Cinestud: kwaliteit uit Boekarest en Barcelona

Cinestud 95: European Student Film Festival. In: Amsterdam, Kriterion, 10 tot en met 19 november. Informatie en reserveringen: 020 6231708.

Een naakt jongetje met een camera om de nek en het motto Pictures in progress sieren het affiche van Cinestud 95, de achtste editie van een van de weinige internationale festivals, waar louter studentenfilms vertoond worden. De voorlaatste aflevering van het in 1960 opgerichte festival, een initiatief van de Amsterdamse door studenten geleide bioscoop Kriterion, dateert uit 1985. Organisatorische continuïteit bleek het grootste probleem de afgelopen tien jaar, en eigenlijk ook al daarvóór, maar dat gebrek wordt gecompenseerd door de sympathieke authenticiteit van een festival waar alle medewerkers, tot en met directeur Suzanne van Asseldonk, tussen de bedrijven door aan hun tentamens werken.

Werd Cinestud oorspronkelijk opgericht door en voor universitaire studenten met een filmhobby, al snel kregen de leerlingen van filmscholen in het programma de overhand. De lijst van deelnemers (George Lucas, Tian Zhuangzhuang) en winnaars (Paul Verhoeven, Martin Scorsese, Jane Campion) valt achteraf indrukwekkend te noemen. Cinestud 95 is het aan zijn geschiedenis verplicht om minstens één groot talent te onthullen, zoals iedereen die in 1985 A Girl's Own Story zag meteen wist dat hij de naam van Jane Campion in z'n oren moest knopen.

Of dat nu ook weer gaat lukken, is de vraag. Een vijfhoofdige (Nederlandse) jury mag een prijs van 5000 dollar toekennen aan een van de 77 films in competitie. Cinestud 95 bond zich daarbij echter de handen op de rug door vrijwillig de selectie te beperken tot recente Europese films van studenten of minder dan een jaar voor de voltooiing van de film afgestudeerden. De wens om zich tot de Europese film te beperken en zo misschien een min of meer compleet overzicht te bieden, maakt de kans op het vinden van een witte raaf onnodig klein.

Zelfs de Europese filmculturen zijn niet allemaal vertegenwoordigd; zo ontbreken bij voorbeeld, soms wegens moeizame communicatie, dan weer door geringe kwaliteit van de inzendingen, films uit de voormalige Sovjet-Unie, Polen, België, Portugal, Zwitserland en het grootste deel van Scandinavië. Als de meest interessante plaatsen van herkomst dienen zich verrassend aan Boekarest en Barcelona, op enige afstand gevolgd door Praag en Amsterdam.

Na de 17 Nederlandse inzendingen vormen de tien Roemeense het grootste contingent. Bijna al die films van de Academia de Teatru si Film (ATF) zijn interessant, zonder dat een enkele regisseur er bijzonder uitspringt. De Roemeense studentenfilms onderscheiden zich door een aardse toon en inventief vormgegeven authenticiteit. In Cand o bante vantul/When the Wind Will Blow van Teodor Oprea beweert een aankomend regisseur dat een studentenfilm zonder seks ondenkbaar is. Zijn collega's bewijzen die stelling: in een trappenhuis (Marea aventura/The Great Adventure van Vali Hotea), tussen de vleeshaken (Cintarea cintarilor/Canticle of Canticles van Gheorghe Preda) of in de verhalen van jaloerse vriendinnen (La umbra fetelor in floare/In the Shadow of Young Maidens van Laurentiu Rusescu). Mijn Roemeense favoriet is het geacheveerde Mail Life van Marius Theodor Barna, waarin een vrouw (de bekende actrice Maïa Morgenstern) een videobrief samenstelt voor haar naar Amerika geëmigreerde echtgenoot.

Ook het Centre Calassançc te Barcelona valt op, vooral als broeinest van formele vernieuwing. Noteer maar vast de naam van cameraman Xavier Gimenez. Hij fotografeerde het stijlvolle Brain van Pau de la Sierra en de brutale quasi-documentaire in zwart-wit Walter Peralta van Jordi Mollá over een door seks geobsedeerde bokser als spiegel van ons onderbewustzijn, althans volgens een ironische deskundige. Ook Vogue van Sergi Casamitjana, waarin Hitchcock, het surrealisme en Hal Hartley elkaar gevonden lijken te hebben, smaakt naar meer.

De beroemde Praagse filmschool FAMU biedt zijn studenten een ruim budget, zo blijkt uit de geraffineerde science-fiction van Tomas Hinsts Baleritron, een geestige satire over robot-ballerina's. Een potentiële winnaar van de publieksprijs is Surprise! van de in München afgestudeerde Veit Helmer, een overrompelende, met de hand ingekleurde zwart-wit-film op een zo oud stramien dat het weinig meer om het lijf heeft dan die ene gimmick.

Een vermoeden dat al enige tijd gekoesterd kon worden bevestigt de selectie van Cinestud 95: het niveau van de studentenfilms aan Nederlandse filmscholen staat internationaal op hoog niveau. Van de competitiefilms waren de kwaliteiten van Negen zeer korte films (Femke Schaap, Rietveldacademie) en The Dead Man II: Return of the Dead Man (Ian Kerkhof, NFTVA) al bekend. De onlangs aan de NFTVA als cameravrouw afgestudeerde Jacqueline van Vugt presenteert nu als regisseur in wereldpremière de buiten school om geproduceerde korte film Ceci n'est pas un petit déjeuner sur l'herbe, een speelse, muzikaal gemonteerde en beeldschoon door haar zelf gefotografeerde variatie op een bekend schilderij, die de picknick verplaatst naar een desolaat havengebied. Zoals veel van de op Cinestud 95 vertoonde films van de postmoderne generatie is het scenario ondergeschikt aan de briljante vormgeving. Een jury die dat voor lief neemt, ontkomt er niet aan Van Vugts regiedebuut serieus in overweging te nemen.