SBC Warburg werd enkele maanden geleden gevormd na de overname van de prestigieuze S.G. Warburg, de bank die dankzij oprichter Sigmund Warburg meer dan dertig jaar geleden aan de wieg stond van grensoverschrijdende Europese kapitaalmarkttransacties. Na de overname door SBC is Warburg samengevoegd met de Londense zakenbankdochter van de Zwitserse bank en vertrok een vijftigtal directeuren en analisten, vooral naar concurrent Deutsche Bank Morgan Grenfell. “De uitstroom is inmiddels gestaakt”, zegt De Gier. “De missie van SBC Warburg is nu om de fusie te laten werken.”

Nederlanders zijn prominent vertegenwoordigd in de City. Morgan Stanley, de Amerikaanse zakenbank die net de verkoop van KPN-aandelen op Wall Street leidde, heeft 'Bibo' Voûte. Goldman Sachs, de financiële adviseur van KPN bij de privatisering, heeft Pieter-Maarten Feenstra. “Vroeger was er een Dutch mafia”, erkent De Gier. “Dat is voorbij. Ik ben toevallig Nederlander. Wellicht heb ik Swiss Bank destijds heel goed leren kennen omdat ik iets meer gevoel heb voor de Zwitserse mentaliteit.”

Nederlanders in de City hadden - en hebben - in één opzicht een achterstand: hun thuismarkt is klein. Duitsland en Frankrijk zijn landen met veel meer potentiële klanten voor financiële deals. Nederlanders zijn daarentegen van oudsher internationaler, hun koopmanschap sluit aan bij de handelsgeest op de financiële markten, hun Engels is een tweede moedertaal en hun afkomst uit een klein land is voor niemand bedreigend.

Van der Wijck en De Gier, de eerste Nederlander die de toppositie bij een van de grote internationale zakenbanken krijgt, kwamen nog in de eerste golf in de loop van de jaren zeventig in Londen aan. Hun tak van sport was effectenhandel en financieel advieswerk voor grote bedrijven en overheden.

In dat strijdperk was - en is - Nederland provinciaal. Wie het echte werk wilde, ging naar Londen. Typerend is dat voor hun zaken geen goed Nederlands woord bestaat. Britten noemen het merchant banking, investment banking zeggen de Amerikanen. Investment banking is als een Mexicaans leger, mogen de beoefenaren graag zeggen: veel generaals, weinig manschappen. De organisaties zijn plat, en die structuur wijkt af van de meer hierarchische verhoudingen die continentaal Europese banken traditioneel koesteren. “Wij zijn niet erg hiërarchisch, wel erg gedisciplineerd”, zei De Gier een paar maanden geleden in een interview. De tweede golf van financiële landverhuizers kwam op gang toen de markten voor aandelen en obligaties in de loop van de jaren tachtig van steeds meer regels werden ontdaan en het zakenvolume explodeerde. Londen vestigde zijn positie als het Europese financiële centrum bij uitstek, de onmisbare scharnier tussen het in Londen beheerde beleggerskapitaal en de bedrijven en overheden op het continent die geld nodig hebben. Zo hebben de Britse zakenbanken een ijzersterke positie opgebouwd bij het regelen van privatiseringen. Ook de Nederlandse overheid laat zich op dit punt graag adviseren door de oer-Britse zakenbank N.M. Rothschild.

De explosieve groei van de financiële markten in de jaren tachtig maakte de aantrekkingskracht van Londen enorm. De Amerikaanse geldgiganten penetreerden op de hen karakteristieke wijze de markt: rumoerig, expansief en met een welgevulde geldbuidel. De dagen zijn steeds langer geworden. “Tegenwoordig zijn ook de top dogs 's ochtends al op kantoor. Dat was twintig jaar geleden wel anders”, zegt een Hollander die al twee decennia in de City actief is. Londen zit 's ochtends in de Europese tijdzone, 's middags en 's avonds in de Amerikaanse.

Nu spoelt de derde golf over Londen. Kapitaalkrachtige Europese banken als ABN Amro (Hoarde Govett), ING (Barings), Deutsche Bank en Swiss Bank sloegen al hun slag.