Warren Christopher kondigt oprichting bank voor het Midden-Oosten aan; Industrieel akkoord Israel en Jordanië

TEL AVIV, 30 OKT. De Israelische chemische industrie en een Jordaanse fosfaatfabriek hebben gisteren in de Jordaanse hoofdstad Amman een overeenkomst getekend voor het opzetten van een gezamelijke onderneming voor het winnen van broom uit de mineralen van de Dode zee. Deze eerste grote Israelisch-Jordaanse onderneming zal verrijzen op de Jordaanse oever van de Dode Zee en jaarlijks 25.000 ton broom produceren. Met de investering is een bedrag van vijftig miljoen dollar gemoeid.

Vandaag zal in Amman ook een akkoord voor de levering van aardgas uit Qatar aan Israel worden aangekondigd. Een Amerikaanse maatschappij Enron zal het gas volgens de Jerusalem Post van vandaag winnen uit een offshore veld met een totale reserve van zeven biljoen kubieke meter. (Ter vergelijking: de oorspronkelijke reserve van het gasveld in Slochteren bedroeg 2,68 biljoen kubieke meter). Tankers zullen het gas uit Qatar door het Suezkanaal naar Israel vervoeren.

Israel verwacht dat de gisteren in de Jordaanse hoofdstad Amman onder zeer scherpe veiligheidsmaatregelen geopende economische conferentie voor de ontwikkeling van het Midden-Oosten en Noord-Afrika tot nog enkele overeenkomsten zal leiden die Israels economische integratie in een “nieuw Midden-Oosten” zullen bespoedigen. Professor Shimon Shamir, Israels ambassadeur in Amman, zei vanmorgen in een radio-vraaggesprek dat er van Arabische zijde ditmaal geen klachten zijn over opdringerigheid van de Israelische delegatie, zoals het geval was tijdens de eerste economische conferentie vorig jaar in Casablanca. “Toen waren we nog groentjes”, zei hij.

Aan de conferentie in Amman nemen regeringsleiders, onder wie Israels premier Yitzhak Rabin en de Palestijnse leider Yasser Arafat, en vooraanstaande zakenlieden uit het Midden-Oosten, de VS, Europa en Azië deel.

Hoewel de nadruk in de openingstoespraken lag op het belang van economische groei voor vrede en politieke stabiliteit in het Midden-Oosten manifesteerden zich meningsverschillen over het opzetten van een ontwikkelingsbank voor het Midden-Oosten, het volledig afschaffen van de Arabische economische boycot van Israel en Israels politiek in de bezette gebieden. De Amerikaanse minister van buitenlandse zaken, Warren Christopher, kondigde in zijn toespraak, ondanks nog te overwinnen verzet van enkele Europese en Arabische landen, de oprichting aan van een bank voor “economische samenwerking en ontwikkeling van het Midden-Oosten en Noord-Afrika”.

De onderhandelingen over de activiteiten en financiering van deze omstreden bank zullen pas tegen het einde van dit jaar worden afgerond. Gunter Rexrodt, de Duitse minister van economische zaken, opperde gisteren in Amman bezwaren tegen de hoge kosten die gemoeid zijn het oprichten van deze bank. Ook twijfelde hij aan het nut van nóg een financiële instelling, naast de Wereldbank, die zich moet bezighouden met het vergaren van fondsen voor de ontwikkeling van de economie in de regio.

Jossi Beilin, de Israelische minister van economische planning, zei gisteren tegen het blad Ha'arets dat aan de vooravond van de opening van de conferentie in Amman tot de oprichting van de bank is besloten. Deze zal in Kairo zijn hoofdkwartier krijgen en een secretariaat in Amman hebben. Minister Christopher kondigde gisteren eveneens het oprichten van een regionaal bureau voor de promotie van toerisme naar Midden-Oosten aan en een raad voor economische samenwerking tussen de betreffende landen. Gisteren werd eveneens in Amman een overeenkomst getekend voor het oprichten van een zakenforum dat contacten tussen zakenlieden uit Israel, Egypte, Jordanië en de Palestijnse nationale autoriteit moet bevorderen.

Terwijl premier Yitzhak Rabin op de deelnemers aan de conferentie een beroep deed “nu in vrede te investeren” viel de Palestijnse leider Yasser Arafat in nogal scherpe bewoordingen Israels veelvuldige afgrendelingen (om veiligheidsredenen) van de strook van Gaza en de Westelijke Jordaanoever van Israel aan. Volgens de Palestijnse leider verliest de Palestijnse economie als gevolg van deze Israelische politiek op de dagen van de afsluiting zes miljoen dollar per dag aan inkomsten uit Palestijnse arbeid in Israel en het ophouden van export van landbouwprodukten.

Volgens Arafat is de daardoor aan de Palestijnse economie toegebrachte schade groter dan de internationale hulp die de Palestijnse nationale autoriteit, na de tekening van het akkoord van Oslo in 1993, van de internationale gemeenschap heeft gekregen. Arafat haalde in aanwezigheid van minister Christopher ook scherp uit naar het besluit van het Amerikaanse congres om de Amerikaanse ambassade in 1999 van Tel Aviv naar Jeruzalem te verplaatsen en omschreef dit besluit als “verwoestend voor het vredesproces”.

De oproep van minister Christopher om de economische boycot van Israel volledig op te heffen stuitte o.a. op verzet van Saoedi-Arabië dat weliswaar voor het opheffen van de indirecte boycot is, maar geen rechtstreeks handelsbetrekkingen met Israel wil aanknopen zolang de vrede in het Midden-Oosten zich niet tot Syrië en Libanon uitstrekt.