Twee actiethrillers met schootcomputer; Eenzame helden op de vlucht in cyberspace

Assassins. Regie: Richard Donner. Met: Sylvester Stallone, Antonio Banderas, Julianne Moore. In: 50 theaters.

The Net. Regie: Irwin Winkler. Met: Sandra Bullock, Jeremy Northam, Dennis Miller. In: 29 theaters.

De held in een Amerikaanse genrefilm staat er altijd alleen voor. Decors kunnen wisselen, maar de existentiële leegte bedreigt de eenzame cowboy net zo als de opgejaagde onschuldige in een 'film noir' of de met de dood bedreigde ruimtevaarder. De totstandkoming van of terugkeer naar een of ander gezinsverband lijkt er aan het slot dan ook vaak een beetje achteraangeplakt, als een niet met de rest van de film verbonden beloning. Dat heeft de bioscoopbezoeker immers thuis ook, dus alleen dáárvoor zou hij geen kaartje kopen.

Nu er in één week toevallig twee recente Hollywood-genrefilms in onze bioscopen verschijnen met een glansrol voor computer en modem, valt te constateren dat de zogenaamde 'cyberspace' als nieuw decor dankbaar geaccepteerd is. Want waar kun je als held eenzamer zijn dan in virtueel contact met de rest van de wereld.

Beide films maken geen enkel geheim van hun verankering in bepaalde genre-tradities. Assassins, geregisseerd door de ervaren en doorgaans commercieel succesvolle Richard Donner (The Omen, Superman, de Lethal Weapon-serie), begint en eindigt op een begraafplaats. Ook in de schaduwrijke belichting van cameraman Vilmos Zsigmond smaakt de in Portland en Seattle gesitueerde actiethriller naar een 'film noir' met schootcomputer. Sylvester Stallone bedient de laptop en draadloze telefoon om in contact te treden met zijn onbekende opdrachtgever, die net zo goed in de hotelkamer naast hem als aan het andere einde van de wereld zou kunnen zitten. Mijmerend over het verleden trekt Stallone een kleurenprintje uit de fax met het portret van z'n levende schietschijf. Opdracht: elimineren of, in zakelijk-eufemistische taal, 'retireren'.

Er is een jonge concurrent op de huurmoordenaarsmarkt, de Stallone intens bewonderende lefgozer Antonio Banderas, die probeert zijn moordcontracten in te pikken. Zoals een contract op het hoofd van een Internet-surfer, slechts bekend onder de inlog-naam 'Miauw', die gestolen data aan drie louche Hollanders (ze spreken Duits) probeert te verkopen. Zodra Stallone oogcontact heeft gekregen met de liefhebster van katten en toetsenborden (Julianne Moore, in Nine Months ongelukkigerwijs zwanger van Hugh Grant), herkent hij haar soort eenzaamheid. Gemeenschappelijk op de vlucht voor Banderas, bekennen ze elkaar de laatste jaren niet meer zó veel tijd in de lijfelijke aanwezigheid van een ander te hebben doorgebracht.

Moore lijkt meer op een mechanica-fetisjiste dan op een echte 'hacker' en de werkzaamheden van Stallone aan het beeldscherm zijn aan zijn intellectuele niveau aangepast: vijf symbooltjes in een keuzebalk, in kapitalen afgedrukte zinnen die meteen binnenlopen zodra hij z'n wachtwoord ingetikt heeft.

Dan is het design van de inlogschermen in de andere cyberthriller, The Net van regisseur Irwin Winkler, heel wat meer overtuigend. Jammer dat de als regisseur minder succesvolle, vaak bekroonde producent Winkler voor zijn derde eigen film een scenario liet schrijven dat de geloofwaardigheid ernstig tart.

Het stramien van The Net is dat van de thriller over de onschuldige eenling, die door anonieme machten achtervolgd en van zijn identiteit beroofd wordt. Zeg: North by Northwest of een andere Hitchcock, subgenre: paranoïa over de almacht van de overheid en haar geheime diensten (Three Days of the Condor). Sandra Bullock, de Amerikaanse Monique van de Ven en de leukste van de courante vrouwelijke filmsterren (Speed, While You Were Sleeping), speelt een thuiswerkende softwarespecialiste die weinig meer buiten de deur komt. Via het Internet, met name de babbelfaciliteit IRC (Internet Relay Chat), spreekt ze nog wel eens iemand, maar zelden IRL (In Real Life). Toevallig komt de onder de codenaam Angel inloggende Bullock in het bezit van een curieuze diskette, die de gebruiker in staat stelt om praktisch elk groot computersysteem via Internet te kraken. Een groepje computerterroristen, de Praetorians, is inmiddels begonnen met vliegvelden, effectenbeurzen en het ministerie van justitie te ontregelen. Gelukkig maar dat net op dat moment een zakenman zijn Gatekeeper-beveiligingssysteem op de markt brengt. Mensen uit Bullocks omgeving beginnen te verdwijnen, en na enkele verrassende gebeurtenissen blijkt ze zelf uit alle denkbare computerbestanden gewist, behalve het opsporingssysteem van de politie. Het wordt tijd om onder te duiken, met een geleende laptop.

Slim speelt Winkler in op de angst voor de gebrekkige privacy-bescherming van grote geautomatiseerde bestanden en het sociale isolement van computer-junkies. Die twee zaken hebben echter niet zo veel met elkaar te maken. Geen politie- of belastingdienst ter wereld, laat staan enige geheime organisatie, zal ooit zijn bestanden aan het Internet koppelen. Het van buitenaf knoeien met gegevens wordt in werkelijkheid gecompliceerd door het bestaan van back-ups en andere reservebestanden. De ontvankelijkheid van de vereenzaamde Bullock voor de eerste de beste tijdens een vakantie ontmoete, naar zal blijken zeer foute man, leidt tot enkele ontroerende scènes; dat hij haar vertrouwen wint via aan Internet ontleende kennis over favoriete filmscènes is een overbodige complicatie, omdat elke lang van liefde verstoken vrouw even gretig aan de mouw van een potentiële partner zou frunniken.

Zo hebben allebei de films voor- en nadelen. Het scenario van The Net rammelt en is onwaarschijnlijk, maar het is wel de spannendste en ondanks de scenarioproblemen en de dramatische vertekening de meest realistische film. Assassins vond ik geestiger en filmisch strakker vormgegeven, en dat geeft wat mij betreft de doorslag. Het is een kwestie van smaak of u liever naar Bullock of Banderas kijkt. Geen van beiden zou in werkelijkheid lang eenzaam blijven. Maar in Hollywood gaat het om de mythe, bij voorbeeld van de onherbergzame woestijn die de elektronische snelweg doorsnijdt. Overal zijn indianen, waanzinnige geleerden en buitenaardse binnendringers! Zo hoort dat wanneer Hollywood nieuwe ontwikkelingen in wetenschap en techniek tot fictie verwerkt.