Bedrijven zonder binding met CAO kennen intern grotere verschillen in beloning; CAO's leiden tot matiging van lonen

DEN HAAG, 6 NOV. CAO's en het algemeen verbindend verklaren ervan leiden tot loonmatiging. Dit concludeert de Stichting Economische Onderzoek (SEO) van de Universiteit van Amsterdam uit onderzoek onder ruim tweeduizend bedrijven.

Het onderzoek, uitgevoerd in opdracht van de stichting Organisatie voor Strategisch Arbeidsmarktonderzoek (OSA), wijst uit dat de gemiddelde beloning in bedrijven of instellingen die direct of indirect onder een CAO vallen meestal lager ligt dan in bedrijven die niets met een CAO te maken hebben. Deze bevinding staat volgens OSA haaks op de veelvuldig naar voren gebrachte veronderstelling dat de rol van vakbonden in bedrijven en bij de totstandkoming van collectieve arbeidsvoorwaarden leidt tot hogere lonen. Lidmaatschap van een vakbond blijkt nauwelijks van invloed op inkomensverschillen binnen bedrijven. Wel blijkt dat bedrijven die onder een CAO vallen in het algemeen meer inkomensgelijkheid kennen dan bedrijven die niet onder een CAO vallen.

CAO-participatie, zo concluderen onderzoekers B.M.S. van Praag en J.P. Hop, leidt tot reductie van de inkomensongelijkheid met circa 20 procent. Behalve voor werknemers die direct bij een CAO zijn betrokken geldt de conclusie ook voor bedrijven en organisaties die de resultaten van CAO-onderhandelingen vrijwillig of verplicht (via algemeen-verbindendverklaring van CAO's door de minister van sociale zaken) volgen. De bruto lonen in CAO-volgende bedrijven of instellingen liggen dichter bij elkaar en op een gemiddeld lager niveau dan bij bedrijven of instellingen die geen CAO volgen. De grootte van de organisatie speelt ook een rol. In bedrijven met 25 tot 500 werknemers is de ongelijkheid kleiner dan in bedrijven met minder dan 25 werknemers.

De conclusie is politiek interessant. Het kabinet Kok is kritisch ten aanzien van het opleggen van CAO's aan ongeorganiseerde werkgevers en hun personeel. Niet aan een CAO gebonden werkgevers worden via algemeen-verbindendverklaring gedwongen dezelfde (of hogere) lonen te betalen. Zij kunnen zich niet in een markt 'invechten' met lagere lonen. Het niet langer algemeen verbindend verklaren van CAO's zal volgens het kabinet tot gevolg hebben dat met name aan de onderkant van de arbeidsmarkt lagere lonen zullen worden betaald. Daardoor nemen de kansen op werk voor de desbetreffende laag opgeleide arbeidskrachten toe. Uit het onderzoek voor de OSA blijkt dat ook algemeen-verbindendverklaring tot de door het kabinet gewenste loonmatiging leidt.

Bij het najaarsoverleg van het kabinet met de sociale partners, vorige maand, is besloten CAO's voorlopig nog dwingend op te leggen aan ongeorganiseerde wergevers, wanneer daarom door een of meer bij de CAO betrokken sociale partners wordt verzocht. De conclusies van de SEO onderstrepen de argumentatie van de sociale partners bij het najaarsoverleg. De onderzoekers menen dat hun bevindingen “goed te plaatsen zijn binnen de Nederlandse arbeidsverhoudingen, waarbij sociale partners - met name de werknemersorganisaties - over het algemeen de werkgelegenheidseffecten van het onderhandelingsresultaat mee laten wegen”. Het gaat de vakbonden met andere woorden niet alleen om meer loon, maar vooral om meer werk.

Een andere controversiële conclusie van het onderzoek is dat oudere werknemers minder vaak ziek zijn dan jongere. Naarmate de doorsnee leeftijd stijgt, neemt het verzuim toe. Het hoogste verzuim komt voor bij bedrijven waar de 'mediane leeftijd' 37 jaar is. (Dat wil zeggen: waar evenveel personen jonger zijn dan 37 jaar dan ouder.) Dit onderzoeksresultaat vraagt volgens de onderzoekers om een verklaring, “daar de traditie toch wil dat een hoge leeftijd samen gaat met meer ziek zijn”.

De onderzoekers verklaren het lagere verzuim van oudere werknemers in de eerste plaats uit het afnemen van sportblessures. In de tweede plaats hebben ouderen in het bedrijf veelal een langdurig selectieproces ondergaan, zodat de minder produktieven het bedrijf alweer verlaten hebben via ontslag of WAO. Ten slotte hebben ouderen die nog werkzaam zijn in het bedrijf “misschien wat meer zelfdiscipline, waardoor ze minder lichtvaardig een beroep doen op de escape van ziekteverzuim”.