EU handhaaft omstreden subsidies aan scheepsbouw

BRUSSEL, 8 NOV. In strijd met afspraken binnen de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) zal de Europese Unie (EU) ook na 1 januari 1996 nationale steunverlening aan de scheepsbouw blijven toestaan. De EU-lidstaten doen dat omdat de Verenigde Staten, Japan en Zuid-Korea ratificatie van het vorig jaar gesloten OESO-akkoord over afschaffing van de scheepsbouwsubsidies vertragen.

De ministers van economische zaken en industrie uit de 15 EU- lidstaten hebben dat gisteren in Brussel besloten. Dit betekent dat het OESO-akkoord om een eind te maken aan de wereldwijde, geldverslindende subsidiewedloop in de scheepsbouw op losse schroeven komt te staan. Afgesproken is in Brussel dat de bestaande Europese richtlijn voor steunverlening na 1 januari met nog eens negen maanden zal worden verlengd. Als de VS, Japan en Korea het akkoord in september 1996 nog niet hebben geratificeerd, zal de EU zich beraden op vergeldingsmaatregelen.

Het huidige steunregime van de EU houdt in dat produktiesteun aan de scheepsbouw en -verbouwing “verenigbaar met de gemeenschappelijke markt” wordt geacht, indien het totaalbedrag een door de Europese Commissie jaarlijks vast te stellen maximum niet overschrijdt. In juli 1994 kwamen de OESO-landen overeen om per 1 januari 1996 de scheepsbouw- en reparatiemaatregelen geleidelijk af te schaffen en nieuwe steunmaatregelen en prijsdumping te verbieden.

Binnen de EU bestond vorig jaar vooral bij Frankrijk grote weerstand tegen het OESO-akkoord, terwijl onder andere Nederland zich altijd voorstander heeft betoond. De vertraging met de ratificatie wekt dgrote irritatie bij de EU-lidstaten. De Nederlandse Minister Wijers (economische zaken) kritiseerde gisteren in Brussel de “weinig geloofwaardigde houding” van met name de VS: “Je ziet regelmatig dat de VS op beslissende momenten, als het echt aankomt op het treffen van maatregelen voor liberalisering, niet leveren. Dat is heel kwalijk”.

Op het moment dat de VS, Japan en Zuid-Korea het OESE-akkoord in werking hebben laten treden, zal de EU ook stoppen met het toestaan van subsidies. Is de overeenkomst na negen maanden echter nog niet geratificeerd, dan wordt het volgens Wijers tijd voor de EU om haar handelspolitiek ten opzichte van de betrokken landen te heroverwegen. Nederland heeft de overheidssteun aan de scheepsbouw, na de drastische saneringen in de jaren tachtig, de afgelopen jaren al verminderd. Vorig jaar werd voor ongeveer 40 miljoen gulden subsidie verstrekt op een omzet van zo'n 1,2 miljard gulden. Dit jaar heeft minister Wijers de subsidiepot voor de scheepsbouw op zijn begroting al verdubbeld tot 80 miljoen gulden en mogelijk komt daar nog wat bij. Dit jaar zijn veel orders geplaatst in het vooruitzicht dat een einde zou komen aan het Europese steunregime. Volgens Wijers is het “heel erg de vraag” of Economische Zaken genoeg geld heeft om eventuele nieuwe subsidie-aanvragen van na 1 januari te honoreren.