Klassieke auto's verliezen terrein in India; Steeds meer buitenlandse producenten sluiten joint ventures

NEW DELHI, 31 OKT. De Indiase automarkt, die zich achter hoge tariefmuren tientallen jaren met een slakkegang ontwikkelde, is dankzij de economische liberalisering van de laatste jaren eindelijk in de hoogste versnelling geraakt. Het aantal nieuwe auto's op de weg neemt snel toe en bijna elke maand sluit een groot internationaal concern wel een akkoord met een Indiase partner over de produktie van een nieuw model.

Rijke Indiërs kunnen sinds deze maand zelfs hun hart ophalen bij de eerste in India geproduceerde luxe auto, de Mercedes E-220, die ruim 100.000 gulden zal kosten. Het eerste exemplaar werd feestelijk gepresenteerd. De E-220's worden via een joint venture met het Indiase Telco, een dochter van het enorme Tata-concern, in een fabriek in de westelijke stad Pune geproduceerd.

Vorige maand kondigde Hindustan Motors aan dat het samen met het Japanse Mitsubishi een kleine personenauto zal produceren. Het Amerikaanse Ford maakte bekend dat het honderden miljoenen dollars investeert om samen met zijn partner, jeepfabrikant Mahindra & Mahindra, kleine auto's, vermoedelijk Fiestas, te maken.

Andere ondernemingen zijn al verder. De eerste Cielo's, het resultaat van een joint venture van het Zuidkoreaanse Daewoo en het Indiase DCM, rijden sinds deze zomer rond, daarbij menige Indiër het hoofd op hol brengend. “Tsjee, zo'n auto heb ik nog nooit gezien”, aldus een jonge Indiase vrouw in New Delhi. “Wat een mooie!”

De heerschappij van de oeroude Ambassador, een Morris-model uit de jaren vijftig, en een al even anachronistische Fiat-imitatie van Premier, die nu nog het straatbeeld in India bepalen, lijkt voorgoed voorbij. Waren ze de afgelopen jaren in produktie al ruimschoots overvleugeld door Maruti, een joint venture van de Indiase regering en Suzuki, in de nabije toekomst lijken ze kansloos tegen de aanstormende concurrentie. Een deel van die concurrentie komt trouwens van projecten die Premier en Hindustan Motors, de fabrikant van de Ambassadors, zelf hebben ondernomen.

Er zit veel in het vat. Premier heeft een overeenkomst gesloten met het Franse Peugeot voor de assemblage in India van Peugeot 309-modellen. De eerste exemplaren moeten dit jaar op de markt verschijnen. Datzelfde geldt voor Opel Astra-modellen, die General Motors en Hindustan Motors zullen vervaardigen.

Premier heeft verder overeenstemming bereikt met Fiat over de introductie van de Fiat Uno volgend jaar, terwijl Volkswagen een jaar later met zijn partner Eicher Motors personenwagens wil maken, vermoedelijk de Golf. Voorts denkt Telco op eigen houtje een goedkope, kleine personenwagen te maken, die eveneens rond 1997 op de markt moet komen. Ook het Duitse BMW en het Japanse Honda zijn naar verluidt op zoek naar een geschikte Indiase partner.

Het enthousiasme van de internationale autobranche voor India is voor een groot deel ingegeven door de snelle groei van het aantal verkochte auto's in het land van de afgelopen jaren. In 1992-93 bedroeg het aantal verkochte auto's nog ruim 165.000, een jaar later al bijna 210.000 en in 1994-95 ruim 240.000. De verwachting is dat de vraag naar auto's tegen het einde van de eeuw ongeveer 800.000 exemplaren per jaar zal bedragen. En het lijkt waarschijnlijk dat de groei ook daarna zal aanhouden.

Het merendeel van de vraag, volgens deskundigen zo'n 70 procent, richt zich op de goedkopere modellen, want ondanks de grotere welstand van de Indiase middenklasse heeft zelfs de toplaag daarvan nog bij lange na niet de koopkracht van de gemiddelde westerling. De best verkopende auto van het ogenblik is de Maruti-800, die zo'n 10.000 gulden kost.

De reden dat de fabrikanten van de archaïsche Ambassadors en Fiat Padmini's het hoofd nog redelijk boven water houden is dat zij nauwelijks meer voor hun auto's vragen dan Maruti, terwijl ze wel langer meegaan. Voor een weinig vermogende taxi-chauffeur - veel Ambassadors en Padmini's worden als taxi gebruikt - is dat een cruciale overweging. Voor veel Indiërs geldt: het geeft niet hoe mijn auto er uitziet, als hij maar beweegt en niet te duur is. Daarnaast slijt Hindustan Motors veel Ambassadors aan de overheid als dienstauto.

De kunst voor de nieuwkomers op de Indiase automarkt zal zijn om auto's te produceren die zich niet alleen in kwaliteit maar ook in prijs met de huidige producenten kunnen meten, in het bijzonder met Maruti, de huidige marktleider die bijna driekwart van de personenwagenproduktie voor zijn rekening neemt.

Maruti heeft de afgelopen twaalf jaar veel ervaring op kunnen doen en is erin geslaagd het overgrote deel van de onderdelen uit India zelf aan te leveren, waardoor er minder importtarieven hoeven te worden betaald. Het concern beschikt niet alleen over fabrieken met een capaciteit voor de produktie van meer dan 200.000 auto's per jaar, het heeft bovendien een geolied netwerk van verkopers en contacten met banken, die de aanschaf van Maruti's door particulieren helpen financieren.

Het enige bedrijf binnen India dat Maruti op termijn zou kunnen bedreigen, is Telco, dat op het ogenblik zegt bezig te zijn met de ontwikkeling van een betere kleine auto dan de Maruti-800 voor dezelfde prijs. Telco ontleent zijn faam vooral aan zijn Tata-vrachtwagens. Het bedrijf heeft zo'n tweederde deel van de markt in handen. Daarnaast heeft het een goed lopende terreinwagen, de Sumo, ontwikkeld en de Tata Sierra-station car. Volgens deskundigen is Telco de enige die voldoende technische kennis en financiële middelen in huis heeft om binnen enkele jaren Maruti naar de kroon te steken.

Sommige analisten menen dat er op termijn ondanks de snelle groei van de markt vermoedelijk geen plaats zal zijn in India voor grote aantallen verschillende producenten. Ze wijzen erop dat zelfs in grote autolanden als Duitsland en Frankrijk niet meer dan hooguit een handvol grote autoproducenten bestaat.

De buitenlandse autofabrikanten denken echter niet louter aan de Indiase markt. Menigeen hoopt vanuit India een deel van de nieuwe auto's naar andere landen te kunnen exporteren. Zo is de bedoeling dat de helft van de 20.000 Mercedessen van de E-serie uit Pune naar het buitenland gaat. Ook Maruti exporteert al een deel van zijn produktie, onder andere naar Nederland.