SPD volgt stemming tegen EMU

BONN, 31 OKT. Staat de SPD voor een Europese waterscheiding, en voor een principiële verandering van haar Europese politiek? Is de consensus onder de grote Duitse partijen aangaande de Europese integratie zo meteen echt naar de knoppen? Krijgt de regeringscoalitie van kanselier Helmut Kohl het dadelijk nog moeilijker met het thema-Europa doordat de aangeslagen SPD op de golf van snel groeiende publieke angst en afkeer van de Economische en Monetaire Unie (EMU) en het geplande verdwijnen van de D-mark gaat zitten en daarmee in de campagne voor de Bondsdagverkiezingen van 1998 haar voordeel wil doen?

Of is het eerder zo dat Scharping, wiens gezag in de noodlijdende SPD nog maar heel middelmatig is, na de zware SPD-nederlaag in de Berlijnse verkiezingen van een week geleden in paniek naar een nieuw, min of meer anti-Europees wapen heeft gegrepen zonder te beseffen dat hij daarvan zelf slachtoffer zou kunnen worden?

Heeft hij, verontwaardigde reacties van SPD-leden van het Europese parlement wezen daar gisteren al op, zijn kritische opmerkingen over de EMU niet alleen “intern” slecht gecoördineerd maar ook slecht doordacht?

Het heeft, voor zover het om de SPD zelf gaat, ironische waarde dat Scharping en zijn voornaamste partij-interne tegenvoeter en concurrent Gerhard Schröder, premier van Nedersaksen, blijkbaar de afgelopen dagen tot identieke conclusies zijn gekomen. Namelijk dat economische argumenten en niet, zoals Scharping het zei, “het ene of andere (politieke) idee”, beslissend moeten zijn voor het antwoord op de vraag met welke landen de Economische en Monetaire Unie in 1999 haar belangrijke derde fase ingaat.

De fase ook waarin de kostelijk-stabiele D-mark zal worden vervangen door “Eurogeld”, dat Beierse CSU'ers alvast wel eens smalend, “esperantogeld” noemen.

Pagina 3: Scharping geeft Kohl er een 'klus' bij

Ironisch is het bijvoorbeeld dat Scharping nog maar twee maanden geleden met bijna unanieme steun van zijn partijbestuur Schröder afzette als economisch woordvoerder van de SPD. De druppel die de emmer voor de geplaagde Scharping deed overlopen was eind augustus Schröders opmerking dat er geen verschil is tussen socialistische en conservatieve (CDU-) economische politiek en dat het in Duitsland veel meer moet gaan om modern economisch beleid. Scharping stelt zich nu, net als Schröder, als een soort apolitieke economische purist op inzake de EMU. Door namelijk te zeggen: nee, niks politiek, economische criteria tellen, verder niets.

Vooral Scharpings vermaan dat naast economische argumenten straks niet het “ene of andere idee” beslissend voor het EMU-proces mag zijn was ongelukkig geformuleerd. Dat “ene of andere idee”, dat achtereenvolgende kanseliers van de Bondsrepubliek heeft beheerst, van Konrad Adenauer en SPD'ers als Willy Brandt en Helmut Schmidt tot de CDU'er Kohl vandaag, is namelijk feitelijk een constante hoeksteen van beleid: de Duitse politieke integratie in Europa, de West-Bindung, die Duitslands vaak verspeelde stabiliteit moet verzekeren en het Land der Mitte aan Rückhalt moet helpen in de omgang met Oost-Europa.

Wat dat betreft was Scharpings opmerking méér dan een opportunistische slip of the tongue, een populistisch hulpmiddel voor een partij in nood, zoals de CDU gisteren zei. Nee, zij herinnerde enigszins aan het verloren gevecht dat SPD-leider Kurt Schumacher in de jaren vijftig voerde tegen Konrad Adenauers West-Politik, waarvan onder meer het Duitse lidmaatschap van de NAVO en de EEG en - wat later - de as Bonn-Parijs de uitdrukking werden. Scharpings opmerking herinnerde bovendien aan de Duitse rakettenstrijd in de jaren tachtig (binnen de SPD en tussen de SPD en Kohls coalitie met de FDP van Genscher), die ten diepste ook ging om de verankering van de Bondsrepubliek in de NAVO en Europa. Dat was trouwens een strijd waaraan het ontzuilde (of “herzuilde”) Nederland met zijn exportartikel “hollanditis” zo'n aandacht-trekkende, maar uiteindelijk niet-beslissende bijdrage mocht leveren. Het Nederland van het Komitee Kruisraketten Nee en premier R.F.M. Lubbers, die dadelijk wellicht secretaris-generaal van de NAVO wordt. Als een mens tenminste mag afgaan op al die in de stijl van “Holland spreekt wel degelijk een woordje mee” gehouden berichten dienaangaande. Wat dat betreft zouden Albert Plesman, Anthony Fokker, Huub van Doorne en Ajax-trainer Louis van Gaal binnenkort met die Ruud Lubbers meereizen naar Brussel.

Er zijn nog een paar notities met ironische waarde te maken bij het in de krant van gisteren weergegeven Europese SPD-actionisme van Scharping en zijn vriend Schröder. Want wat zij zeiden over het belang van ernstige toepassing van de EMU-toetredingscriteria verschilde eigenlijk helemaal niet zo erg van de opvatting die de Duitse regering (en de Bundesbank) heeft en ook wel moet hebben om een deel van het Duitse bedrijfsleven en het electoraat te verzoenen met de EMU en het einde van de D-mark. Het zijn opvattingen zoals minister Theo Waigel (CSU, financiën) die ook heeft en die hij onlangs eerder openhartig dan tactisch weergaf toen hij zo negatief sprak over de kansen van Italië om al in 1999 tot het eerste EMU-gelid te behoren (waarvoor hij trouwens kritiek van de SPD kreeg: “Waigel loopt als een olifant door de Europese porseleinkast”).

Als de EMU in 1999 niet, of nog niet, gaat lukken, zoals menige scepticus in en buiten Duitsland vreest of (bij de Bundesbank en in Duits-nationale kring) hoopt, zal waarschijnlijk een later ingangsjaar moeten worden afgesproken. De SPD, die zoekt naar een thema dat het zicht op haar interne verdeeldheid kan verhullen en de kiezers aantrekt, kan wat Scharping en Schröder betreft niet zolang wachten. Ook in dat opzicht geldt, zoals afgelopen weekeinde bleek, dat nationale partijbelangen wel eens voorrang kunnen krijgen boven mooie Europese idealen, zeker als grote groepen kiezers dat ook zo zien. Zelfs Groenen-chef Joschka Fischer roept, in weerwil van een partijprogramma dat hem eigenlijk diskwalificeert voor het Europese of enig ander internationaal debat (op dat stuk leidt hij zelfs een partij van eigentijdse “hadjememaars”) de media op “persoonlijke titel” toe dat Duitslands toekomst echt in de EU moet liggen.

Scharping zei gisteravond in Israel, waar hij op bezoek is, dat hij zeker geen anti-Europese positie heeft willen kiezen. Dat klonk als een retirade, die nog wel een vervolg zal krijgen. Maar van de verdenking dat hij wegens de SPD-nood garen heeft willen spinnen met anti-Europese sentimenten in Duitsland, zal hij niet zo snel afkomen.

Kanselier Kohl heeft er nu een klus bij: namelijk voorkomen dat Scharpings “vergissing” betekenis krijgt voor het Europese debat. En CDU-voorzitter Kohl heeft er een klus bij: verhinderen dat zijn partij- en coalitiegenoten de SPD in de rol van een anti-Europese partij drukken en daarmee de nationale consensus op de weg naar de EMU werkelijk om zeep te helpen. Zo gezien moet de Europeaan Kohl de komende tijd ook een beetje voor de SPD zorgen. Wat verweet minister Klaus Kinkel (buitenlandse zaken, FDP) het duo Scharping en Schröder?

“Goedkoop populisme.”

Wat zei hij verder?

“De Europese monetaire integratie is niet 'het een of andere idee' ”, maar “hèt centrale thema van de Europese politiek in de komende jaren”.

    • J.M. Bik