NS Cargo voelt de tucht van de markt

UTRECHT, 2 NOV. Voor het tweede achtereenvolgende jaar neemt de hoeveelheid over het spoor vervoerde goederen toe, na drie decennia gestage afname. Wanneer wordt afgezien van het aflopende vervoer van post en spoorwegmaterieel bedraagt de groei dit jaar zelfs twaalf procent. Ook ligt er, in tegenstelling tot vorig jaar, een positief bedrijfsresultaat in het verschiet, zo kondigde de directeur van NS Cargo, Ed Smulders, gisteren aan bij de presentatie van het reorganisatieplan, dat ook voorziet in een verhuizing uit Utrecht naar Rotterdam.

Structurele tegenvallers ter grootte van 75 miljoen gulden per jaar zouden snel een einde maken aan deze prille ontwikkeling als niet fors zou worden ingegrepen. Hoe kunnen zulke grote tegenvallers nu 'ineens' optreden? Smulders: “Dat we de PTT kwijtraakten wisten we al, maar de terugloop in het vervoer van spoormaterieel is vrij recent. Men heeft ontdekt dat het onderhoud van de infrastructuur efficiënter kan. Daardoor is er minder vervoer. Maar men heeft zich ook afgevraagd of bepaald vervoer niet beter over de weg kan. Terecht overigens, want er zijn vervoeren bij die je niet eens met het spoor zou moeten willen doen. Daarnaast zijn de kosten die andere bedrijfsonderdelen ons in rekening brengen hoger dan geïndiceerd. In de de verzelfstandiging heb je voortschrijdend inzicht, ook in de kosten.”

Is er daar een rapport van McKinsey voor nodig?

“Ja. Om een bevestiging te krijgen dat we drastisch op de kosten moeten letten. Mijn voorbeeld hierin zijn de Zweedse spoorwegen. SJ Gods (de goederentak) heeft met 50 procent van het personeel, 42 procent van de wagens en 35 procent van de locs 5 procent méér vervoer gerealiseerd. De uitkomst van de studie van McKinsey verrast me dus niet volledig. Het is nu eenmaal zo dat wij nooit onder de tucht van de markt hebben geleefd. Transportbedrijven zijn ons wat dat betreft ver vooruit. Vervolgens is de vraag hoe en wanneer je die stap maakt. Het moment is nu goed: we hebben laten zien dat we kunnen groeien en dat we vertrouwen kunnen winnen in de markt.”

In de prognoses voor na de reorganisatie loopt het rendement op geïnvesteerd vermogen op tot 7,5 procent in 2004. Is dat wel genoeg? In het concern wordt voortdurend gesteld dat bedrijfsonderdelen minstens tien moeten halen.

“Het heeft ook een relatie met wat we nodig hebben voor nieuwe investeringen. We denken dat we hieraan voorlopig genoeg hebben. En we moeten ook realistisch zijn. Er zijn niet veel vervoerbedrijven die dit soort percentages halen.”

Met name in het goederenvervoer is de verwachting dat er nieuwe operators op het spoor zullen verschijnen. Nergens in de plannen van NS Cargo staat echter wat voor consequenties dat heeft. Zullen zij een deel van de markt van NS Cargo afsnoepen, of zullen ze een uitbreiding van het goederenvervoer per spoor teweegbrengen?

“Ik denk dat de markt dermate snel zal groeien, dat we voor ons marktaandeel niet hoeven te vrezen. De angst slaat me om het hart als ik 's morgens de filemeldingen hoor. Dan moet er toch wat gebeuren. De vraag is of er dan nog wel flankerend beleid nodig is. We zijn hard op weg naar een verkeersinfarct. Een groeiende markt roept vanzelf concurrentie op.”

De situatie in het wegvervoer laat zien dat een groeiende markt niet per se betekent dat er ook meer verdiend wordt.

“We houden er ook rekening mee dat de prijzen van het vervoer de inflatie niet bijhouden. Daarbij komt dat de grote groei nu zit in het maritieme deel van de markt. De continentale markt is echter wel zeven keer groter, en die bedienen we nog niet op een fatsoenlijke manier. Het probleem is daar de overslag. We werken sinds jaar en dag met dezelfde systemen. Daar zijn innovaties nodig.”

McKinsey merkt op dat in het gekozen reorganisatiescenario de bedrijfseconomische speelruimte “zeer beperkt” is. Gaat het bedrijf door onvoorziene ontwikkelingen als een stagnerende wereldhandel niet alsnog kopje onder?

“We zijn in onze prognoses niet over-optimistisch geweest. Daar zitten voldoende marges in. Nu we de kans hebben om deze herstructurering door te zetten, moeten we het ook doen.”