Shell: geen actie tegen Nigeria

ROTTERDAM, 2 NOV. Oliemaatschappij Shell zal haar activiteiten in Nigeria niet wijzigen na de terdoodveroordeling door een militair tribunaal van de schrijver Ken Saro-Wiwa en acht medestanders van de Ogoni-stam. Shell weigert ook actie tegen het vonnis te ondernemen door een protest bij de Nigeriaanse regering.

De milieu-organisatie Greenpeace en de mensenrechtenorganisatie Amnesty International hebben gisteren de Koninklijke Shell/Groep, de grootste olieproducent in Nigeria, dringend gevraagd er bij het Nigeriaanse bewind op aan te dringen de vonnissen niet ten uitvoer te leggen. De organisaties menen dat de negen veroordeelden geen eerlijk proces hebben gehad en dat het militaire tribunaal in Nigeria niet voldoet aan de normen van de Verenigde Naties voor een onafhankelijke rechtsgang.

Vanochtend zei minister Pronk (Ontwikkelingssamenwerking) voor de radio op de vraag of Shell actie zou moeten ondernemen: “Ik geloof dat iedereen die ermee te maken heeft zou dienen te protesteren tegen de doodvonnissen.” Nederland heeft volgens Pronk goede mogelijkheden om in het verband van de Europese Unie druk op het Nigeriaanse regime uit te oefenen.

Een woordvoerder van Shell zei gisteren dat “Shell-Nigeria als commercieel bedrijf zich niet kan mengen in zaken van de binnenlandse politiek en rechtspraak”. Op een uitspraak van de Britse Greenpeace-woordvoerder Paul Horsman: “als deze bizarre straf wordt uitgevoerd, deelt Shell de verantwoordelijkheid voor de dood van Saro-Wiwa en acht andere Ogoni's” zei de woordvoerder: “Dat is niet juist.”

Shell heeft jarenlang in het Ogoni-gebied in Zuid-Nigeria olie gewonnen. In mei 1993 trok de maatschappij zich uit het gebied terug, nadat Shell was beschuldigd van vernieling van het milieu en olievervuiling en acties van de Ogoni-stam hadden geleid tot een geweldsspiraal. Daarbij werden vier stamoudsten, die vonden dat Ogoni-activisten onder leiding van Ken Saro-Wiwa te fel van leer waren getrokken tegen Shell, vermoord. Ken Saro-Wiwa en acht andere leiders van de Ogoni-activisten stonden begin deze week terecht op beschuldiging van betrokkenheid bij de moord op de vier mannen. Tegenover het persbureau Reuter zei de woordvoerder van Shell-Nigeria Chris Folarin Williams gisteren dat de maatschappij de oliewinning in Ogoniland niet zal hervatten “voor er wederzijds vertrouwen tussen ons en de locale gemeenschap” is gegroeid.

Behalve de activiteiten in Ogoniland heeft de Koninklijke/Shell Groep grote belangen in Nigeria. Bijna de helft van de oliewinning van het land wordt door een samenwerkingsverband van Shell en andere maatschappijen verricht. In deze venture heeft de Nederlands-Britse maatschappij een belang van 30 procent. Nigeria brengt in totaal ruim 2 miljoen vaten olie per dag op de markt.

In het gebied van de Ogoni-stam produceerde Shell in 1992 en begin 1993 nog 20.000 tot 28.000 vaten olie per dag. De maatschappij heeft opdracht gegeven tot een onafhankelijk onderzoek naar de situatie van het milieu ter plaatse en wil daarmee aantonen dat haar niets te verwijten valt. Volgens de woordvoerder van Shell zal het nog geruime tijd duren eer dit rapport gereed is.