Nam plaatst compressoren op gasbel Slochteren

ROTTERDAM, 2 NOV. De Nederlandse Aardoliemaatschappij (Shell en Esso) zal de komende jaren 29 produktielokaties van het Groningen aardgasveld met compressoren uitrusten om het effect van een dalende gasdruk te compenseren. Tegelijk zal de procesbesturing van de produktielokaties worden gemoderniseerd en zullen milieumaatregelen worden genomen. Alle projecten samen vergen een investering van ongeveer 3 miljard gulden voor een periode van 15 jaar.

Dat heeft de NAM gisteren bekendgemaakt. De werkzaamheden zullen in de loop van 1997 beginnen en in totaal een werkgelegenheid van ongeveer 10.000 manjaren opleveren. Het Nederlandse bedrijfsleven is door de NAM voorgelicht over de aard van de te installeren apparatuur en de te verrichten werkzaamheden. De NAM ziet goede kansen voor Nederlandse bedrijven, maar weet zich gehouden aan Europese regels voor de inschrijving op projecten van een dergelijke grootte.

Sinds het zogeheten Groningen-gasveld (Slochteren) in 1963 in gebruik werd genomen is de gasdruk in het reservoir afgenomen van de oorspronkelijke waarde van 350 bar tot 160 bar. Het teruglopen van de druk brengt met zich mee dat het aardgas steeds minder makkelijk 'vanzelf' het aardgasnet in stroomt zoals het tot op heden doet. Becijferd is dat de doorgaande consumptie van het aardgas deze zogeheten 'free flow' al rond het jaar rond 2007 geheel tot stilstand zal hebben gebracht. Toch zal de dan nog aanwezige hoeveelheid aardgas in het veld dan nog 660 miljard kubieke meter zijn, een kwart van de initieel aanwezige winbare reserve.

Lang voor de 'free flow' (de gasstroming onder natuurlijke druk) geheel stopt zal onder invloed van de gedaalde gasdruk de stroomsnelheid in de leiding tussen gasbel en de bovengrondse installaties zozeer zijn afgenomen dat op dagen van zeer grote gasvraag (winterse vorstperioden) niet meer in de behoefte kan worden voorzien. Met het oog daarop zijn al maatregelen voorbereid en uitgevoerd voor de ondergrondse opslag van aardgas in bestaande gasvelden (bij Langelo, Grijpskerk en Alkmaar).

De NAM heeft uitgebreide studies laten verrichten naar de verschillende mogelijkheden om de produktiecapaciteit (dat is de per dag leverbare hoeveelheid aardgas) van het Groningen-gasveld op peil te houden. Onderzocht zijn de mogelijkheden van waterinjectie in de ondergrond, een aanpassing van de diverse putten om de stromingsweerstand daarvan te verlagen en zelfs een geheel nieuwe configuratie van het systeem van putten boven het Groningen veld. Compressie van het aardgas bleef als meest aantrekkelijke keuze over.

Duidelijk werd dat zogeheten 'down hole' compressie (waarbij compressoren in het gasreservoir zelf worden geplaatst) drukverlies in theorie het beste kan compenseren. Om technische redenen is toch gekozen voor bovengrondse beïnvloeding van de gasdruk in zogeheten putmond compressie. Daarbij wordt per putlokatie een compressor geplaatst in de leiding (de put) die het ondergrondse gasreservoir met de gasbehandelingsinstallie verbindt. In zijn werking is een dergelijke compressor te vergelijken met de tegenwoordige zo populaire hogedrukspuiten waarmee de druk in de waterleiding wordt opgevoerd voor allerlei schoonmaakwerk.

In totaal zullen 29 clusters van putten met een compressor worden uitgerust. Voor de 11 noordelijke clusters die als eerste worden aangepast zijn compressoren nodig met een vermogen van 23 megawatt. Eind dit jaar wordt beslist of deze een elektrische aandrijving krijgen of een gasturbine. Elektrische aandrijving is iets gunstiger voor het milieu, gasturbines bieden de NAM een grotere onafhankelijkheid. De cluster van putten bij het dorpje Tjuchem (gemeente Slochteren) zal de eerste compressor ontvangen. Uitgaande van de in het meeste recente Plan van Afzet (1995) geraamde gasvraag voor de komende 25 jaar zal in 2006 al in 15 clusters compressie moeten zijn aangebracht.

De aangekondigde milieu-maatregelen zijn relatief bescheiden. Het streven is het bestaande fakkelen van aardgas (tijdelijk nodig bij het opstarten en afschakelen van putten) verder te beperken en de dampuitstoot van de gasbehandelingsinstallaties (waar het aardgas wordt gedroogd) terug te brengen.