Monet moest en zou in Noorwegen winter schilderen

Monet en Norvège, Musée Rodin, 77 Rue de Varenne, Parijs, iedere dag 9.30-16.45 uur, maandags gesloten. Chefs-d'oeuvres de la Ny Carslberg Glyptotek, tot 28 januari in Musée d'Orsay, Quai Anatole France, Parijs, open van 10-18 uur, maandags dicht, zondags van 9-18 uur en donderdag van 10-21.45 uur.

PARIJS, 6 NOV. “Ik wil het onmogelijke”, schreef Claude Monet toen hij 1 februari 1895 op 55-jarige leeftijd de vijfdaagse reis naar Christiania ondernam. De grote impressionist werd onweerstaanbaar aangetrokken tot het onbarmhartig noordelijke Noorwegen omdat hij 'wit, wit en nog eens wit' wilde zien.

Monet moest en zou de winter schilderen. Het Musée Rodin in Parijs laat tot 3 december zien wat de bijna-Pool-expeditie van Monet heeft opgeleverd. Honderd jaar oude brieven en schilderijen, schetsboekjes plus een nuttige videofilm schetsen het beeld van de al beroemde schilder die ook in Noorwegen nauwelijks de rust kon vinden om de magische witte leegte te schilderen. 'Monet komt' was de openingskop van een Noorse krant.

Monet ontvluchtte Christiania (het huidige Oslo) en vond een pension in Sandvik, voldoende ver buiten de hoofdstad om een schilderbaar compromis op te leveren voor een kunstenaar die niet echt de binnenlanden inwilde. Monet ging als een opgetogen kind de sneeuw in: per ski en slee, hij verbaasde zich over het schansspringen, worstelde met de ook naar Noorse begrippen koude winter. Hij werkte bovenal keihard, met de vaste wil een 'maximale exactheid' te bereiken. Na vijf weken had hij 28 schilderijen af. Toen moest hij terug, alle kleuren wit achtervolgden hem en Frankrijk riep.

In de kleine tentoonstellingsruimte op het terrein van het Musée Rodin verdringt het publiek zich om deze noordelijke escapade van de grote impressionist te zien. En niet voor niets. Monet vond de winter eerst teleurstellend, later 'stupéfiant' maar 'ongehoord moeilijk'.

Het meest opvallend was Monets poging de berg Kolsaas op verschillende tijden van de dag te schilderen. Na terugkomst stelde hij de Noorse bergen tentoon naast zijn nu beroemde, eerdere serie van de kathedraal van Rouen. De berg Kolsaas viel daarnaast in beetje in het niet. Ironische speling van de geschiedenis: tijdens de Koude Oorlog koos de Navo de berg uit voor een diep ingegraven noordelijk hoofdkwartier in een eventuele kernoorlog met de Sovjet-Unie.

Twaalf van de 28 Noorse Monets zijn in Parijs bij elkaar gebracht. De thema's zijn overzichtelijk: huizen in de sneeuw en vier keer de berg Kolsaas. Drie van de vier bergtaferelen behoren toe aan particuliere Amerikaanse collecties en zijn dus zelden of nooit samen te zien. Drie andere doeken komen uit Parijs, de overige uit Japan, Noorwegen, Letland en Zwitserland. Wie de overige toeschouwers weg kan denken ziet een intense Monet als winterschilder op ontdekkingsreis.

Minder snel beroemd in Scandinavië was Monets tijdgenoot Gauguin. Hij trouwde met een Deense vrouw en woonde een aantal jaren in Kopenhagen, maar zijn groei van een soort basis-impressionisme naar een persoonlijk realisme werd door Denemarken niet gevolgd.

Bijna om het goed te maken heeft de Deense familie Jacobsen (Carlsberg bier) in zijn collectie maar liefst 32 Gauguins uit alle periodes opgenomen. Voor de Kopenhaagse Glyptotek, het museum dat de familie de wereld schonk, is het een centraal deel van de verzameling. Het Musée d'Orsay heeft bij uitzondering uit het hele bezit van de Glyptotek een niet al te grote maar aantrekkelijk overzicht kunnen lenen. De Gauguins vormen het majestueus middelpunt.

Het is een tentoonstelling geworden zonder al te veel kunsthistorische pretenties. Het is meer de keus van drie generaties verzamelaars met geld en smaak, en een voorliefde voor Franse kunst. Naast Corot en Courbet, zijn er twee bijzondere Manets, een manshoge absynth-drinker (1859) en de ontspannen 'Executie van keizer Maximiliaan' (1867). Een Zaanse molen van Monet, twee waterlandschappen van Sisley, een korenveld van Van Gogh en een minder bekende Bonnard maken het een tentoonstelling van een meer dan gemiddeld soortelijk gewicht.

Zowel het Rodin- als het Orsay-museum hebben een extraatje in petto. Het Orsay brengt voor het eerst drie oorspronkelijke marmeren versies van 'De Kus' van Rodin bij elkaar: uit de Ny Carlsberg Glyptotek, de Londense Tate Gallery en het Musée Auguste Rodin. De beeldhouwer, die zelf de laatste hand legde aan het exemplaar voor Jacobsen, zag de drie zelf nooit bij elkaar. Het Rodin-museum kan dankzij deze Frans-Deense driehoeks-samenwerking drie versies van Van Goghs portret van 'Père Tanguy' ter vergelijking aanbieden. Het museum van de grote beeldhouwer kondigt het aan als voorloper op de tentoonstelling 'Rodin et la Hollande' die voor het eerste kwartaal van 1996 op het programma staat.