Leiders prijzen Yitzhak Rabin als hun broeder en vriend

KONING HUSSEIN:

“Ik had nooit gedacht dat er een moment zou komen waarop ik zou treuren om het verlies van een broeder, een collega en een vriend, een man, een soldaat die ons ontmoette aan de andere kant van een kloof, die wij respecteerden zoals hij ons respecteerde, een man die ik leerde kennen omdat ik me net als hij realiseerde dat we de kloof moesten passeren, de dialoog vestigen en ons inspannen ook voor ons een erfenis na te laten die hem waardig is.

En dat deed hij. En zo werden we broeders en vrienden. Ik ben er nooit aan gewend te staan, behalve met jou naast me, sprekend over vrede, sprekend over dromen en hoop voor de komende generaties die in vrede moeten leven, menselijke waardigheid genieten, samenkomen, samenwerken om de betere toekomst te bouwen waarop we recht hebben.

Nooit is het in me opgekomen dat mijn eerste bezoek aan Jeruzalem in antwoord op jouw uitnodiging, de uitnodiging van de voorzitter van de Knesset, de uitnodiging van de president van Israel, op een dergelijke gelegenheid zou komen.

Je leefde als een soldaat. Je sneuvelde als een soldaat voor vrede, en ik geloof dat het voor ons allemaal tijd is om openlijk naar buiten te komen en over vrede te spreken. Niet alleen hier, vandaag, maar voor altijd. Wij behoren tot het vredeskamp. Wij geloven in vrede. Wij geloven dat onze ene God wil dat we in vrede leven en ons vrede toewenst. Want dat leert Hij alle volgelingen van de drie grote monotheïstische godsdiensten, de kinderen van Abraham.

Laten we niet zwijgen. Laten we onze stem verheffen om te spreken van onze verplichtingen aan vrede voor alle tijden, en laten we het hun vertellen die in het duister leven, die de vijanden zijn van licht en waar geloof en godsdienst en de leer van onze ene God. Hier staan we. Dit is ons kamp.

Misschien zal God u zegenen met de realisering dat u zich bij dat kamp moet voegen, en wij bidden dat u dat zult doen. Maar wij zijn hoe dan ook niet beschaamd noch bang, noch iets anders dan vastbesloten om de erfenis te realiseren waarvoor mijn vriend viel, net zoals mijn grootvader, hier in deze stad, terwijl ik als kleine jongen bij hem was.

Hij was een moedig man. Hij had visie, en hij had zich verplicht aan vrede. En zoals ik hier sta, verplicht ik mij voor u, voor mijn volk in Jordanië en voor de wereld om het uiterste te blijven doen om te waarborgen dat wij een overeenkomstige erfenis nalaten. En wanneer mijn tijd komt, hoop ik dat het zal zijn zoals die van mijn grootvader en die van Yitzhak Rabin.

Zovelen leven en zovelen sterven onvermijdelijk. Dat is de wil van God. Zo gaat het in de wereld. Maar zij die geluk hebben in het leven zijn diegenen die iets nalaten. En jij bent zo'n man, mijn vriend.

Zolang ik leef zal ik trots zijn hem te hebben gekend, met hem te hebben samengewerkt als een broeder, als een vriend en als een man. En de vriendschapsband die we hadden, was iets unieks en ik ben daar trots op.''