Kamer bezorgd over positie van Rusland

DEN HAAG, 8 NOV. De Tweede Kamer is bezorgd dat Westeuropese regeringen waaronder Nederland Rusland te veel in de steek laten. Een meerderheid van de Tweede Kamer wil dat uitbreiding van de NAVO niet ten koste gaat van de verhoudingen met Rusland. VVD, D66 en CDA zijn van mening dat het in de toekomst om veiligheid mét de Russen gaat en niet tegen de Russen.

Dit bleek gisteravond tijdens de begrotingsbehandeling van Buitenlandse Zaken in de Tweede Kamer. Alleen de PvdA is van mening dat er haast is geboden bij uitbreiding van de NAVO in oostelijke richting (Polen, Hongarije, Tsjechië). Valk (PvdA): “Als dit proces stokt, dreigt een terugval in vooroorlogse patronen met alle gevaren van ontwrichting.” Van den Doel (VVD): “Midden- en Oosteuropese landen moeten zich niet blind staren op lidmaatschap van de NAVO. De verdere intensivering van de veiligheidspolitieke en militaire samenwerking in Europa is net zo van belang.” Van den Bos (D66): “We zeggen dat Rusland geen vijand meer is maar tegen wie moeten de beoogde nieuwe lidstaten van de NAVO dan wel verdedigd worden?”

E. van Middelkoop (GPV) vroeg zich namens de drie kleine christelijke partijen af of het niet goed zou zijn om president Jeltsin 'bij leven en welzijn' volgend jaar uit te nodigen voor de Peter de Grote-Manifestatie in Zaandam. “De heer Jeltsin zal zich de vergelijking met Peter de Grote ongetwijfeld willen laten welgevallen.”

Het bleek moeilijk met de regering in debat te gaan over buitenlands beleid terwijl de herijkingsnota over een strakkere regie en voorbereiding van buitenlands beleid en beter overleg tussen de verschillende ministeries pas op 4 december aan de orde komt. Sipkes van GroenLinks vroeg zich af wie of wat bij de belangenafwegingen in de toekomst op buitenlands terrein doorslaggevend zal zijn. Ze wilde weten waarom minister Pronk (ontwikkelingssamenwerking) bijvoorbeeld 1,25 miljard ter beschikking heeft gesteld aan het Nederlandse bedrijfsleven in China.