Franse boekprijs voor verblufte Brouwers

PARIJS, 7 NOV. De scène is onvergetelijk. Françoise Giroud, Benoîte Groult en negen andere dames tafelen na in de Tattinger Salon van het peperdure Hôtel Crillon aan de Place de la Concorde. Sporen van een uitstekende lunch, reekop, zeebaars, een Château Larose-Trintaudan 1988. De zandkoekjes-citroen-soufflé is flauw gevallen. Een zojuist binnen geroepen gast aan tafel kijkt onthutst om zich heen: Jeroen Brouwers heeft de Prix Fémina Etranger 1995 gewonnen.

Cameramannen verdringen zich om de bekende leden van de alleen uit vrouwen bestaande jury in beeld te krijgen mèt de onbekende auteur van 'Rouge Décanté'. De schrijver verwelkomt de eerste Nederlandse felicitaties alsof een Sint-Bernard-hond langskomt: “Hè, heerlijk, even mijn moedertaal horen..” Later, als de fotografen hem op een binnenplaatsje voor een tuingodin willen laten poseren-met-het-winnende-boek, zegt hij: “Wat willen die mensen van mij? Ik heb helemaal geen boek”.

Uitgeverij Gallimard en het Nederlands Literair Produktie- en Vertalingenfonds kunnen tevreden zijn. Twaalfduizend exemplaren bijdrukken van de net verschenen vertaling van Bezonken Rood uit 1981 is een dankbaar karwei. De bekende rode wikkels, die de Franse litteraire prijswinnaars in het najaar sieren, garanderen een aanzienlijke extra oplage. Daar bestaat de prijs ook uit, want geld zit er niet aan vast. Alleen de litteraire prijs van de Académie Française levert 100.000 gulden op.

De jury heeft alleen de naam van de winnaar bekend gemaakt. Jeroen Brouwers heeft geen idee wat hem de prijs heeft bezorgd: “Ik hoorde van de dames van de jury dat het om een liefdesverhaal ging, en over een jongetje dat zijn moeder haat. Waarschijnlijk zijn Fransen meer gecharmeerd van het amoureuze aspect, er wordt een felle liefde beschreven. Dat kan aan de Franse smaak appelleren.”

Het jurylid Claire Gallois komt Brouwers een intense hand drukken. Zij vertelt dat zij zelf in een Japans kamp heeft gezeten en veel in het boek heeft herkend. Het is in Frankrijk een weinig gehoorde ervaring. Zoals Nederlands-Indië een vrijwel onbekend onderwerp is. Nu het vertalen van Nederlandse litteratuur in het Frans goed op gang begint te komen, zal dat wel veranderen. De Franse prijzen, ook die voor buitenlandse litteratuur, gaan naar boeken die in het Frans zijn uitgekomen in het afgelopen jaar.

Brouwers: “Men heeft mij verteld dat ik de eerste Nederlander ben die zo'n Franse prijs heeft gewonnen. Deze vertaling is de tiende, na de Engelse, de Amerikaanse, de Duitse, de Zwitserse, de Noorse, de Zweedse, de Serbo-Kroatische en de Poolse uitgaven. De Zweden waren er enthousiaster over dan sommige anderen. Hier in Frankrijk heb ik de laatste weken een stroom goede recensies.”

Ook zijn Belgische vertaler Patrick Grilli is helemaal beduusd van de plotselinge internationale erkenning. Hij werkte een jaar onafgebroken in weekeinde en avonduren aan de vertaling van het boek dat hij bewonderde. “Ik kende het oeuvre van Brouwers al. Het is stilistisch lastig te vertalen, het luistert nauw om de zachtmoedigheid van de tekst in het Frans te bewaren. Ik heb het niet vrij, maar zeer trouw vertaald, daarom heeft het nu succes.”

Grilli, die ook Mystiek Lichaam van Kellendonk voor Gallimard vertaalde en H. Wesselings De Deling van Afrika (verschijnt volgend voorjaar), maakt zich al op voor een volgend boek van Brouwers. Gallimard laat de schrijver in principe de vrije keus welk boek het volgende in het Frans zal zijn. Zelf geeft Brouwers de voorkeur aan Zonsopgangen boven Zee, dat in Nederland aan zijn vierde druk toe is. Bezonken Rood heeft in veertien jaar zijn 25ste druk gehaald, wat ongeveer 100.000 boeken betekent.

Als de drukte iets is geluwd zegt Brouwers: “Mijn trots is dat het boek hier in Parijs leeft, dat het is herboren in een nieuwe taal, met een nieuw elan, een nieuw enthousiasme.” Hoewel hij geen Frans leest, zegt deze Prix Fémina hem veel. “Ik meen een bepaalde belezenheid te hebben in de klassieke Franse letteren. Ik ben gekomen tot de 'nouveau roman'. Mijn beginwerk is echt beïnvloed door Butors 'La Modification' (in het Nederlands vertaald als Retour Rome). Robbe Grillet, Perrec, Butor, dat soort mensen zeiden mij veel.”

De jury van de Prix Fémina heeft dit jaar voor een kleine storm in prijzenland gezorgd. Volgens vast gebruik maakt zij de derde maandag van november haar keus bekend. Dit jaar zijn de Prix Fémina en de van oudsher één minuut later bekend gemaakte Prix Médicis twee weken eerder toegekend. Daarmee nestelden zij zich vòòr de bekendmaking op 13 november van de Prix Goncourt in het Franse litteraire seizoen. Die laatste jury heeft nu aangekondigd zich niets te zullen aantrekken van wat andere jury's doen. Het gevolg kan zijn dat Andreï Makine (Le Testament Français) die gisteren een gedeelde Prix Médicis won, straks ook de Goncourt in de wacht sleept.

De Prix Fémina Etranger werd in 1986 ingesteld door de vereniging die al sinds 1904 jaarlijks de Franse Prix Fémina uitloofde. Het waren 22 medewerksters van het blad 'Vie Heureuse' die op het idee waren gekomen een prijs in te stellen 'om de letteren te bevorderen en de vriendschap tussen geletterde vrouwen te bevorderen'. De prijs, een van de meest bekende van Frankrijk, is van het begin af aan ook aan mannen toegekend. Winnaars van de buitenlandse Fémina-prijs waren onder anderen Amoz Oz (1988), Alison Lurie (1989), Julian Barnes (1992), Ian McEwan (1993) en Rose Tremain (1994). De jury koos Brouwers met zes stemmen voor, drie tegen en twee onthoudingen.

Gaat de Nederlandse litteratuur, na Duitsland, ook Frankrijk veroveren? Het is te vroeg om conclusies te trekken. Maar een volwassen rol lijkt in het aantocht te zijn, dankzij het konsekwente werk van het Vertaalfonds. Margriet de Moors tweede boek in het Frans is net uit (Le Virtuose); zij lichtte het knap toe voor een klein maar geïnteresseerd publiek op het Institut Néerlandais. Naast de Franse pionier van de Nederlandse letteren, Hella Haasse, raken Nooteboom, Palmen, Mulisch, Springer en anderen gestaag bekender. Binnenkort verschijnt weer een nieuwe De Winter.