Forse winstgroei derde kwartaal Bayer

Het Duitse chemie- en farmacieconcern Bayer, ruim tweemaal zo groot als de Nederlands/Zweedse combinatie Akzo Nobel, heeft zijn winst voor belastingen in het derde kwartaal vergroot met 43,8 procent tot 906 miljoen mark. Over de eerste negen maanden ging het resultaat omhoog met 3,86 procent tot 3,3 miljard mark (3,7 miljard gulden). In de eerste negen maanden steeg de omzet bij Bayer met bijna 4 procent tot 34 miljard mark (38,25 miljard gulden) en in het derde kwartaal met 2,5 procent tot 10,8 miljard mark (12,15 gulden).

Bayer is de tweede van de drie grote Duitse chemieconcerns die deze week hun cijfers bekend maken. Hoechts kwam gisteren met een winststijging in het derde kwartaal met 67 procent tot 1,3 miljard mark en voor de eerste negen maanden met 94 procent tot 3,4 miljard mark. Basf volgt donderdag met kwartaalcijfers. Voor 1995 als geheel verwacht Bayer een winst van boven de vier miljard mark en een omzet van 44 á 45 miljard mark. De omzetstijging over de eerste negen maanden is een saldo van hogere prijzen (3 procent), een grotere afzet (8 procent) en een negatief valuta-effect (minus 7 procent). De harde Duitse mark tegenover valuta's als dollar, lire en pond, kostte Bayer 2,3 miljard mark aan omzet en grofweg een half miljard mark aan winst. Desondanks acht topman Manfred Schneider het winstniveau “tevredenstellend”. De brutomarge (winst voor belastingen tegenover omzet) liep op van 7,3 procent tot 9,7 procent, dichtbij de 10 procent die Schneider als minimumnorm hanteert. Schneider schrijft de goede gang van zaken vooral toe aan de grote vraag bij de industriële klanten met name in Europa. Vooral de polymeren (eenzesde van de totale omzet) deden het bij Bayer goed. Van deze kunststoffen verkocht Bayer 12 procent meer. “We zijn vastbesloten deze activiteit verder uit te breiden en onze marktpositie in noord-Amerika en Azië maar ook in Europa aanzienlijk uit te breiden”, aldus Schneider. Dat geldt onder meer voor de thermoplastische kunststof ABS, waarin ook het Limburgse DSM zeer actief is.

Een minpunt geldt de Agfa-groep binnen Bayer. Daar ging de omzet met 2 procent achteruit wegens lage verkoopprijzen, valuta-effecten en conjuncturele ontwikkelingen. Schneider wil van Agfa af, maar er is nog geen koper. Sanering moet het resultaat duidelijk verbeteren, aldus de topman. Agfa levert 14,4 procent van de concernomzet. Van de totale omzet groeide Europa, goed voor 60 procent van de concernverkopen, met 8 procent het sterkst. In noord-Amerika (22,3 procent van de concernomzet) verkocht Bayer weliswaar 11 procent meer in dollars gemeten maar hier eiste de sterke Duitse mark haar tol. Per saldo liep de waarde van de omzet met 4 procent terug.