Alleen zon kan teler helpen bij strengere nitraatnorm sla

ROTTERDAM, 4 NOV. Het zonnige najaar heeft de Nederlandse slateler voorlopig uit de problemen gehouden. Die problemen werden verwacht, nu Duitsland sinds 1 november als enige lidstaat binnen de Europese Unie (EU) een scherpere norm voor nitraatgehalten in bladgroenten hanteert. Het is onder gewone weersomstandigheden - bij relatief weinig zonlicht - voor Nederlandse telers onmogelijk om aan die norm te voldoen. Als binnen de Unie niet wordt besloten tot een geharmoniseerde (ruimere) norm, zullen in de toekomst alleen de zuidelijke lidstaten de Duitse markt van sla kunnen voorzien.

Het Centraal Bureau voor de Tuinbouwveilingen zegt dat er tot op heden nog geen problemen zijn bij de export naar Duitsland. Ongeveer zeventig procent van de produktie van de 500 Nederlandse slatelers gaat naar Duitsland. Nederland exporteert jaarlijks rond 75 miljoen kilo krop- en ijsbergsla voor een waarde van 180 miljoen gulden. Duitsland is veruit de belangrijkste afzetmarkt. Voorlopig bieden de veilingen garanties die de uitvoer van kropsla met een maximaal nitraatgehalte van 3.500 milligram (de zogeheten winternorm) veilig moeten stellen. De veilingen hebben toegezegd de sla-monsters nog strenger te zullen controleren dan gebruikelijk is. De handel krijgt bovendien schadevergoeding als er later toch klachten komen van Duitse afnemers. En daarnaast zullen de veilingen eventuele schade aanvullen als zou blijken dat partijen of delen daarvan niet verkoopbaar blijken in Duitsland.

Volgens teler Aad van der Meer in 's Gravenzande, voorzitter van de landelijke sla-werkgroep, zullen er echter op korte termijn toch problemen ontstaan. “Op het moment zitten we dankzij het weer aan de veilige kant, maar als er minder instraling van de zon komt schieten we binnen de kortste keren door tot boven de norm. Het enige waar je dan op kunt hopen, is dat de Europese Commissie op tijd tot een geharmoniseerde norm komt. Die norm zal dan ook voor Duitsland gelden en dan zijn we hopelijk uit de narigheid”, aldus Van der Meer.

Hij wijst er op dat binnen 'de achterban' al twijfel is gerezen over het nut van doorzaaien. Normaal gesproken zaaien de telers 'jaarrond' zesmaal in. “De hamvraag is natuurlijk of je over kunt schakelen op een ander produkt. Zoals bekend gaat het buitengewoon slecht in de tuinbouw. Niemand weet dan ook of het economisch verantwoord is om over te schakelen op een produkt als tomaten, komkommers of paprika's. De concurrentie is daar al moordend en er is echt geen behoefte aan nog meer van die produkten. Als er massaal wordt overgeschakeld valt er natuurlijk voor sla een gat op de binnenlandse markt en het is duidelijk dat de zuidelijke lidstaten daar meteen op in spelen.”

In alle lidstaten geldt - vanaf november - een winternorm van 4.500 milligram en een zomernorm - vanaf mei - van 3.500 milligram. Duitsland hanteert normen van respectievelijk 3.500 en 2.500 milligram.

De telers worden tot nu toe gesteund door resultaten van wetenschappelijk onderzoek, zo stelt Van der Meer. Een werkgroep van de European environmental research organisation (EERO), een groep vooraanstaande wetenschappers uit verscheidene Europese landen, stelde vorig jaar al dat er geen enkele aanleiding bestond om drastische maatregelen te treffen, waardoor het nitraatgehalte in groenten wordt teruggebracht. De groep deed dat op grond van een uitvoerige studie naar al het onderzoek dat al was gedaan naar de mogelijke schadelijkheid van stikstofverbindingen als nitraat, nitriet, nitrosaminen en nitrosamiden.

Nederlandse tuinbouwers kunnen onmogelijk aan de scherpe Duitse eis voldoen, zo is tot nu toe uit landbouwkundig onderzoek gebleken. Extra kunstlicht geeft geen resultaat en ook veredeling helpt niet. “Het is inmiddels wel duidelijk dat de natuur zich op dit punt niet laat bijsturen”, zegt Van der Meer.

Het is uit een oogpunt van marktbelangen niet verwonderlijk dat ook zuidelijke lidstaten als Portugal, Spanje en Italië - waar onder invloed van zonlicht aanmerkelijk lagere concentraties nitraat in bladgroenten voorkomen - voor scherpe eisen zijn. Groot-Brittannië daarentegen heeft een en andermaal te kennen gegeven tegen te hoge normen te zullen stemmen.