Leeuwarden lokt toeristen naar paleis

LEEUWARDEN, 7 NOV. Dineren in een van de zalen van het voormalige Koninklijk Paleis. Overnachten in de voormalige logeerkamer van de Koningin. Het kan volgend jaar mei als het Stadhouderlijk Hof in Leeuwarden in gebruik wordt genomen als 'stadslogement'. Gasten kunnen er de grandeur opsnuiven van de Friese Nassau's.

Leeuwarden was, zo weten nog te weinig mensen, twee eeuwen lang (van 1584 tot 1765) de residentie van de Friese stadhouders, stelt directeur R. Terpstra van de Stichting 'Kultuer en Toerisme yn Fryslân'. De Stichting realiseert appartementen in historische panden in de Friese elf steden voor de groeiende stroom cultuurtoeristen. Het blijkt dè manier te zijn om het onderhoud van karaktervolle gebouwen te financieren. De Stichting verhuurt inmiddels drie monumenten aan horeca-ondernemers, die de appartementen, vaak in combinatie met arrangementen, verhuren.

Het eerste stadslogement werd vorig jaar in een voormalig pakhuis in Harlingen geopend. Het voormalig weeshuis in Bolsward volgde en in Stavoren zal het voormalig stadhuis worden ingericht als logement, in IJlst een deel van de oude schaatsenfabriek van Nooitgedacht en in Franeker het oudste studentecafé van Nederland 'De Bogt fen Guné'. Het voormalige Hof, dat tot voor kort onderdak bood aan de wethouders en het ambtelijk apparaat, wordt voor zeven miljoen verbouwd. “Doel is om de monumenten in stand te houden. Door ze te laten gebruiken kun je het onderhoud betalen”, verduidelijkt Terpstra.

In 1587 werd Leeuwarden hofstad toen Willem Lodewijk het pand betrok met zijn vrouw Anna van Oranje. Twee eeuwen bood het onderdak aan de Friese stadhouders. Koning Willem I kocht het in 1814 aan en richtte het in als koninklijk paleis, waar de Oranjes konden logeren tijdens hun verblijf in Friesland. Van 1881 tot 1971 was het in gebruik als ambtswoning van de commissaris der koning(in). In dat laatste jaar verkocht Juliana het aan de gemeente Leeuwarden.

Het hof wordt nu verbouwd. Op de immense zolderverdieping komen de logementen, op de eerste verdieping luxere en ruimere 'hofkamers', waaronder vier bruidssuites. De Gele en de Nassauzaal blijven in gebruik als trouwzalen. Friezen waren niet te porren voor het avontuur. Twee Asser horeca-eigenaren wel. Ze runnen in Zeegse een viersterrenhotel en zagen direct iets in 'het paleisje'. Ze steken ruim een miljoen in de aankleding. In de 'hofkelder' komt een eetcafé, waar 'éénpansgerechten' kunnen worden besteld. Met sketches die gebeurtenissen uit de rijke historie van de Friese Nassau's uitbeelden zal de 'historische sfeer' worden opgeroepen, weet een van de exploitanten L.N. Osse van Diner Mobile. Zijn gasten kunnen zich te goed doen aan 'historische gerechten'. Zo schijnt hofgardenier Knoop van de Nassau's de eerste geweest te zijn die de aardappel op het menu zette.

Met de 'hofcatering' verwacht Osse de recepties en partijen een 'koninklijke uitstraling' te geven. De Nassauzaal wordt ingericht met zes levensgrote portretten van de stadhouders en authentieke stoelen en tafels. Ook de stadhoudersstoel van Willem Lodewijk krijgt er een plaatsje. Opvallend is het dikke kussen dat voor de stoelpoten ligt; dit om te voorkomen dat de benen van de kleine stadhouder naar beneden zouden bengelen en zijn geringe gestalte te veel nadruk zou krijgen.

“Dat zijn prachtige details voor toeristen”, glundert Terpstra. Hij denkt dat de verbouwing tot horecagelegenheid met 'museale uitstraling' Leeuwarden tot 'Nassaustad van Nederland' kan maken. Met drie-, vijf- en achtdaagse arrangementen zullen toeristen van buiten de provinciegrenzen naar Friesland worden gelokt. In Leeuwarden kunnen ze kennismaken met andere aan de Nassau's verbonden panden en kerken.