Mengvorm in 'Meisje van Yde' werkt verwarrend

Het Meisje van Yde, zondag, Radio 4, 16.38-18.00 uur.

Bijna een eeuw geleden werd door turfstekers in de buurt van het Drentse Yde een veenlijk omhooggehaald. Het was het lichaam van een tweeduizend jaar geleden vermoord meisje.

Dit meisje van Yde leidde sindsdien een stil bestaan in een vitrine van het Drents Museum in Assen. Totdat de conservator, Wijnand van der Sanden, op het briljante idee kwam een reconstructie in was van haar hoofd te laten maken. De presentatie ervan, anderhalf jaar geleden, was een kleine sensatie. Haar verstilde en verrassend moderne jongemeisjesgezicht inspireerde velen: van de bakker van Yde tot tal van dichters, van de VVV tot kinderboekenschrijvers, componisten en beeldend kunstenaars aan toe.

Ook Cocky van Bokhoven, schrijfster en regisseuse van hoorspelen en toneelstukken, werd door haar geval geraakt. Ze schreef een hoorspel dat zondag in het wekelijkse hoorspeluur van de TROS te horen zal zijn. Zij verdiepte zich grondig in de zaak en kreeg daarbij zoveel medewerking van Van der Sanden dat ze besloot hem een rol in haar stuk te geven. Zo ontstond een hoogst merkwaardige mengvorm tussen hoorspel en documentaire, verzinsels en feiten. De monoloog van het meisje wordt regelmatig onderbroken door passages waarin de conservator vertelt over de achtergronden van deze archeologische vondst en over de totstandkoming van de wassen reconstructie.

Van het meisje (gespeeld door Thera van Homeyer) maken we de laatste uren van haar leven mee. Ze is de donkere bossen in gevlucht, omdat ze weet dat ze de offerdood zal moeten sterven. We kunnen haar gedachten volgen omdat ze voortdurend, en in een hoog, bijna babbelziek tempo, het woord richt tot haar hondje dat haar op deze duistere tocht vergezelt. Een andere hoorspelvondst is haar helderziendheid, die haar in staat stelt te spreken over gebeurtenissen die ze zelf niet meegemaakt kan hebben. Voor de onbevangen luisteraar is het allemaal vermoedelijk hoogst verwarrend, dit springen tussen feit en fictie, heden en verleden, eigen waarneming en visioen. Ook wie zich in het onderwerp heeft ingelezen zal wel eens moeten fronsen - en dan toch vooral om de blijmoedigheid waarmee dit meisje haar lot (de wil van Wodan immers) aanvaardt: alsof we niet naar een verward en uitgeput meisje luisteren dat over enkele uren gewurgd zal worden, maar naar Willeke Alberti die bij de koffie over haar carrière mag vertellen. 'Vader heeft er nooit over willen praten. Die werd door de Nornen achtervolgd.'

Het is natuurlijk een kwestie van smaak, maar voor mij kreeg deze stem nergensdramatische kracht. Wie dit hoorspel in stilte wil genieten kan terecht bij de boekversie die deze week (bij uitgeverij De Geus) verscheen. Of, nog beter: bij de feitelijke, maar veel meeslepender monografie die Van der Sanden zelf schreef over het meisje (een uitgave van het Drents Museum).