Optiebeurs krijgt van Philips koekje van eigen deeg

AMSTERDAM, 2 NOV. De Amsterdamse optiebeurs kreeg de afgelopen dagen een koekje van eigen deeg. Beurspartijen waren boos dat Philips de vervroeging van de dividendbetaling van mei naar maart slechts in kleine kring had gemeld. De dividenddatum beïnvloedt de prijs van de opties. De ene belegger wist meer dan de andere en plukte daarvan ook de vruchten. Ten koste van ons, zeiden handelaren op de optiebeurs.

Philips heeft letterlijk geen boodschap aan de optiebeurs, die zelf nooit toestemming vraagt aan bedrijven om opties op hun aandelen te verhandelen. De meeste ondernemingen hebben er overigens geen bezwaar tegen als hun aandelen als zogeheten onderliggende waarden voor opties gaan dienen. Slechts een enkel bedrijf protesteert. Toen in de jaren tachtig opties op aandelen Elsevier werden geïntroduceerd voelde de toenmalige topman Vinken zich in zijn kuif gepikt, zo herinnert een optiehandelaar zich. Voor straf maakte Elsevier enkele jaren de handelaren in opties op de uitgever het leven behoorlijk zuur, zegt de handelaar. Zo werden data voor dividenbetaling enige keren verschoven.

De vrijheid van de optiebeurs mist de effectenbeurs. Op het Beursplein bepaalt niet de markt wat wordt verhandeld, maar de onderneming die beursnotering wil. Het bedrijf moet met de billen bloot. De beurs onderzoekt of de onderneming de voorafgaande jaren wel winstgevend was. Tevens moet aan diverse formaliteiten voldaan worden. Daarna sluiten beide partijen een noteringsovereenkomst. Daarmee committeert de onderneming zich aan het fondsenreglement, dat onder meer voorschrijft dat bedrijven terstond koersgevoelige informatie, zoals winstcijfers, dividend en overnames moeten melden.

Het belang van deze regels blijkt als ondernemingen een steekje laten vallen, bijvoorbeeld bij het publiceren van cijfers. Dan komt de Commissaris voor de Notering in actie. Hij kan de ondernemingsleiding op het matje roepen en zelfs beurstransacties ongeldig verklaren.

De optiebeurs, eind jaren zeventig opgericht in een sfeer van vrije jongens die lak hadden aan de traditionele beurs, mist deze relatie met bedrijven. Bovendien hebben handelaren op de optiebeurs soms belang bij andere informatie dan de beleggers op de effectenbeurs. Zo is de dividenddatum van Philips voor de beurs nauwelijks interessant, maar voor de optiebeurs juist koersgevoelig. Hoe vervelend dat kan uitpakken bleek de afgelopen dagen uit de commotie rond Philips, dat verzuimde het verschuiven van de jaarvergadering en daarmee de dividend-datum gelijk aan de hele markt bekend te maken. Dit had tot gevolg dat een aantal beleggers en market makers die in opties Philips handelen naar eigen zeggen voor tonnen werden gedupeerd.

Philips stelt zich formeel op. Het elektronicaconcern geeft aan dat het geen verplichting aan de optiebeurs heeft om informatie te verstrekken. De optiebeurs laat het er niet bij zitten en probeert nu via de effectenbeurs Philips in de toekomst daartoe te dwingen. De effectenbeurs zou dat in zijn reglementen moeten vastleggen, vindt de optiebeurs, maar dat is bewerkelijk. Met een wijziging in het fondsenreglement van de effectenbeurs moeten de genoteerde ondernemingen allemaal instemmen.

Een fusie van optiebeurs en effectenbeurs zou in een klap uitkomst kunnen bieden. Vorig jaar mislukte dat door verzet van een deel van de achterban van de optiebeurs. Na hun verliezen op de Philips-opties zullen de optiebeursleden meer heil zien in samenvoeging.