Chirac en Major: onze vitale belangen nucleair verdedigen

LONDEN, 31 OKT. Tegen een decor van nationale vlaggen die elkaar kruisten, verklaarden de Britse premier Major en de Franse president Chirac gisteren dat ze elkaars “vitale belangen” desnoods met kernwapens zullen verdedigen.

Eerder heeft Frankrijk aan Bonn bezworen dat het een aanval op Duitsland als een bedreiging van zichzelf zou beschouwen. Het was voor het eerst dat Parijs en Londen tegenover elkaar eenzelfde formule hanteren. Dat gebeurde gisteren aan het eind van een tweedaags bezoek van de Franse president aan Groot-Brittannië, de zevende ontmoeting van beide regeringsleiders in zes maanden tijd.

Niet alleen die frequentie, ook de vriendschappelijke toon waarop Chirac en Major elkaar aanspreken, demonstreert een Frans-Britse toenadering die scherp afsteekt bij de wederzijdse argwaan in het tijdperk van Mitterand en Thatcher.

De Franse president is weliswaar nog niet in het gezelschap van John Major een dranklokaal ingestapt, hij heeft nog niet samen met zijn Britse collega van het bier genipt - dat zijn privileges die hij de Duitse bondskanselier Helmuth Kohl voorbehoudt. Maar Chirac noemde gisteren zijn gastheer al wel 'mon cher John'.

De persconferentie gistermiddag werd door beide regeringsleiders eendrachtig geleid, wel ieder achter zijn eigen spreekgestoelte, maar regelmatig blikken van verstandhouding wisselend. Chirac sprak over “een kentering” in de relaties tussen beide landen “zonder een spoor van agressie of boosheid”. Major proclameerde “een mondiaal bondgenootschap”.

'Uw vijand is onze vijand', luidde hun boodschap die associaties met de lijfspreuk van de Drie Musketiers oproept: 'Eén voor allen, allen voor één.'

De twee landen hebben gisteren met een aantal overeenkomsten inhoud gegeven aan de nieuwe betrekkingen. Zowel op nucleair terrein als op het terrein van de conventionele wapens willen ze hun samenwerking intensiveren. Ook willen ze samen de ontwikkeling van nieuwe militaire apparatuur ter hand nemen.

Bovendien zullen de activiteiten van beide landen gericht op de bestrijding van drugssmokkel en terrorisme op elkaar worden afgestemd.

Pagina 4: Major: Chirac had geen andere keus

Groot-Brittannië en Frankrijk lanceerden gisteren een reeks van initiatieven op het gebied van militaire samenwerking. 's ochtends hadden Chirac en Major al het officële startsein gegeven voor de Frans-Britse Euro Air Group, die het troepentransport bij humanitaire en vredes-operaties moet coördineren. 's Middags kondigden ze “voortzetting en verdieping” van de nucleaire samenwerking aan. Een commissie van deskundigen uit beide landen zou overeenstemming hebben bereikt over een gezamenlijke nucleaire reactie op een buitenlandse dreiging. Een kernwapen met beperkte vernietigende kracht zou als 'waarschuwingsschot' dienen als één van beide landen wordt bedreigd.

De beide regeringsleiders kondigden gisteren ook aan dat ze hun krachtenbundeling op het terrein van de conventionale strijdkrachten willen intensiveren. Nieuwe militaire apparatuur zal zoveel mogelijk samen worden ontwikkeld en er wordt gestreefd naar een gezamenlijk militair communicatiesysteem. De twee landen gaan ook nauwer samenwerken bij de bestrijding van drugssmokkel en terrorisme.

Tekenender voor de renaissance in de betrekkingen tussen beide landen was de manier waarop de regeringsleiders met politieke verschillen omgingen. Frankrijk had zich al eerder erkentelijk getoond dat Groot-Brittannië als één van de weinige grote landen de Franse kernproeven niet heeft veroordeeld. Gisteren ging de Britse premier nog een stapje verder, daarmee de demonstranten voor het Britse ministerie van buitenlandse zaken negerend, en de woede van de Gemenebest-conferentie volgende week in Nieuw-Zeeland bij voorbaat trotserend. Hij zei dat Chirac “geen andere keus had” en dat hij de president daarom zijn vollege steun had aangeboden.

Als tegenprestatie toonde Chirac zich een en al begrip voor de Britse reserves ten aanzien van de Europese economische unie. Hij herhaalde wat hij eind vorige week in Bonn had beloofd dat Frankrijk alles in het werk zou stellen om aan de criteria voor de Monetaire Unie te voldoen. Maar hij onderstreepte dat beide landen “nu eenmaal niet identiek zijn” en dat Groot-Brittannië op basis van de eigen belangen over toetreding tot de Unie moet beslissen.

Frankrijk zoekt in Groot-Brittannië een tegenwicht voor de machtige bondgenoot Duitsland. Groot-Brittannië ziet in Frankrijk een partner in de strijd tegen verdergaande Europese integratie. Twee middelgrote naties die bang zijn om geplet te worden in het geweld van de wereldmachten, vinden elkaar in een gelegenheidspact.

    • Dick Wittenberg