Weermens

Hoort wolvenkinders aan de dis:

Je weet toch wat een weermens is?

Dat is een wolf die in de nacht

Een mensenhuid ruilt voor zijn vacht.

Een lot dat met beschrijving spot

Ja, elke nacht bij volle maan

Doen wij onze deur op slot:

Help help, daar komt de weermens aan!

O wolvenwelpjes, luistert goed:

Weet je wat een weermens doet?

Hij pakt je stevig bij je oren

En geeft je zoentjes op je snoet.

Dat is te gruwelijk voor woorden

Het ergste dat een wolf ooit hoorde;

Een veel verschrikkelijker lot

Dan als ze je meteen vermoordden.

Ziedaar, als weermens ben je tam

Dan lig je dagelijks met het lam;

Leegt dus eentweedrie je borden

Tenzij je ook zo tam wilt worden.