'BZ wil onderzoek naar drugs Suriname staken'

DEN HAAG, 3 NOV. Het Nederlandse ministerie van buitenlandse zaken zou erop uit zijn een meerjarig politie-onderzoek naar de betrokkenheid van de voormalige Surinaamse legerleiding bij de handel in cocaïne te laten stranden omdat het vreest voor politieke complicaties in de relatie tussen Nederland en Suriname. De Haagse officier van justitie C. van der Voort die leiding geeft aan het zogeheten CoPa-team (Colombia-Paramaribo), dat sinds 1992 met deze zaak bezig is, gaf deze uitleg gisteren voor de enquêtecommissie.

Hij zei al meer dan een jaar niets te hebben vernomen van een speciale ambtelijke stuurgroep die de afwikkeling van dit drugsonderzoek coördineert. Van der Voort zei de indruk te hebben dat vooral Buitenlandse Zaken “erbij gebaat is dat het onderzoek niet slaagt”, omdat eventuele vervolging van invloedrijke Surinamers de relatie tussen Suriname en Nederland te veel onder druk zet.

De ministeries van justitie en van buitenlandse zaken zullen volgens Van der Voort spoedig moeten besluiten of het drugsonderzoek strafrechtelijk mag worden afgerond. De departementen hielden toezicht op het CoPa-werk via een ambtelijke stuurgroep die onder leiding staat van secretaris-generaal Suyver van het ministerie van justitie. Hij reisde in 1992 met minister Hirsch Ballin naar de Verenigde Staten om afspraken te maken over een gezamenlijk aanpak van het drugskartel van Paramaribo. Hirsch Ballin trok 4,5 miljoen gulden uit voor het CoPa-team, dat gerechtelijke vooronderzoeken opende tegen onder anderen de voormalige legerleider en presidentskandidaat Bouterse en de toenmalige president van de centrale bank Goedschalk. Van der Voort zei dat Hirsch Ballin het CoPa-werk altijd volop heeft gesteund. In de ministerraad was afgesproken “de roversbende”aan te pakken, zei zijn hoofdofficier Blok. De huidige minister Sorgdrager zou niet veel interesse tonen.