CIA misleidde Nixon en Reagan over Sovjet-Unie

WASHINGTON, 1 NOV. De Amerikaanse inlichtingendienst CIA heeft de presidenten Reagan en Bush in de jaren tachtig en de vroege jaren negentig bewust misleidende informatie over de Sovjet-Unie verstrekt. De oorspronkelijke bronnen van die informatie waren agenten van de Sovjet-inlichtingendienst KGB of stonden onder verdenking dat te zijn. De informatie heeft mogelijk een rol gespeeld bij Amerikaanse beslissingen over aanschaf en ontwikkeling van nieuwe wapens, en over het sluiten van wapenbeheersingsakkoorden.

De directeur van de CIA, John M. Deutch, heeft dit gisteren bekendgemaakt. Deutch, die pas deze zomer is aangetreden, sprak “van onvergeeflijke laksheid”. Hij zei dat het jaren zou kosten de geloofwaardigheid van zijn dienst te herstellen. President Clinton heeft er in een verklaring zijn zorg over uitgesproken dat bepaalde informatie van de CIA “minder dan betrouwbaar” was.

Deutch lichtte gisteren de commissies voor inlichtingendiensten van het Huis van Afgevaardigden en de Senaat in over twee onderzoeken naar de schade die is aangericht door Aldrich H. Ames, de hoge CIA-fuctionaris die in 1994 ontmaskerd werd als informant, 'mol', voor de KGB. Ames heeft negen jaar voor Moskou gewerkt, en een enorme hoeveelheid informatie doorgegeven die heeft geleid tot executie van zeker tien agenten die in de Sovjet-Unie voor het Westen werkten. Hij zit nu een levenslange gevangenisstraf uit.

De inspecteur-generaal van de CIA, Fred Hilz, die het onderzoek naar de gevolgen van Ames' dubbelspionnage heeft geleid, beval aan dat twaalf CIA-functionarissen verantwoordelijk worden gehouden voor hun rol in de affaire. Elf van hen werken inmiddels niet meer bij de dienst. De twee commissies van het Congres hebben Deutch gisteren gevraagd zich te beraden op de positie van de twaalfde.

Volgens Deutch treft zijn drie voorgangers in de jaren waarover het onderzoek zich uitstrekt, William Webster, Robert Gates en James Woolsey, geen blaam. Maar de senatoren Specter en Kerry, voorzitter en vice-voorzitter van de Senaatscommissie voor inlichtingendiensten, stelden dat die drie op de hoogte hadden behoren te zijn van de onbetrouwbaarheid van informatie over de Sovjet-Unie, destijds de belangrijkste vijand van de VS.

Deutch zei dat Ames het de VS in een cruciale periode heel moeilijk heeft gemaakt te begrijpen wat er in de Sovjet-Unie gaande was, doordat hij zoveel agenten die voor de Amerikanen werkten tot dubbelspion maakte. Hij lichtte Moskou in over de manier waarop de CIA functioneerde en spionnen gebruikte. Hij onthulde de namen van agenten en stelde de Sovjet-Unie in staat desinformatie aan het Westen door te spelen.

De affaire-Ames, en de onbegrijpelijk lange tijd dat zijn dubbelspionage onopgemerkt is gebleven, hebben het aanzien van de CIA de afgelopen jaren ernstig aangestast. Ook andere affaires hebben daaraan bijgedragen: dit najaar moest Deutch erkennen dat de CIA begin jaren negentig het Congres welbewust informatie heeft onthouden over onwettige banden die de dienst onderhield met een officier van het leger van Guatemala die in verband is gebracht met twee moorden. In verband met die zaak heeft Deutch twee hoge functionarissen ontslagen en een aantal andere berispt. Het Pentagon, het Amerikaanse ministerie van defensie, maakt van de zwakte van de CIA gebruik om zijn eigen inspanningen op het gebied van spionage en buitenlands inlichtingenwerk uit te breiden.