Samen zwanger op het Tsjechisch platteland

Kráva (De koe). Regie: Karel Kachyna. Met: Radek Holub, Alena Mihulová. In: Den Haag, Haags Filmhuis; Utrecht, 't Hoogt; Eindhoven, Plaza Futura; Breda, Chassé Cinema.

Twee jaar achter elkaar stond de Tsjechische televisiefilm De koe (Kráva) op het programma van het International Filmfestival Rotterdam. In 1994 als buitenlandse première en dit jaar als onderdeel van een klein retrospectief gewijd aan regisseur Karel Kachyna, de in 1924 geboren veteraan van de Praagse lente en daarna ook van menige kinderfilm.

De koe is ook het soort film die het Rotterdamse festivalpubliek graag zien mag: een beetje exotisch, helder verteld en genoeg metaforische aanknopingspunten om er een filosofische beschouwing over leven en dood in te zien.

In de verste uithoek van een dorpje woont een licht achterlijke jongeman met zijn moeder. Op het moment dat de film begint ligt de moeder, onder de zweren, op sterven en moet haar zoon hun enige waardevolle bezit, de koe, verkopen in ruil voor morfine. Bij z'n terugkeer zonder koe is moeder dood. In flash-backs (in sepia) wordt onthuld dat ma er lichte zeden op nahield en dat de jongen als kind zo geschokt was door deze ontdekking dat hij wegliep, struikelde en een hersenbeschadiging opliep.

Wie zo'n scenario verzint (gebaseerd op een boek van Jan Procházka) kan ook straffeloos bedenken dat het meisje dat zich als dienstmeid aandient besluit te blijven nadat de jongen haar verkracht heeft, en dat ze vervolgens gelijk met de nieuwe koe zwanger blijkt, totdat het noodlot opnieuw toeslaat.

Tsjechische televisiefilms van dit kaliber moeten vooral op festivals vertoond worden aan liefhebbers van het plattelandsleven, maar achter het nut van een uitbreng in Nederland (buiten Amsterdam en Rotterdam, merkwaardig genoeg) zou ik een vraagteken willen zetten.